Het was kwart over 5 toen hij de stationstrap op liep. Het trok zijn jas tot bovenaan dicht en trok zijn schouders op toen hij perron 1 bereikte, het waaide en het was een paar graden onder nul. God wat haatte hij de winter. Op het perron liep hij direct naar zijn “vaste” plek links van de trap. De plexiglazen wand waarachter de dienstregeling was gehangen boodt hem wat bescherming tegen de ijskoude wind. Zo stond hij hier elke ochtend te wachten op de stoptrein die hem naar de stad bracht waar hij werkte. Op dit tijdstip was het station altijd uitgestorven op een enkeling na. Aan de rechterkant naast de trap stond een vrouw, die hij al eens eerder gezien had rond deze tijd. Tegenover hem op perron 2 stond een onbekende man van rond de 60 jaar met een hoed op en met een koffertje tussen zijn benen naar hem te staren. De man ademde onrustig in en uit, onregelmatige wolkjes damp ontsnapten aan zijn mond.

Om tien voor half 6 naderde de sneltrein naar Amsterdam zijn kant van het perron. Hij deed een stapje naar achteren toen de kop van de trein hem naderde. De trein denderde met veel geweld langs, het perron trilde nog een tijdje na tot de rode achterlichten van de trein het einde van het perron reeds tientallen meters achter zich hadden gelaten. De man op perron 2 staarde nog steeds naar hem.

Hij wreef zijn handen langs elkaar om de kou te verdrijven. Boven het station was de donkere lucht helder. Via de intercom werd omgeroepen dat zijn stoptrein 5 minuten vertraging had. Hij deed weer een stap naar achteren en leunde tegen de plexiglazen wand. De sneltrein in tegengestelde richting zou niet lang meer op zich laten wachten…

Wanneer de 3 heldere koplampen van de sneltrein in de verte naderen doet de man op perron 2 plotseling een stap naar voren in de richting van de rand van het perron. Zijn ademhaling gaat zichtbaar wat sneller, hij blijft hem aan staren. De man doet nog een paar stappen in voorwaartse richting en kijkt hem geschrokken aan terwijl zijn koffer achter hem op het perron blijft staan. De sneltrein nadert nu snel het perron en hij realiseert zich wat de man van plan is. De man loopt verder tot aan de uiterste rand van het perron terwijl hij hem strak aan blijft kijken en de machinist van de sneltrein reageert hierop met een langgerekt geluidssignaal. Hij loopt nu ook naar de rand van het perron als hij de man wil toeschreeuwen maar hij krijgt geen geluid uit zijn keel. Hij gebaart met zijn armen naar de man, die hem aan blijft staren.

Terwijl de trein nog slechts een paar meter van de man met de hoed verwijderd is strekt deze zijn armen uit naar de kristalheldere lucht en het lijkt alsof hij zich voorover laat vallen. De trein raast onverminderd door…
Plotseling gaat de wekker en ontsnapt hij aan zijn nachtmerrie, zijn ademhaling is versneld en hij is nat van het zweet dat hij over zijn hele lichaam voelt. De paniek giert nog in zijn lijf en de adrenaline door zijn aderen. Hij komt langzaam tot rust en hij begint nog onder de indruk van de nachtmerrie zijn dagelijkse routine.

Hij is die ochtend wat eerder dan normaal, om tien over 5, op het station. Het is weer koud en kil en hij denkt terug aan zijn nachtmerrie. Het station is verlaten en het is doodstil. Het perron tegenover hem is nog steeds leeg wanneer hij na een tijdje voetstappen hoort op de trap tegenover hem achter perron 2. Boven de rand van perron 2 waar de opgaande trap het perron bereikt wordt een hoed zichtbaar. Hij houdt zijn adem in als de man uit zijn nachtmerrie het perron op loopt. De man staart hem kil aan, ook het koffertje ontbreekt niet.

Via de intercom komt de melding dat zijn stoptrein 5 minuten vertraging heeft en hij voelt zijn hartslag licht toenemen als hij de stem en mededeling van de intercom herkent uit zijn droom. Voordat de sneltrein perron 1 nadert is in de verte nu ook al de sneltrein van perron 2 in zicht. Hij doet onwillekeurig een stap naar voren in plaats van naar achteren omdat hij bang is voor het ongeluk dat gezien het verloop van zijn nachtmerrie onvermijdelijk lijkt en omdat hij denkt de man wellicht op andere gedachten te kunnen brengen. Opnieuw doet hij een stap naar voren. De man met de hoed doet exact wat hij ook in de nachtmerrie deed, hij doet een paar stappen naar voren, terwijl zijn gezichtsuitdrukking nu eerder verbaasd dan geschrokken lijkt als hij hem aan blijft staren.

Hij roep nu naar de man met de hoed. Hij moet voorkomen dat de nachtmerrie realiteit wordt. De man met de hoed lijkt te schrikken van wat er tegenover hem gebeurt en doet nog een paar stappen naar voren, terwijl het koffertje op het perron achter hem blijft staan. Op perron 1 herkent hij deze voorlaatste stappen uit zijn nachtmerrie en hij doet ook nog een stap naar voren waarbij hij zijn armen uitstrekt naar boven om de aandacht van de man met de hoed nog eenmaal op te eisen.

In zijn linkerooghoek ziet hij plotseling de drie koplampen van de snel genaderde sneltrein aan zijn kant!!! Hij voelt hoe hij over de rand van het perron voorover begint te vallen. Terwijl hij zich realiseert dat hij met het nu definitieve verlies van zijn evenwicht eveneens zijn leven zal verliezen ziet hij de man met de hoed met zijn beide handen voor zijn mond en een verbijsterde uitdrukking in zijn ogen nog net ongedeerd achter de sneltrein van perron 2 verdwijnen. Even zweeft hij nog voordat hij met een enorme smak geraakt wordt door de intercity naar Amsterdam, die over de volle lengte van het perron een geluidssignaal uit stoot.

De man met de hoed zit trillend op de grond op perron 2. Het dringt tot hem door dat hij zichzelf zojuist niet voor de trein geworpen heeft omdat de man die hij verpletterd zag worden door de intercity hem om een onverklaarbare reden had toegeschreeuwd om het niet te doen.

Edwin, december 2007
Voor mijn andere blogs: meldt je aan bij http://edwinstans.hyves.nl/

Categorieën: Verhalen

2 reacties

Avatar

dj_Eddy · 2 januari 2008 op 14:19

Dit had wel iets scherper gekund. Nu heb ik het gevoel dat ik twee keer hetzelfde verhaal lees. O, wacht even, dat kan ook komen, omdat dit verhaal al een keer eerder geplaatst is. 😉

Avatar

Grumpy-old · 2 januari 2008 op 20:21

Hmm zou de redactie te weinig kopij hebben? 😆

Geef een antwoord