Uit nood geboren is een vaak gebezigde uitdrukking. Dat mag je van het Deltaplan ook wel zeggen. En dan letterlijk bedoeld: uit de watersnoodramp van 1953. Ik maak me sterk dat zonder die vreselijke gebeurtenissen in dat jaar er nooit een Deltaplan zou zijn geweest. Maar toen was de tijd er rijp voor: wie was er niet ontdaan door de ramp en wie durfde er iets tegenin te brengen als gesteld werd dat er nodig wat gedaan moest worden aan de veiligheid van ons land in verband met de bedreiging door de zee ? Vrij vlot was er een plan: alle zeearmen afsluiten door dammen behalve de Westerschelde. Die moet open blijven, want je kunt Antwerpen toch niet opofferen als grotere havenstad. Stel je voor, alle Belgen zouden op hun achterste benen hebben gestaan, en terecht ! Langs die Westerschelde, en op sommige andere plaatsen, moesten de dijken dan maar verhoogd. Tot “deltahoogte”

De bekende Nederlandse econoom Jan Tinbergen, Nobel-prijs winnaar in zijn stiel, maakte becijferingen. Hij kwam uit op een miljard gulden. En dat was een verantwoord bedrag, vond men. De plannen werden uitgewerkt, passeerden het Haagse wereldje, en al na wat aanlooptijd was het eerste werk aan de gang: de afsluiting van het Veerse Gat door de dam welke nu bekend staat als de Veerse dam. Zo ontstond het Veerse Meer, nu een geliefd watersportgebied. Nog in de jaren vijftig bliezen alle stoomfluiten hun schrille geluid tegelijkertijd uit toen een laatste caisson in het stroomgat van de dam werd gevaren en bij dood tij tot zinken werd gebracht. Aan beide zijden van de dam stonden drommen mensen om het schouwspel te bewonderen. Tussen al het varend materieel bevond zich het jacht me de vorstin aan boord.

Een gebeurtenis die zich nog enige malen zou herhalen bij andere afsluitingen en uiteindelijk leidde tot de “officiële oplevering” van het werk in de zeventiger jaren, symbolisch bekrachtigd door Koningin Beatrix, geassisteerd door “onderkoningin” Neelie. Er was intussen nog onnoemelijk veel water door de stroomgaten gestroomd en vergelijkbaar veel spraakwater aan te pas gekomen, hoofdzakelijk in en rond “Den Haag”. Het moge dan zo zijn dat de wet er vlot gekomen was, de uitvoering ervan heeft heel wat voeten in de aarde gehad. In de zestiger jaren, toen de plannen nader werden uitgewerkt, kwam ook de milieubeweging eerst goed van de grond en ging zich er mee bemoeien. Al gauw werd er “een voet tussen de deur” geplaatst, zo niet een “poot”, of druk ik me daarmede nog te voorzichtig uit ? Spreekwoordelijk kwam men in ’s-lands vergaderzalen voor hete vuren (ondanks dat het over water ging) te staan en dan vooral over de vraag: moet de Oosterschelde dicht of open blijven ? Voor- en tegenstanders stonden vaak lijnrecht tegenover elkaar, maar een oplossing kwam er. Op een manier die kenmerkend is voor ons land: allebei de partijen een beetje gelijk en een beetje ongelijk. De Oosterschelde kreeg een dam met gaten, zodat eb en vloed toch nog wat invloed hielden en het water achter de dam zout bleef. Daar was veel technisch vernuft voor nodig: je kunt je dat levendig voorstellen indien je kolossale dam met vele schuiven ziet, al rijdend van Schouwen naar Noord-Beveland of omgekeerd. Wij pronken met dit kunstwerk “all over the world”, daarbij zoveel mogelijk verkopend: “kijk eens hoe goed wij zijn in waterstaatkundige werken”.

Is daarmee “onder water” in de Oosterschelde gered ? Steeds vaker trekken “deskundigen” dit in twijfel Heel wat aanhangers van het “geite-wollen-sokken-gilde”, zoals milieufreaks wel eens minachtend worden aangeduid, zouden liever vandaag dan morgen de Oosterschelde weer open zien. Zoals de boerderijen in de rampdagen van 1953 werden verzwolgen door het water, zo zou die hele dam ook moeten kunnen verdwijnen. En dat allemaal ter wille van die onderwater-vegetatie, die ondanks de gatendam, toch niet meer is wat het was.

En het “nieuwe milieu” dat door de dam is ontstaan dan ? Al eens op Neeltje Jans gezien hoe samenspel van zand, wind, water en plantengroei tot heel mooie natuur heeft geleid ? Zo mooi dat mensenhand dat niet zou kunnen maken. Dat het een el dorado is voor vogels. Dat de konijnen er werkelijk “bij de konijnen af” zich voortplanten, zodat je over de konijnenholen zowat struikelt !

Al die overpeinzingen vallen in het niet bij wat het doel van het Deltaplan was en wat hopelijk er ook mee is bereikt:de hoogst mogelijke veiligheid bieden “voor al wat leeft” in het deltagebied.

Floor Janse
09 feb 2003

Categorieën: Maatschappij

0 reacties

Geef een antwoord