Soms staat een mens perplex. Dat overkwam me gisteren aan het station. Ik heb net afscheid genomen van een collega die de trein neemt. Als ik wil wegrijden, tikt een bejaarde dame op de autoruit. ”Rijdt U soms die kant uit?” Ze wijst naar de richting die ik níet uit moet. ”Nee, mevrouw”, zeg ik. ”Het spijt me, ik moet de andere kant uit.” Ze is duidelijk teleurgesteld. ”Daar moet ik niet zijn. Ik woon die kant op.” Tja, denk ik in eerste instantie, pech voor u. Tot mijn verbazing geeft ze het niet op. ”Maar U kunt ook de andere kant uitrijden en mij thuis afzetten.” Ik sta perplex van zoveel assertiviteit. Eigenlijk wil ik zeggen: ‘Sorry, dat gaat niet’. Eigenlijk wil ik wegrijden, maar iets houdt mij tegen. Is het mijn respect voor ouderen? Of is het haar directheid? Dit soort lef verwacht ik van een jongere die per se een lift wil versieren, niet van een dame dik in de zeventig.

”Het heeft hard geregend, ik ben door en door nat, kijk maar naar mijn haar…” Ze wijst naar haar korte, grijze krullen. ”Door de regen heb ik de bus gemist. En ik heb het koud.” Dat geeft de doorslag. Ik laat toch geen bejaarde in de kou staan! ”Stap maar in, mevrouw”, hoor ik mezelf zeggen. ”Ik breng u naar huis.” Ze opent het portier en gaat zitten. ”Dank u, jongman. Kijk, daar moet ge draaien.” Ik probeer me op het verkeer te concentreren, maar zij blijft maar praten. ”Die nattigheid is niet goed voor mijn botten. Ik was met een vriendin en we zijn naar de stad geweest. Ze heeft pas een ander hondje in huis, een braaf beestje hoor. Maar nog niet helemaal zindelijk…… ”

Ze praat zoveel dat we de straat missen die naar haar huis leidt. ”Oei, ge had daar moeten indraaien. Nu moet ge terugkeren”, zegt ze. Maar intussen rijden we op een vierbaansweg waar ik niet mag omkeren. Ach, een kilometer meer of minder maakt niets uit. Ik onderga alles met de glimlach. Ik doe het voor haar botten en haar kapsel dat ze dringend weer in model wil brengen.
Een paar kilometer later parkeer ik voor haar huis. ”Kom jongen, da´k U nen dikke kus geef”, zegt ze. ”Het ene plezier is het andere waard. Wilt ge soms een taske koffie?” Ik maak mij ervan af met de smoes; ” Heel vriendelijk dat U het aanbied, maar eigenlijk heb ik nog een afspraak.” “Een andere keer misschien.” Ik knik bevestigend “Een andere keer misschien.”

Terwijl ik haar natte klapzoen afveeg stapt ze uit. Op de stoep draait zij zich even om en zwaait “tot ziens”. Automatisch zwaai ik terug. Heel even moet ik aan mijn oma denken en krijg een warm gevoel van binnen.

Categorieën: Verhalen

Grumpy-old

"wie ben ik nu eigenlijk" Ben ik mijn baan, ben ik deze auto , ben ik dit huis , ben ik deze blog . Of is er meer aan mij. Iets wat mij anders maakt dan al die anderen, bijzonder. ( want iedereen wil toch bijzonder zijn) Het gaat eigenlijk niet eens om het antwoord op deze vraag . Het gaat er alleen om dat je de vraag af en toe eens stelt. Alleen het stellen van die vraag heeft de potentie de rotsvaste aanname dat de wereld is zoals hij is, met alles erop en eraan, in twijfel te trekken. Het is een aanrader om het antwoord niet met mijn persoonlijkheid te gaan zoeken of intelectueel te gaan benaderen . Dus stel je open voor een antwoord in welke vorm dan ook. Dat hoeft toch geen keurig netjes antwoord te zijn in de vorm van een stukje tekst op mijn blog? Het kan ook een beeld zijn dat je vormt na een gesprek, een situatie die zich voordoet. Stukjes van een puzzel, die na verloop van tijd een steeds duidelijker wordend beeld van " ikke" zullen vormen. Er zijn meer van dit soort vragen die hetzelfde effect teweegbrengen , zoals " waarom ben ik hier" of "wat doe ik hier" Daarvoor geld eigenlijk hetzelfde, het stellen van de vraag is belangrijker dan de vraag zelf, of het antwoord daarop. Met andere woorden: vraag me wie ik ben en ik zal je vertellen wat ik doe . Leer mij kennen en je zult weten wie ik ben .

13 reacties

arta · 4 februari 2008 op 20:19

Wat een lief stukje, GOM!
Als er wat meer van die pittige oude dametjes waren en wat meer mannen als jij dan kon het Openbaar Vervoer wel opdoeken! 😀

SIMBA · 4 februari 2008 op 20:24

Heel aandoenlijk verhaaltje!

Emmely · 4 februari 2008 op 21:13

Een lieve en vooral gezellige column. Van mij ook een natte klapzoen,
:kus: Groetjes Emmely.

Anne · 4 februari 2008 op 21:40

Leuk stukje Grumpy.

Troy · 4 februari 2008 op 21:50

Heel even verwachtte ik dat het verhaal een wending zou nemen en dat de bejaarde in kwestie in een of andere enge moordlustige dame zou veranderen, maar dat soort verhalen zijn meer aan Shitonya besteed denk ik 😉

Zonder gekheid, leuk verhaal.

Grumpy-old · 4 februari 2008 op 22:40

Ik had wel iets van ” getver waar zit ik hier eigenlijk? Had ik nou maar een GPS.”

Mosje · 5 februari 2008 op 00:08

Als ik oud ben en koude botten heb, ga ik me ook zo gedragen. Blijkt te werken.
😀

KawaSutra · 5 februari 2008 op 00:15

Net als Troy had ik ook eigenlijk een heftig slot verwacht maar de klapzoen maakt weer een hoop goed. 😀

Dees · 5 februari 2008 op 10:06

En jij noemt jezelf Grumpy? 😀

Neuskleuter · 5 februari 2008 op 11:40

[quote]”Kom jongen, da´k U nen dikke kus geef”[/quote]

He, bah, alleen daarvoor zou ik zo’n rit al laten denk ik.

Maar een leuk verhaal! Je hebt het ook zelf meegemaakt begrijp ik? Prachtig!

Shitonya · 5 februari 2008 op 13:29

nja wel goed geschreven, maar ik denk dat ik iets ouder moet zijn om hiervan te houden. Ik zou zo’n mens waarschijnlijk gewoon hebben laten verkleumen :oeps:

pally · 6 februari 2008 op 11:16

Sympathiek dat je je liet inpakken door dit grijze bijdehandje. Het levert bovendien een leuke column op , Grumpy!

groet van Pally

DreamOn · 6 februari 2008 op 16:20

Leuke column! Maarre…hoe zit het dan met jouw assertiviteit?! 😉 Je deed toch maar mooi wat die oude dame van je vroeg…

Groetjes DO.

Geef een antwoord