De teloorgang van je favoriete cabaretier? Dat mag je wel zeggen. Als je tenminste op zondagmiddag 11 oktober een kaartje had weten te bemachtigen voor de voorstelling ‘Freek alleen’. Plaats: de grote Theaterzaal van Beeld en Geluid in het Hilversumse Mediapark.
Ik had zo’n kaartje.
Spijt heb ik. Als haren op m’n hoofd. Veertig jaar lang volg ik z’n carrière al. Vanaf de eerste try-outs van Neerlands Hoop, ver weggestopt op de zolderverdieping van het Amsterdamse Shaffy Theater. Vernieuwend ‘cabaret’ dat meedogenloos brak met de gevestigde tradities. Cool, dorstlessend, schokkend en hilarisch theater waarbij je als ware liefhebber vaak naar de punt van je stoel werd gezogen. De sporadische uitglijers, want die waren er uiteraard ook, nam je in de loop der jaren voor lief. Als een artiest de ballen heeft om voortdurend experimenterend bezig te zijn, moet je niet zeuren.

Van zijn treurige media-optredens heb ik al langer m’n buik meer dan vol. Iedere keer als ie opduikt bij praat/babbelprogramma’s als P&W of DWDD, haast de domineeszoon zich te profileren als de dikwijls zwaar verongelijkte, predikende moralist en wereldverbeteraar die, nu off stage, het misslaan van planken tot z’n core business heeft verheven. Waarbij hij en passant z’n collega’s in het vak, overlopend van het zuur, ongenadig de oren wast.
Maar ook weer de Freek waarvoor ik in 2007 en 2008 jaar maar liefst twee keer naar het Mokumse Compagniestheater trok. ‘De laatste lach’ was de eerste keer al prachtig, al zaten er nog wat schoonheidsfoutjes in. Maar zeker de tweede keer was ik ademloos getuige van een stuk toptheater.

Als levende artiesten zich na of in de nadagen van hun carrière wagen aan een overzichtstentoonstelling, moet je op je tellen passen. Beeld en Geluid presenteerde er vorig jaar eentje over Van Kooten en De Bie. En ik moet zeggen: ik kwam daar, ondanks dat ik het grootste deel van hun oeuvre in de kast heb staan en in weerwil van m’n reserves, volledig aan m’n trekken. Klasse!

Nu Freek dus. Het kan niet op. ‘Kijk dat is Freek’.
Een levende artiest met de pretentie z’n partijtje aan de top nog steeds in volle glorie mee te kunnen blazen die Beeld en Geluid vol plempt met overtuigende bewijzen van z’n grootheid? Of zijn het de laatste stuiptrekkingen van een comedian op z’n retour die de jonge garde (Theo Maassen, Ronald Goedemondt) links en rechts ziet voorbijschieten? Ik hoop het niet maar ik vrees het ergste. Uit alle ronkende publiciteit rond de Muiderbergse Meester trok ik de conclusie dat ik die expositie in ieder geval maar eens aan me voorbij diende te laten gaan. Ik heb m’n eigen dierbare herinneringen aan de vele prachtige momenten die ik in veertig boeiende jaren beleefde. En die koester ik. Het riekt me allemaal een beetje te veel naar een iets te groot Ego dat zich slechts lijkt te omringen met lieden, echtgenote Hella vermoedelijk voorop, die met weinig kritische zin zijn eroderende grootheid slechts lijken te willen bevestigen.
En dat is godsgruwelijk jammer.
Maar als ie met ‘Alleen’, dat ie zelf probeert te verkopen als een conference met nieuw repertoire, ter omlijsting van de expositie de Bühne bestijgt, sta je als rechtgeaarde fan in de rij.

Op het toneel: een tafeltje met z’n langzamerhand onafscheidelijke laptopje, een vleugel en…. een elektrische gitaar. Gitaar? Jazeker.
Een beetje zanger kun je Freek nauwelijks noemen. In combinatie met Bram Vermeulen kon het er evenwel prima mee door. Leunend op z’n door de jaren heen welverdiende krediet was z’n karakteristieke rauwe stemgeluid als solist met een enkel nummertje op den duur best te pruimen. Het kreeg zelfs iets aardigs. Maar toen er een vleugel op het toneel verscheen, zette het krommen van de tenen zich in alle hevigheid in. Zolang hij echter professionals als Robert-Jan Stips om zich heen verzamelt, komt ie er nog aardig mee weg. Maar solo?
Na een minuut of twintig maakte de vrees zich van je meester getuige te zijn van een allereerste leesrepetitie voor een naderend optreden in Carré. Leesrepetitie? Het is toch niet waar? Nog te besodemieterd om het vooraf thuis even een beetje door te nemen. Zelfs het foutloos voorlezen van een veel te lange passage uit z’n eigen boekje Zaans Veem was iets te veel van het goede. Hakkelend, zinnen overslaand waardoor het verband totaal zoek raakte, worstelde hij zich door het nostalgische repertoire. Hoezo nieuw? Driekwart van het programma herkende de trouwe bewonderaar moeiteloos. Gewoon: Ouwe wijn in nieuwe zakken. De liedjes? Dilettantistisch begeleid op de piano waagde hij zich aan ‘De Vondeling van Ameland’. Qua sfeer beslist niet beroerd. Maar bij het op meer dan gênante wijze verkrachte ‘Opa’, ooit prachtig vertolkt door Bram die de rillingen over je rug toverde, begonnen de vliezen op de derde rij al aardig te breken.
Het absolute dieptepunt diende zich aan toen de Meester naar de elektrische gitaar greep. Een op een accoord voorgestemde gitaar, een trucje van Bram, waarmee iedere boerenlul die thuis de moeite neemt om een half uurtje te oefenen goeie sier kan maken.
Niet echter Freek. ‘Quo Vadis’ was een regelrecht drama. Na een half tweede liedje (inderdaad, voor zover ik kan achterhalen: nieuw) kapte hij ermee, zich excuserend met ‘dit vereist nog enige oefening’. Waarna hij de tekst maar verder declameerde. In betere tijden wist je dat zoiets een uitgekiende, subtiele act was. Toon jezelf kwetsbaar en je hebt de lachers op je hand. Maak het de kat maar wijs. Het was de keiharde werkelijkheid van een artiest die, met volledige minachting voor het op een zondagmiddagje in oktober massaal toegestroomde publiek, dacht dat met al z’n professionele bagage wel even te kunnen maken. Bedoeld als een soort hommage aan z’n helaas veel te vroeg overleden wederhelft van Neerlands Hoop? Forget it. Vermeulen zou zich omdraaien in z’n graf.
Van de anderhalf uur durende voorstelling waren tien armzalige minuutjes (het verhaal over een toernee door Zeeland) op Freek-niveau. De rest was zo verschrikkelijk beneden peil dat iedereen de zaal eigenlijk demonstratief had moeten verlaten.

Tijdens de tegenwoordig mateloos populaire ‘Meet and Greet’ na afloop werd je zowaar ook nog in de gelegenheid gesteld de artiest zelf nog even te spreken waarbij je, je wilt het niet weten, z’n boekjes kon kopen. De schoorsteen in Muiderberg moet tenslotte blijven roken, nietwaar? Hij bivakkeert toch niet in de failliete boedel van Marco Borsato?
Boekjes kopen? Heel Beeld en Geluid staat toch barstensvol met die handel?
‘M’n geld en m’n doossie terug’, zong de te laat gestopte Wim Kan een jaar of 50 (?) geleden in z’n Oudejaarsconference.
Wat mij betreft 20 euri.
En nog 5 voor de parkeergarage!
Wegwezen dus. Zo snel als je kon.
Weer een icoon naar de kloten.
Het doet wel pijn.
Maar er is leven na de dood.

[img]http://images.volkskrant.com/weblog/www/pub/mm/tempest/4801/Image/foto/freek.jpg[/img]

Categorieën: Gein & Ongein

9 reacties

LouisP · 17 oktober 2009 op 13:35

M,
Freek vond ik goed. Tijdje geleden hem gezien en vond hem minder maar dacht dat het aan mezelf lag. Leeftijd en zo. Je hebt het goed opgeschreven.
Je avator, ik dacht al, wat lijkt die Mut op Freek! Nou begrijp ik het! Je bent meer fan geweest van Freek dan ik ooit was. Die teleurstelling over Freek nu zet je duidelijk neer.
gr.
L.

Ma3anne · 17 oktober 2009 op 13:41

Een wel heel uitgebreide ergernis. Heb het hele stuk desondanks met smaak gelezen. Ik erger me al tijden dood aan Freek de Jonge en zijn arrogante, zure allesweterij.
Jammer. Ooit in een klein zaaltje in Groningen heb ik genoten van Neerlands Hoop in Bange Dagen en ik ben daarna ook lang fan geweest.

Ach ja, zo gaan de dingen. Ik kan er niet wakker van liggen.

pally · 17 oktober 2009 op 17:27

Inderdaad wel een erg uitgebreide beschrijving, Mut, van de teloorgang van Freek de Jonge. Maar dat is inherent aan iemand die zo’n grote fan is geweest als jij. Over een grote liefde treur je ook langer en heviger dan over een kalverliefde. En het is heel mooi geschreven, dat scheelt.

groet van Pally

trawant · 18 oktober 2009 op 15:22

Geweldige recensie Mut, Al je verdriet over het
verkruimelende idool zit erin.
Vilein en trefzeker.
Hierna ben je ‘t kwijt, dat kan niet anders.

Mut · 20 oktober 2009 op 08:10

Dankjewel Louis P

Mut · 20 oktober 2009 op 08:11

Wakker liggen is misschien ook wel iets te veel van het goede. Pijn doet het wel.

Mut · 20 oktober 2009 op 08:12

Hallo Pally,
=Over een grote liefde treur je ook langer en heviger dan over een kalverliefde. =
Zowizzut!

Mut · 20 oktober 2009 op 08:14

Hij heeft nog steeds krediet Trawant.
Maar het afbladderproces loopt al langer.

arta · 20 oktober 2009 op 09:52

Ik ben blij dat jij een beter stuk schreef dan dat je gezien hebt 🙂

Geef een antwoord