De rijdende engel

Het was op de N356, tussen Tietjerksteradeel en Dantumadeel. Daar reed een forse blauwe gezinswagen mij tegemoet. In een flits ontwaarde ik het bekende logo: De rijdende rechter. Wat een buitenkans om het neusje van de zalm van de Nederlandse rechtspraak in actie te zien. Omdraaien dus en erachteraan. Een kwartiertje later reed ik het pittoreske Metslawier binnen.

Hete choco

Je kent ‘m vast nog wel, die reclame van Chocomel uit de jaren tachtig. Die met dat meisje dat, zodra haar ouders vertrokken zijn, het nummer Think mee blèrt en wild op de tafel staat te dansen. Weet niet waarom, maar ik kreeg er altijd meteen zin in. In chocolademelk wel te verstaan. Ik weet sinds kort wie dat meisje geweest moet zijn en die kennis maakt dat ik tegenwoordig liever een glühwein neem. Wie de rol dan speelde van dat opgewonden meisje? Astrid Joosten. Hoe ik dat weet? Onlangs bekende Astrid live op televisie dat een chocoladetaartje waar vloeibare choco uit stroomt haar enorm opwindt. “Ik word daar zó geil van, maar weet niet hoe ik het zelf moet maken”.

Een nationaal Olympisch trauma

Het zal een toestand geweest zijn; in huize Smeets, zo’n 80 jaar geleden. Mevrouw Smeets die twee dagen non stop lag te puffen en persen. En eindelijk, daar was ie dan. Een onvervalste twaalf-ponder. Die het meteen op een krijsen zette. Dat krijsen is sindsdien alleen maar erger geworden en van lieverlee overgegaan in oeverloos kakelen en raaskallen. En die homp van twaalf pond, die is alleen maar verder gegroeid. Eerst in de hoogte – een toekomst als basketballer lag toen binnen de mogelijkheden. Maar toen hij daarna ook in de breedte begon uit te dijen was dit geen haalbare kaart meer.