Dierenartsen zonder grenzen

“Kijk! Dat is nou spasme!” zei de dierenarts gebiologeerd, toen het oor van mijn huisdier naar achteren schoot. Mijn beestje lag op de schoot van mijn broertje en had net haar tweede injectie gehad. Haar zusje lag op mijn benen te rusten, in een diepe slaap. Heel diep. Nu moest de ander nog, met haar zusje mee. Het duurde lang, en iedereen wilde huilen. Maar de dierenarts ging maar niet weg.

Zo zoet als bloed

Het was vanochtend, en mijn nachtmerrie werd wekelijkheid. Ik moest opstaan.
En daar bleef het niet bij, ik moest naar de dokter, en die vertlde me doodleuk dat ik naar het lab mocht op mijn bloed te laten prikken. Bloed, naald, prik, zuig, aaaahhhh!!!

Johannes

Het was zondag, de meest perfecte, saaie zondag van het jaar. De zondag was perfect genoeg om de meest saaie persoon op aarde te ontmoeten. Ik ontmoette de perfecte, saaie: Johannes.
De naam alleen zegt al niet veel goeds, wel? Het is een saaie naam, een sullige naam, een lomp naam, de naam voor een perfecte, saaie boer, de perfecte naam voor Johannes, eigenlijk.

Sapperloot, een pepernoot.

Het was de eerste dag van september. Ik was gezellig brood heen en weer aan het sjouwen in de Albert Heijn. Het ging allemaal prima, maar plotseling zakte mijn mond open en liet ik de broodjes vallen. Ik vond het nogal shockerend om te ontdekken dat de halve winkel in beslag was genomen door pepernoten. Bolletje, Albert Heijn, europshopper, kruidnoten all the way. Ik kon mijn ogen bijna niet geloven eigenlijk, maar het is toch belachelijk?!

Dromen zijn relaxed

Ik droom niet meer. Niet dat dit iemand wat uit maakt, maar het zit mij toch behoorlijk dwars.
Elke dag (ja, beetje overdreven) hoor ik wel iemand vertellen over zijn of haar droom. Beetje raar, maar mensen doen het vaak, vertellen wat ze gedroomd hebben. Volgens mij deed ik dat ook wel eens – als het een leuke of lachwekkende droom was dan. Want dat is zo leuk aan dromen, ze zijn zeer onlogisch.