Dood is dood! Een andere keuze is er niet. Daarvoor bestaan er zelfs geen woorden als doder of doodst in de Nederlandse taal. Wij moeten het er maar mee doen. Zelf zie ik dood niet anders dan dat je ’s avonds je bed instapt en diepe slaap valt. Je hebt nergens meer weet van. Met dien verstande dat je in het dode geval nooit meer wakker wordt.

Maar als je nu nog wel even wakker wordt? Gewoon even om een hoekje terug kijken? Die kans heb je volgens mij voordat het crematievuur toeslaat.

Als eerste kijk je natuurlijk naar je nabestaanden, naar je vrouw en kinderen. Voor de één zal het troost geven de meute betraand en geroerd te zien, en voor de ander zal het schrikken zijn te constateren dat men meteen is begonnen met spullen weg te slepen en creatieve bouwsels af te breken. Deze achterblijvers plengen geen tranen, nee: ze lopen met een emotieloze gezichtsuitdrukking dingen weg te sjouwen. Weliswaar laat op de avond zodat hopelijk niemand deze activiteiten ziet. En dat constateer je dan op een moment dat je niet meer terug kunt om ze vermanend toe te spreken. Als overledene kijk je vanuit een andere wereld toe en krijg daarbij het idee: blij dat ‘ie opgerot is.

Ja lezers, ik ga over een schreef en trap misschien op tenen, ik weet het maar ik moet dit even kwijt.

Een rouwkaart die in de hal wordt opgehangen, ook zoiets. Opdat een ieder kan lezen dat er weer een buurman is gaan hemelen. Niks mis mee. Maar dan poets ik mijn bril op en lees en herlees een zinsnede op de kaart en word er een beetje zenuwachtig van. Één kort zinnetje dat spreekt over het plotselinge verlies en wel twee volzinnen over de mazzel dat hij de rest allemaal niet mee hoeft te maken. Gelieve mij te corrigeren als ik er naast zit, maar betekent dit dat men blij is dat hij weg is?

Terug even naar de dag des oordeels. De massaal uitgerukte hulptroepen verschijnen. Drie politieauto’s, een brandweerwagen en ook twee ziekenauto’s komen met zwaailichten en sirenes aanscheuren. Nergens in wat voor media dan ook is er sprake van dit giga uitruk gebeuren. Ja: een half uur later zit er een vogel klem op een watersproeier in een vijver en daarvoor rukt een brandweerauto uit. Dat wordt wel breed uitgemeten, maar verder niet één woord.

Tegen een mee lezende buur zeg ik ongezouten mijn mening die hem niet wel gevalt. Kwaad en beledigd over hoe ik daar zo over kan denken, hoe durf ik.

Maar ja, probeer ik nog: geleerd van de stedelijke politie dat in geval van een mogelijk bedenkelijk overlijden, zoals zelfmoord er geen mediale ruchtbaarheid aan gegeven wordt.

Nu had hij mij wel in mootjes willen hakken.

Even terug naar dat heikele puntje van daarnet, dat je net nog even om de hoek mag kijken en ziet wat een doodnormaal overlijden allemaal teweeg kan brengen.

Zou jij in die wetenschap jouw leven niet anders indelen?

 


7 reacties

TheVoice · 25 april 2013 op 14:19

De eerste paar alinea’s kan ik je volgen, daarna ben ik het kwijt 🙁

Nachtzuster · 25 april 2013 op 21:43

Als ik het lees zit er geen woord Spaans bij, maar ook ik begrijp niet echt welk punt je wilt maken.

Één kort zinnetje dat spreekt over het plotselinge verlies en wel twee volzinnen over de mazzel dat hij de rest allemaal niet mee hoeft te maken. Gelieve mij te corrigeren als ik er naast zit, maar betekent dit dat men blij is dat hij weg is?

Beetje te kort door de bocht, denk ik. Kan het niet zo zijn dat de nabestaanden blij zijn dat verder lijden bespaard is gebleven? Na een ongeneeslijke ziekte bijvoorbeeld? Ook al is hij overleden door zelfmoord?

Bitchy · 26 april 2013 op 06:34

Ik heb ooit nabestaanden op de dag van begrafenis, zien vechten om een grote witte onderbroek. Letterlijk. Daarna stonden ze aan het graf vreselijk te huilen. Ik weet dan ook niet of dat was om het verlies van de onderbroek of om oma.
Even *wakker* worden en kunnen kijken lijkt me vaak niet uhhh *plezierig* 😉

Meralixe · 26 april 2013 op 07:17

Mooie ‘lentecolumn.’ In november doen we verder! :rotfl:

Yfs · 26 april 2013 op 09:44

ik heb je tot aan de rouwkaart kunnen volgen. Het plotselinge verlies staat haaks op de mazzel dat hem de rest ( een verder lijden?) bespaard is gebleven. En dat roept vraagtekens op. Als er dan ook nog politie, ambulance en sirenes aan te pas komen is het zoekplaatje compleet. Kortom, een te onduidelijk geheel om af te kunnen sluiten met de filosofische vraag of we ons leven anders in zouden moeten delen.

pally · 26 april 2013 op 12:54

Ik denk dat je nuchterheid en hebzucht wilt zetten tegenover verdriet, Prlwt. Ik denk dat ik begrijp wat je bedoelt, maar die brandweermannenaffaire en de uitleg van buurman’s rouwtekst bliven voor mij tamelijk duister.
Jouw poging nuchter over de dood te schrijven kan ik waarderen.

groet van pally

KingArthur · 26 april 2013 op 20:27

Nee, om antwoord te geven op je vraag. Maar ik heb dan ook mijn eigen manier om naar dit onderwerp te kijken. Ik geloof niet in de dood. Voor mij is er een wet van behoud van massa en een wet van behoud van energie. Wanneer mijn ruimtepak het begeeft is de massa nog steeds daar. Volgens de wetten moet de energie ook nog ergens zijn. Waar? God mag het weten. Volgens aardse begrippen kan ik het ook niet meer waarnemen mijn space suit werkt immers niet meer. Maar het antwoord zal ik krijgen wanneer mijn moment daar is. De dood is slechts ’the ace of spades’: transformatie.

Over de tekst zelf is al het e.e.a. gezegd. Het is idd soms wat moeilijk om je gedachten in de tekst te volgen.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder