Ik krijg vaak bonbons of chocola. Ik vind ‘t altijd aardig, als ik dat krijg. Ik houd ook zo van chocola. Maar chocola maakt mijn maag onrustig. Chocola is zwaar. Als ik toch van chocola of bonbons smul, dan kots ik. Ook krijg ik hoofdpijn van dat spul. Dat is onuitstaanbaar! Daarom vraag ik vaak: onthoud nou, dat ik chocola mijd. Dat ik braak van ’t spul. Houd ’t uit mijn buurt. Laatst kwam ’n vrind langs. Zijn naam is Guus. Hij lijdt aan bindingsangst. Maar hij had wat voor mij. ’n Doos. Wat mooi! “Krijg ik dat van jou? Grandioos, dat maakt mij vrolijk! Wat aardig!” Maar wat was dat? Wat zat in zijn gift? Ja hoor, bonbons. Bruin, maar ook wit. Zag ‘r mooi uit! Kwijl kwam uit mijn mond. Daar had ik zin in! Chocola! Bonbons! Vol vulling, zoals noot, schuim of rum. Dacht ik aan mijn maag? Was ’t maar waar! Ik was al zo lang waakzaam, maar nu had ik zo’n zin in bonbons. Ondanks mijn maag, stak ik toch zo’n prachtig ding in mijn mond. ‘t Was onontkoombaar. Fantastisch, qua smaak. Ik was zichtbaar happy. Rum droop langs mijn mond. Ook mijn kin was vochtig van ’t spul. Ik vond ’t fijn! “Ik smul! Wil jij ook?” Ik gaf gul mijn doos vol bonbons aan Guus. Hij stak zijn hand uit naar chocola. Hij at ook. “Wat gaaf, ik smul ook,” gaf hij aan. Maar wat was dat? In mijn maag? Raar lawaai, kramp, of zo. Ik schrok. Wat stom van mij, chocola was toch zo fout voor mijn buik? Au, au, wat naar was dit! Ook nog pijn in mijn hoofd. ’n Traan langs mijn wang. Gil van pijn.

Guus schrok. “Wat is dat nou?” “Sorry, ’t spijt mij,” gaf ik Guus antwoord op zijn vraag. “Bonbons zijn voor mij absoluut rampzalig. Ik word raar in mijn buik. Mijn maag slaat op hol van chocola. Ik vind jouw gift aardig, ook charmant, maar ik pas voortaan op. Maak mijn man maar blij, hij houdt van chocola in zijn buik.”

Guus, mijn vrind, schaamt zich. Dat van chocola wist hij. Hij wist van mij allang, dat mijn maag chocola uitkotst. Waarom dacht hij daar laatst nog aan, maar was hij nu abuis? Hij baalt van zijn gift. Mijn maag gist, hij bruist. Ik kokhals. O, daar komt kots aan. Ik kijk angstig. Wat naar! Ik slik hard. Maar ’t komt toch omhoog. Waar laat ik dat spul? ‘t Urinoir zit op slot. Mijn man zit daar op. Is hij klaar? Plast hij nog, of schijt hij daar? Want dat duurt vaak lang. “Maak plaats voor mij!” gil ik, zo hard ik kan. “Ik kots bijna, mag ik nu?” Mijn man schrikt. Hij was al klaar. Hij komt gauw, gaat naast mij staan. “Ga maar, kots maar, wc is vrij, ik houd jou vast.” Hij praat, aait mijn rug. Mijn haar is lang, hij houdt mijn haar vast, zodat kots daar vandaan blijft. Maagzuur kruipt op, klam vocht op mijn voorhoofd, kots spat op mijn jurk. Dit is toch krankzinnig?

Mijn man kijkt boos naar Guus. “Jij gaf haar bonbons? Vind jij dat soms slim? Was dat nou nodig? Haar maag is maar zwak, ik kook altijd mild. Straks gaat zij nog dood, absoluut jouw schuld! Ligt zij in ’t mortuarium! Zij kotst van chocola, dat wist jij toch? Al jouw chocola kotst mijn vrouw nu uit, kijk maar. Wat maak jij mij nou?!? Ik kots jou daarom uit, ga maar gauw naar huis, voordat ik giftig word! Rot op, stuk tuig! Klootzak! Crapuul! Lamlul! Nu graag!” Schuim van drift komt om zijn mond. Guus gaat maar gauw, hij vlucht in zijn auto naar huis, dat is maar slim ook. Mijn man houdt van drama, soms ordinair. Tactvol is hij vaak. Maar als hij driftig is, blijf dan maar uit zijn buurt! Hij is nooit boos op mij, dus dat is fijn.

Ik braak. Krachtig kots ik mijn hart bijna uit mijn lijf. Ik haat dat. Ik sta voor schut voor Guus. Ik vind dat naar. Maar schuld ligt bij mij. Blijf dan ook van chocola af! Bonbons zijn toch ’n ramp voor mijn maag? Dat blijft mij voortaan vast bij. Dan is ’t klaar. Maar mijn mond is droog als kurk. Mijn maag is klaar, chocola in mijn maag is nu op. Dat is mooi. Maar ik stink. Mijn jurk stinkt. Bah!

“Jouw bad is vol, ga maar. Ik was jouw haar, ik schrob jouw rug.” Ik kus mijn man van blijdschap. Hij vindt: “Chocola is voor jou kwalijk. Nooit chocola voor jou! Maar kom maar, ‘n kus is altijd fijn!” Ik ga uit bad, mijn man is galant, wrijft mijn lichaam droog, ik dos mij uit in mijn pyjama van ruw badstof. Wat fijn, fris plus schoon! Nog wat parfum, dat ruikt ook fijn.

Guus is naar huis, mijn maag is rustig, ook rust in huis. Dat is fijn. “Wil jij ook pizza?” vraagt mijn man. Ik wil niks. “Mijn maag wil rust,” antwoord ik. “Ik wil niks.” Mijn man snapt mij. Hij hapt van zijn pizza. Hij vindt zijn pizza zalig. Vol salami, ham, champignons, maar ook kaas. Dat gun ik mijn man, natuurlijk. Mijn maag krijgt nu rust. Dat is voor mij prima zo.

Mijn man kijkt journaal. “Schat?” Ik glimlach naar mijn man. “Guus was van slag. Hij gaf mij bonbons, dat was dom, maar aardig. Jij was boos, maar dat was voor niks. Hij was niks van plan. Mail Guus maar.” Mijn man kust mij. Hij stuurt ’n sorry-mail aan Guus. Guus mailt ook. Hij is blij. Dat is fijn.

Dan krijg ik van mijn man ook ‘n gift. Dat is grappig! Ik pak zijn gift uit. Sla mijn hand voor mijn mond. “Wat gigantisch mooi! Prachtig hoor! Waarom? Zomaar?” Armband van goud. ’n Hoop karaat! Dat maakt mij vrolijk. “Ja, zomaar. Omdat ik van jou houd.” Nu ook ’n traan langs mijn wang. Van blijdschap. Ik hou van mijn man, hij maakt zijn vrouw altijd zo blij. Dat is mooi. Wat? Dat is fantastisch!

Ik kijk mijn man aan. “Dit avontuur is ’n column waard! Mijn columns zijn dikwijls lang, ook nu slaag ik daar vast in, al is ’t dit maal lastig…”


8 reacties

SIMBA · 16 oktober 2011 op 09:28

Mooi gedaan Dream On! Ik twijfelde nog tussen Silvia en DO maar die laatste zin…..:-D

sylvia1 · 16 oktober 2011 op 11:20

Ah nee Simba, ik ben gelukkig niet allergisch voor chocola 🙂
Het is DO, met een lieve column. Mooi zeg…

LouisP · 16 oktober 2011 op 11:32

Laatst kwam ’n vrind langs. Zijn naam is Guus. Hij lijdt aan bindingsangst.

Eloos verhaal mét een verhaal erin over verboden liefdes, tja die Guus dus toch!
Mooi stuk zeg!

Raad_wie_ik_ben · 16 oktober 2011 op 11:38

Is het hier toeval dat ‘gift’ zowel ‘cadeau’ als ‘vergif’ kan betekenen?

Edit: Sorry, vergeten uit te loggen. Was getekend, DACS1973

pally · 16 oktober 2011 op 17:52

Dit lijkt mij Do, met haar lofzang op manlief én een lang verhaal…;-)

lisa-marie · 17 oktober 2011 op 10:45

chocolade zalig! ik ga voor DO

Mien · 17 oktober 2011 op 23:45

Ja ja, ik lees de ingrediënten ook af.
Doeloos :hammer: :hammer:

Eh … DO -eloos, bedoel ik natuurlijk. 😉

Mien

Harrie · 31 oktober 2011 op 10:57

DreamOn

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder