Zijn naam was Noël, doctorandus in de Rechten. Hij was jong en ambitieus; wonende in een stad waar niemand hem kende en waar hij zich eenzamer voelde dan ooit. Ik was zo gelukkig toen ik hem voor het eerst zag; toen ik hem op dat nachtelijk tijdstap ergens in de winter meenam naar mijn sombere achterkamer die in één klap lichter werd. Hij, lief, intelligent, sociaal, gevoelig mens. Hoe kon ik niet van hem houden?
Hoe kon ik hem niet met open armen in mijn leven verwelkomen? Ook ik voelde mij eenzaam. En ook ik woonde in een stad waar niemand mij kende en de liefde een verborgen taal leek te spreken. Maar wij spraken met elkaar, en wij verstonden elkaar. We lachten, luisterden, dronken en rookten. ‘Met hem wil ik oud worden,’ dacht ik die nacht. En sindsdien was hij het die mij iedere dag belde.

Vanaf die eerste dag geloofde hij in mijn onbegrensdheid; de uiteindelijke overwinning van mijn kwetsbaarheid – mijn schroom te durven zijn wie ik ben. Het tegendeel bleek waar. Vooral nu, zonder zijn lijfelijke aanwezigheid. Zonder zijn bemoedigende woorden. Ik ben niet onbegrensd, ik kan slechts doen wat er in mijn vermogen ligt, en kwetsbaar zal ik altijd zijn – mijn genen staan mij niet anders toe.

Er was niets dat ik liever wilde dan samen met hem gelukkig worden. Hoe dan ook, op welke wijze ook. Ik gaf hem al wat ik te geven had: mijn liefde, remmingen, vreugde, tekortkomingen. Ik dacht dat ik hem begreep, ik wilde hem begrijpen, maar alles wat ik zag was slechts het topje van hem; dat wat hij liet zien en dat wat ik dacht te zien. Hoe voelde hij zich precies? Hoever kende ik hem? Mijn idealist, mijn jurist, mijn beste vriend en altijd optimistische metgezel. ‘Snap je?’ vroeg hij altijd wanneer hij mij iets probeerde uit te leggen. Maar ik snap het niet, ik snap niet dat hij weg is.

Nu lijkt er alleen nog ruimte te zijn voor woede, giftige woorden, laatdunkende uitlatingen, minachting, haat, verwijten en frustratie.
Maar lieve Noël, ik heb van je genoten, met je gelachen, om -en met je gehuild. Ik was trots op je, op ons, en soms herkende ik mezelf in je.

Vergeef mij als ik je tekort heb gedaan, vergeef mij als ik het je, waar dan ook mee, moeilijk heb gemaakt. Vergeef mij als ik je ooit heb laten ‘zwemmen’. Te weinig van mij liet zien of horen. Vergeef mij de keren dat ik je het gevoel gaf dat ik je in steek liet. Het was onvermogen, ik ben incompleet. Vergeef mij als ik je alleen heb gelaten. Weet dat ik het weet. Dat ik dat nooit meer zou doen.

Zijn naam was Noël, doctorandus in de Rechten. Ik was zo gelukkig toen ik hem voor het eerst zag. Mijn verdriet nu kent geen grenzen.

Categorieën: Liefde

17 reacties

Prlwytskovsky · 15 maart 2009 op 18:51

Jouw eerste column dit jaar, en wat voor eentje: een beauty van een story.

Maar Amaai Troy: wat een ellende!
Ga door: Carpe diem!
Horen wij jou voortschrijdende gevoelens?

SIMBA · 15 maart 2009 op 19:03

Jeetje Troy, wat een verdrietig stukje tekst. Verdrietig maar zo ontzettend ontroerend en mooi!

doemaar88 · 15 maart 2009 op 19:51

In een woord; prachtig! Ben er even stil van

LouisP · 15 maart 2009 op 22:07

T.
heel mooi geschreven. En triestig.
Zijn die min-tekens bewust gezet?

L.

KawaSutra · 15 maart 2009 op 23:42

Verloren liefde, schuldgevoel, verdriet.
Over leven!

arta · 16 maart 2009 op 07:56

Wat een pracht van een stuk!
🙂

maurick · 16 maart 2009 op 08:48

Weinigen kunnen mij door geschreven woorden emoties laten tonen, jou is het echter wel gelukt.
Een prachtstuk!

pally · 16 maart 2009 op 09:46

Erg mooi, Troy, verdrietig, maar niet over de top.
Het raakt en je maakt het universeel: het menselijk onvermogen.
:wave:
Moest juist aan je denken, gister, omdat ik je hier niet meer zag…

groet van Pally

Germa · 16 maart 2009 op 11:17

Heel mooi en treffend geschreven, prachtig.
De liefde blijft toch lastig, soms.

Groetjes
Germa

Dees · 16 maart 2009 op 12:02

He he, daar ben je. Ik vind het mooi en gevoelig Troy, zelf word ik altijd boos als iemand mijn hart breekt. Dit is mooier.

Dikke aai over je bol.

Dees

Ps. en voor jou nog even van de man die voor elk verdriet wel een rake tekst heeft.

[i]We do crazy things when we’re wounded, everone’s a bit insane…[/i]

http://www.youtube.com/watch?v=NXhjbNfMY7M

Kuin · 16 maart 2009 op 12:29

Waarom stel je jezelf zo kwetsbaar op? Is dit een laatste poging om hem terug te krijgen? Je mag jezelf best wat meer laten gelden hoor. Het zal toch niet allemaal aan jou hebben gelegen? Wel ontzettend mooi beschreven, maar als je het mij vraagt stel je jezelf iets te kwetsbaar op. Mocht die zelfreflectie als gevolg hebben dat je zaken als deze zo op papier kunt zetten; ga dan zo door!
Sterkte!

Mosje · 16 maart 2009 op 16:30

Sterkte ermee Troy. Ik had nog een mooie ironische opmerking over liefde in gedachten, maar die vertel ik je een andere keer wel.

Mien · 17 maart 2009 op 00:22

Ik dacht even in een kerstgedachte beland te zijn.
Blijkt het ware liefde te zijn.
De liefde en haar wee mooi gevat Troy.

Mien

Marley_jane · 17 maart 2009 op 04:02

Mooi. Ik voel je verdriet.

lisa-marie · 17 maart 2009 op 18:30

Het onvermogen dat je uitdrukt daar krijg ik kippenvel van, prachtig!

KingArthur · 17 maart 2009 op 19:54

Ik kan weinig toevoegen aan de reacties van de anderen. Mooi en kwetsbaar geschreven.

senahponex · 18 maart 2009 op 10:37

Indrukwekkend geschreven en zoals Bergmans ooit
schreef
“het menselijk geluk een bron van zorg en verdriet”

Geef een antwoord