“Ahhh.. AAHDIE,..mijn lieveling kom hier”

Zijn stem schalt door de klas en hij legt de deftige klemtoon nog nadrukkelijker dan anders.
Er wordt besmuikt gegrinnikt, sommige jongens grijpen hun kans om met een zweem van keet schoppen in de ondertoon, een geforceerde schaterlach los te laten.
Een onrustige verwachting breidt zich in een oogwenk uit tot in alle hoeken van het lokaal.
De voorstelling begint. “Zo Ahdie, dus jij hebt wat voor me. Kom maar eens dicht bij me staan.”
Eddie staat met zijn rechterzij naar de klas aan de lange kant van de verhoging.
Anteus draait zijn stoel naar hem toe. Zijn vochtige lippen met de bruine randjes, waar meestal een natte sigaret aan bungelt wijken uiteen in een dunne glimlach.
“Nee, dícht bij me, zei ik.”
Onverhoeds pakt hij Eddie onder zijn oksels en tilt hem met een korte zwaai op het plateau.
“Zo, dat is beter.”

Van dichtbij ziet Eddie grijze asvlekken op het zwarte habijt. Rode baardstoppels komen onder het witte boordje tevoorschijn en verspreiden zich via de adamsappel naar de kin en de ingevallen wangen van de broeder.
Dan slaat een hand zich als een strakke klauw om zijn rechterschouder en probeert Eddie met zijn gezicht naar de klas te draaien.
Eddie voelt hoe zijn spieren spannen, maar alsof ze zelf hun machteloos verzet beseffen laten ze direct weer los en geeft hij zich half struikelend over.
“Zo dómoren!”
Triomfantelijk galmt de stem van Anteus door de klas.
De jongens joelen.
“Weten jullie wie dit is?“
“Niet verroeren, stokstijf blijven staan!”
Eddie gilt zo hard met zijn denkstem tot hij bijna zeker weet dat de hele klas hem kan horen.
“Dit is een heel slimme jongen, die komt met een boodschap helemaal van de overkant.”
Anteus buigt zich naar Eddie, steekt zijn hand uit, kijkt hem met opgetrokken wenkbrauwen aan en fluistert;
“Geef maar lieveling,”
Eddie legt het briefje in de geopende hand.
De broeder gaat rechtop staan en torent boven Eddie uit.
Deze jongen heeft meer verstand in zijn ene pink dan jullie in je hele korrepus.”
En dat niet alleen, uilskuikens!”
Hij brult het woord de ruimte in. De klas buldert, de jongens stampen op de vloer en roffelen met vlakke handen op hun tafeltje, de dapperste tillen de klep op en laten hem met een klap dichtvallen.
Eddie voelt dat de spot, die nu nog in joligheid verpakt is, iets kwaadaardigs in zich draagt en hem op het plein weer de nodige stompen en beenhaken zal kosten.

“Kleppen dicht, anders klep ík jullie dicht!”
Met een handgebaar heeft Anteus de orde hersteld.
“Deze jongen is een bijzondere jongen, die kan iets maken waar jullie versteld van zullen staan. Zo klein als hij is heeft hij zelf met zijn grote technische knobbel, hier..”
Anteus handen sluiten zich om Eddies hoofd. Ruwe vingers pakken zijn oren en draaien hem heen en weer.
Dan klopt hij met de knokkels van zijn rechterhand hard bovenop Eddies schedel.
’N gemene pijnscheut trekt snel langs zijn hoofd en allebei zijn wangen.
Het geroezemoes in de klas zwelt weer aan.
“Met die grote technische knobbel heeft hij een,..nou Ahdie zeg het zelf maar, wat heb jij gemaakt?”
De handen laten zijn hoofd los en liggen nu op Eddie’s schouders. Anteus drukt zich zo dicht tegen hem aan dat hij de warmte van zijn lichaam door het habijt heen tegen zijn rug kan voelen.
“Een?”
“Midden en korte golf radio, broeder”, fluistert Eddie.
“Zó, een rádio. En wat doe je daarmee?”
Anteus haalt zijn handen van Eddie’s schouders en maant de klas tot stilte..
“De wereld ontvangen, en mijn vader.”
“Want jouw vader gaat naar. .”
“Columbia”, fluistert Eddie.
“Wát zeg je?”
Anteus legt zijn rechterhand in Eddies nek en trekt hem een stukje naar zich toe.
Dan bukt hij zich en vlijt zijn hoofd zijwaarts tegen dat van Eddie. Hij voelt de wang van de broeder tegen de zijne prikken.
“Columbia, broeder.”
Anteus laat Eddie los en gaat weer staan.
“Columbia..weten jullie waar dat ligt, stommelingen?”
Het blijft stil in de klas.
“Ahdie?”
“Zuid Amerika, broeder.”
“Horen jullie het, dit is een heel bijzondere jongen.”
Het hoofd loopt naar zijn tafel, schrijft snel een paar woorden op de achterkant van het briefje en vouwt het dicht.
”Hier liefste, geef dit aan je broeder en kom om 4 uur bij me. Want niet een van deze uilskuikens is het vandaag waard om met de spons het bord uit te vegen. En nu opgewappert!”
Eddie draait zich om en holt onder gejoel van de klas naar buiten.

Categorieën: Vervolg verhalen

5 reacties

Avalanche · 13 maart 2010 op 15:09

Een waardig deel 2. Opnieuw zat ik even in de huid van Eddie. Prachtig!

SIMBA · 13 maart 2010 op 17:42

Wat heb ik met die arme Eddie te doen!

pally · 14 maart 2010 op 14:58

Het raakt me wel,Trawant, maar je maakt het in mijn gevoel te heftig en dat zwakt weer af.
Daardoor komt: ‘less is more’ in mij op.
Maar dat kan persoonlijk zijn.

groet van Pally

Ontwikkeling · 14 maart 2010 op 16:33

Ik krijg er als lezer zo’n naar gevoel bij, dat ik er gewoon een beetje bang van word.
Zonder dat je de woorden angst en zweet gebruikt, loopt dit over mn rug als ik dit lees.
De sfeer, zo grimmig, is bijna tastbaar.
Wat kun jij schrijven…

LouisP · 14 maart 2010 op 23:22

Trawant,
‘k vind de dreigende sfeer uit deel 1 nog steeds aanwezig…knap dat je zoveel emotie oproept zonder het expliciet te noemen..

gr.
Louis

Geef een antwoord