Katsdolheid

Mijn kat is zijn soort onwaardig. Toen ik hem en zijn zusje 18 jaar geleden separeerde van moeders tepel, had ik beter moeten weten.
Wist ik veel dat ik in plaats van een, maar liefst twee katten in de zak kocht!

Joran MP

Wat doe je als iemand in jouw bijzijn onwel wordt? Controleren of er nog een hartslag is? Luisteren of deze persoon nog ademt? Voelen of de borstkas van deze persoon nog beweegt? Nee, natuurlijk niet! Je doet het volgende: je schudt die persoon door elkaar. Ziet de persoon witjes? Heeft die persoon wat getrild? Wordt er niet gereageerd op het schudden? Tsja, dan zit er nog maar een ding op: dumpen. Zoek een oceaan, vaar twee kilometer van de kust vandaan en gooi de persoon overboord.

Vanonder een sluier bezien

“Hee vrouwke, wà bende skôn, vat ur nog inne!”
Glazig kijkt hij me aan en houdt me een plastic beker bier voor. Ik weet niet wat ik erger vind: aangesproken te worden met vrouwke, of het feit dat het pas 11:30 uur is.
Wat je niet zou denken, gezien de geestelijke en lichamelijke toestand van de man voor me.

Grutgeur

Ik inhaleer en trek je geur mijn geheugen in.
Met mijn neus tegen je huid sla ik deze op. In díe neuronen die als laatste worden getroffen, wanneer mijn brein in de toekomst gaat dementeren.
Want deze geur wil ik me het langs herinneren: die unieke, ietwat weeïge, maar heerlijke babygeur.

Rijmelarij

Met zes graden onder het vriespunt en een wolkenloze, absurd blauwe lucht, is iedereen bij het ochtendgloren getuige van een werkelijk formidabele zonsopgang. Het is drie dagen voor kerst. God, de natuur, of wie je daar dan ook verantwoordelijk voor wilt houden, heeft zichzelf ditmaal weergaloos overtroffen. Het winterwonderland doet iedereen verlangen naar een wereld die voor altijd puur en onschuldig is.

Levenslang

“Wat hebben we genoten, hè?”
Zijn handen ontspannen op het stuur. De route bekend terrein. Zijn gedachten bij zijn kleindochter. Ze kijkt opzij en glimlacht.
Die lieve, hem zo vertrouwde lach. Op dat ouder wordende gezicht, wat er in zijn ogen niet minder mooi op is geworden. De tand des tijds handig omzeild.
Plots een klap. Gevolgd door een tweede.
Dan stilte.
IJzingwekkende stilte.
Dood. Ze is dood.

Kerstvet

Zij ook?
Wederzijds een taxerende blik. Mimiek verraadt haar intentie.
Subtiel versnel ik mijn pas. Kennelijk niet subtiel genoeg, want zij volgt.
Ik neem geen risico en zet een eindsprint in, kom even van de grond los en gris het laatste muntje voor de spinning les voor haar neus weg.
Ze berust erin. Ik mompel een verontschuldiging, maar zie opluchting op haar gelaat.