23 mei 2009

Ik heb nooit iets met België gehad, noch met haar inwoners tot de dag van 23 mei 2009 aanbrak.
De 23e mei van 2009 leek een mooie dag voor een Vlaamse vader. Een dag waarbij voor hem het stoplicht op groen sprong toen hij het kruispunt naderde, een goedgelukte meidag, waarbij de zon de wolken doorbrak en de stralen hem bereikten. Een dag waarbij de gezinspak friet de dagaanbieding was en hij met een knipoog de mayonaise gratis aangeboden kreeg. Een dag waarbij zijn vrouw belde en zei iets in petto te hebben en er oppas geregeld was voor de kinderen. Een dag waarbij, na zijn vrouw, zijn vriend belde met een stomme droge grap, maar hij toch moest lachen, omdat hij waardeerde dat er aan hem gedacht werd en hij besefte dat echte vriendschap goud waard is. Een dag die niet fout kon gaan, alles meezat en hij dankbaar was voor het prachtige leven dat hij leidde..

Van rechts naderde een vrachtwagen, een tientonner met extra lading. De Vlaamse vader zag hem niet. Hij zat in gedachten bij zijn vrouw en wat zij voor hem in petto had. Het was al een tijd geleden dat ze samen iets ondernomen hadden. De vrachtwagen naderde, hij remde en toeterde tegelijk. Vader schrok en zag zijn leven in twee seconden voorbij flitsen: zijn jeugd, de ontmoeting met zijn vrouw, de dag dat hij het zwangerschapsnieuws hoorde, de bevallingen van alle drie de kinderen, hun eerste stapjes en de altijd glimlachende blik van zijn vrouw. Hij dacht aan wat de kinderen vandaag zouden gaan eten en aan de afspraak die hij met zijn vrouw gemaakt had. Hij voelde zich schuldig dat dit de eerste keer zou worden dat hij een afspraak met haar niet zou nakomen.

De tientonner ramde zonder genade bruut op hem in en sleepte hem honderden meters mee, tegen een grote eik aan, waar de Vlaamse vader zijn laatste gezonde adem uitblies. De eik bleef rechtop staan, alsof niets hem de goedgelukte mei dag kon verstoren.

Toen dit bericht ons bereikte, belden wij al onze familieleden en beste vrienden om dit heugelijk feit met hen te delen. Wij wachtten al jaren op een dergelijke dood van een gezond persoon, wiens lichaam nog zelfs na een grof auto ongeluk nog enigszins in tact was. Onze vrienden en familie reageerden eveneens opgewekt. Toch vonden zij ook dat het allemaal erg lang geduurd had.
Wij vierden de dood van de Vlaming met de directe familie onder het genot van champagne, Borgoe cola en Surinaamse lekkernijen. Hard gelach en sterke verhalen deden het ouderlijk huis op dat moment herleven. Mijn moeder was het meest ‘content’, zoals Belgen dat zeggen. Tranendruppels van blijdschap rolden over haar wangen en spatte op de grond uiteen. Het was voor mij lang geleden dat ik haar in een vrolijke gemoedstoestand had gezien.

Maanden ervoor bespraken we haar dood alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Haar begrafenis eveneens. Alsof het een bigi yari (rond getal) zou worden maakten we een lijst van de genodigden, wie de cateraar op die dag zou worden, tot aan de nummers die gedraaid zouden moeten worden.

Mijn moeder leed aan een ernstige auto immuun leverziekte en stond op 23 mei 2009 negen maanden op de wachtlijst in België omdat het tekort in Nederland groter is dan daar. De lever en de bloedgroep van de Vlaamse vader bleek compatibel voor mijn moeder en heeft een transplantatie op 24 mei 2009 een goed georganiseerde begrafenis doen voorkomen.

Alle gelovigen, ongelovigen en mensen die hier tussenin hangen roep ik op zich te laten registreren als donor. Ook op alle geestelijken van ieder geloof doe ik een beroep. Aan hen vraag ik orgaandonatie te steunen, zonder mits en maren, zonder interpretatie uit de heilige geschriften, zonder eindeloze discussies met hogere geleerden aan te gaan. Een donor orgaan redt namelijk levens, zo simpel is het. De tragische dood van de Vlaamse vader op 23 mei 2009 heeft dat bewezen.

Sergio Bunsee


sergiobunsee

Pedagoog, coach, therapeut schrijft over Suriname, cultuur, pedagogiek en de mensch in al zijn vormen.

9 reacties

Libelle · 27 mei 2012 op 14:01

Dankbaarheid, blijdschap, ok. Maar om nu te feesten?
Zijn de feestelingen al donor?

Ferrara · 27 mei 2012 op 19:52

Ik begrijp de blijdschap, maar toch schuurt het.
De laatste zin met daarin het woord tragisch maakt het weer een beetje goed.

Heb al jaren een donorcodicil

Meralixe · 27 mei 2012 op 20:59

Titel en eerste alinia 3 keer “29 mei 2009”
Verder een nog al eigenaardige aanloop om tot de point te komen.
Intussen lees ik wel dat je iets via het papier (column) kunt vertellen. Tot hoors!!!

sylvia1 · 28 mei 2012 op 08:55

Poeh, je bevindt je op glad ijs om je boodschap zo te brengen. Voor mij is het ijs tussen humor, ironie en het serieuze leven/dood onderwerp te dun.

Fem · 28 mei 2012 op 09:01

Champagne drinken op een nieuwe lever?

Het wringt wel een beetje, maar de boodschap is duidelijk…

arta · 28 mei 2012 op 13:37

Om heel eerlijk te zijn, als ik zeker wist dat mensen uitgebreid feest zouden vieren over mijn lijk, zou ik nog eens gaan nadenken over mijn donorschap… Er mist hier wat balans in dit stuk, geloof ik, waardoor jouw prodonor-stuk een beetje anti wordt en dat is jammer!

Mien · 28 mei 2012 op 18:50

Ik hoop dat ze de organen niet misplaatst hebben.
Dan is er absoluut geen reden voor een feestje.
Donor ben ik al sinds jaar en dag, in hart en ziel.

Mien

LouisP · 28 mei 2012 op 19:51

Da’s inderdaad hard gesteld. Maar ’t raakte me niet verkeerd. Ik vin het wel goed opgeschreven

sergiobunsee · 29 mei 2012 op 10:04

Aan iedereen,

De blijdschap is dikker aangezet in de column om een boodschap over te brengen. Patiënten in met name Nederland wachten maanden, zo niet jaren op een geschikte donor. Vaak tot de dood volgt. Honderden mensen, vaders, moeders, maar ook jonge kinderen sterven terwijl ze hoopvol en intussen doodziek maar geduldig wachten op een donor.
Het hele leven staat in het teken van het moment dat een gezond orgaan zich aandient. Simpelweg omdat dat de enige redding is het leven te behouden.
Blijdschap is doorgaans een van de eerst emoties die bij dit soort patiënten naar boven komt, waarna later stil wordt gestaan bij de ontzettende moedige beslissing van de gever, zijn dood en nabestaanden.
Groet, Sergio

Geef een antwoord