Al meer dan 15 jaar ben ik de ongelukkige bezitter van contactlenzen. In mijn geval kun je beter spreken van lenzen, want het contact tussen Meneer Lens en mij is ver te zoeken. We hebben wat je noemt een voor-wat-hoort-wat-verhouding. Mijn lenzen willen alleen contact als ik ook goed voor ze zorg. Zo niet, dan jumpen ze er gewoon uit en verstoppen zich voor 36 uur op de meest onmogelijke plekjes. In je navel, onder het keukenblok, tussen de hagelslag en ga zo maar door. Ik heb ook nooit een relatie gewild met mijn harde lenzen, want zeg nou zelf, je draagt ze niet voor je plezier. Contactlenzen moet je met zorg behandelen, dan heb je de meeste kans op een lens met goede contactuele eigenschappen. Dagelijks schoonmaken dus. Doe je dit niet, dan zijn ze ook niet lief voor jou en krijg je te maken met lenzen die ontstekingen veroorzaken, zodat je ze wel uit moet doen om schoon te maken. Dit schoonmaken doe je bij de eerste aankoop trouw voor de duur van 2 weken. Daarna zo’n 1 maal per week als je zin hebt of als je door de vettige aanslag niks meer kunt zien.

Naast het te pas en te onpas plegen van contactbreuk, levert ieder stofje onder de lens een stortvloed van tranen op. Je ogen gaan er van draaien en uiteindelijk word je zelfs duizelig. Zoiets moet je dus niet op de autobaan gebeuren, maar om me te treiteren gebeurt zoiets juist daar. Gelukkig is het me tot nu toe gelukt om met een slalombeweging rakelings de auto’s te passeren en veilig de vluchtstrook te bereiken. Als het vuiltje geen stofje is maar een minuscule zandkorrel, wil je niet weten wat voor een helse pijn dat veroorzaakt. Ik vertel het je toch. Met elke knipperbeweging van je oog, freest de korrel een stuk van je hoornvlies af. ‘s Avonds zorgen de harde lenzen voor verstrooiing van het licht, zodat autorijden riskant wordt door het verblindende licht van de naderende auto’s. Ook al zou ik de BOBBIN zijn, dan is het nog veiliger als mijn alcoholzuipende vrienden naar huis rijden.

Tot mijn twaalfde had ik scherp zicht. Toen ik in de brugklas meer met bewonderende blikken keek naar mooie jongens dan naar het schoolbord, veranderde mijn heldere zicht met de snelheid van het licht van 0 naar -1. Das voor de leken onder ons een over het algemeen te verwaarlozen sterkte, behalve dat je geen letter van het schoolbord meer kunt lezen. Alle bossen wortels ten spijt, het mocht niet meer baten. Dus was ik gedoemd tot het dragen van een bril en mijn leven voorgoed in eenzaamheid te slijten. Brugsmurf werd brilsmurf. Zoals mijn favoriete schrijver Ronald Giphart het zo mooi verwoorde: ik was het meisje met de aan elkaar gelaste fietswielen. Ik heb nou niet bepaald wat ze noemen een brillengezicht, derhalve werd ik al gauw gepest door de grootste eikel van de klas: Eddie Etterbuil.

3 Jaar lang heb ik mij in alle bochten gewrongen om mijn bril uit schaamte maar niet te hoeven dragen. Zodoende ging mijn sterkte achteruit van -1 naar -2,5! Voor de leken onder ons betekent dit: uit worden gemaakt voor arrogante trut, omdat je geen gezichten kunt onderscheiden die zich op een afstand van meer dan 2 meter van jou af bevinden. Niet kunnen lezen hoe het brood achter de toonbank heet, zodat je stuif-’s-in-taferelen creëerde. ‘Neeeee, naar rechts. Neeeee, naar onderen. Yehhh!’ Uiteindelijk was ik zo woedend, dat ik het gezicht van die etterbuil ten overstaan van de hele klas in elkaar heb getimmerd en het zou me niets verbazen als ik hem eerstdaags in het programma ‘make me beautiful’ aantref. Hij heeft de rest van het schooljaar geen woord meer gerept over mijn Hans-Anders-alleen-de-bril-is-anders-Nana-Mouskouri-montuur, die notabene nu weer modern is.

Toen de lenzen in opmars kwamen ben ik als de wiedeweerga overgestapt van bril naar lenzen. Een hele verbetering. Althans als je ze niet constant moet lopen zoeken. Laatst was het weer zover. Verloren in huis. 10 Uur lang alles afgezocht van prullenbak tot vagina. Resultaat: noppes, nada, niente, nichts. Nieuwe besteld à 101 Euro. En altijd als je de nieuwe besteld hebt, duikt dat kloteding weer op! Onder het plexiglasdekseltje van mijn wattenstaafdoosjes keek ie me aan met zo’n zelfvoldane blik van: ‘lekker puh! Moet je me maar wat vaker schoonmaken!’ Ik heb ‘m vermalen tot poeder en uitgestrooid over mijn spaghetti. Oog om oog, tand om tand!

Door mijn haat-liefdeverhouding met Meneer Lens heb ik nu weer wat wisselende contacten. Ik heb een bril én een reservebril gekocht. Je zult wel moeten als je met een sterkte van -3 of meer een verstoppertje spelende lens wilt vinden. Daarbij moet ik ’s ochtends mijn bril op om mijn lenzendoosje te vinden. Dan breng ik met mijn vinger de lens zodicht mogelijk tot aan mijn bril. Die bril doe ik vervolgens met mijn andere hand omhoog op mijn hoofd. Daarna mik in op goed geluk in mijn oog. Heeft mijn lens weer eens last van een contactstoornis dan belandt hij daar uiteraard niet. Dan moet ik mijn reservebril opzetten, omdat ik mijn goede bril kwijt ben en ontdek vervolgens dat mijn goede bril op mijn hoofd zit en mijn lens in mijn neus! Arggggh om contactgestoord van te worden!


6 reacties

Martijn · 1 oktober 2003 op 09:09

Hè, ik begon mij al illusies te maken met al dat knipogen. Blijkt het gewoon een stofje te zijn… 😉

Leuke column!!

Groet Martijn:-D

Kees · 2 oktober 2003 op 18:50

Ik wil graag van mijn bril af, altijd vingerafdrukken op het glas en stoffig en overweeg lenzen te nemen. Overwoog. Ik hou die bril toch maar!

Sarcasme · 4 oktober 2003 op 10:02

hahah…duidelijk herkenbaar voor mij als mede-lens-gebruiker.
Leuke column hoor…

sarcasme..

Li · 4 oktober 2003 op 10:51

Hartstikke leuke en herkenbare column! Ook ik heb een haat/liefde verhouding met mijn lenzen. Ooit heb ik meer dan twintig man op hun knieën gekregen…Voor de goede orde; om mijn lens te zoeken. IKZELF vond hem weer terug in mijn BH.

Li 😀

Kees · 4 oktober 2003 op 17:19

Eenmaal tijdens brandalarm, moesten we via smal trappenhuis naar beneden (naar boven staat zo raar als het geen oefening blijkt te zijn). Staat iemand voor mij abrupt stil. Spreidt haar armen wijd: ‘Stop! Mijn lens is gevallen!’
Gaat vijf man kruipend over de treden om te zoeken, het hele trappenhuis gebklokkeerd…
Ik zie mensen er voor aan dat ook te doen als het geen oefening is. Stand: twee nul voor de bril.

Mercurius · 5 oktober 2003 op 14:06

Martijn: het was wel een knipoog laatst, maar dan meer om “heb je het al gevonden?” 😉

Li en Sarcasme: bedankt voor het compliment. Ben blij om te lezen dat het leed dat lenzen heet ook bij jullie voorkomt.

Enne Kees: lenzen hebben, heeft ook voordelen. Je kunt huilen zoveel als je wilt en dan altijd het stofje onder de lenzen de schuld geven. 1-2 voor de lenzen dus!

Ciao Mercurius

Geef een antwoord