De regen klettert tegen de ramen. Druppels glijden, soms loodrecht en af en toe zigzaggend, omlaag. Ze maken het glas mat zodat de herfstkleuren in de tuin zich lijken te vermengen. De man achter het raam ziet het fascinerende schouwspel wel maar kan er niet van genieten. Vroeger wel, maar toen was alles anders. Toen was ‘alleen’ nog ‘samen’. Samen zwierven ze door de bossen, samen trotseerden de herfststormen en samen genoten ze van de bonte kleuren in de tuin. Maar sinds hij alleen is, lijken alle dagen kleurloos. Van tafel en bed gescheiden, noemen ze dat. Zijn vrouw, zijn maatje, werd ziek. Een energieke geest gevangen in een willoos lichaam. Hij wilde dolgraag voor haar zorgen maar sinds hij zelf gezondheidsklachten kreeg, kan dat niet meer. Hij vergeet nooit de dag dat hij haar in het verpleeghuis moest achterlaten. Ze zwegen allebei maar hun hart schreeuwde van verdriet. De enige lichtpuntjes waren de weekenden. Elke zaterdag nam hij haar, tegen alle regels in, mee naar huis. Dan giechelden ze thuis, als kwajongens, om hun rebels gedrag. Het hele weekend genoten ze van ‘samen’. Zaten ‘s avonds hand in hand op de bank, dronken koffie met iets lekkers erbij en keken televisie; net als vroeger. Na een glaasje wijn droeg hij haar voorzichtig naar boven en verzorgde haar als een ervaren verpleger. De hele nacht lagen ze als lepeltjes tegen elkaar en dan sloeg hij zijn arm om haar middel alsof hij haar nooit meer wilde loslaten.

‘s Morgens wekte hij haar met een ontbijtje. Vaak werd dat een knoeiboel en daar moesten ze samen om lachen. Na het opfrissen en aankleden, droeg hij haar naar beneden. En nadat ze samen koffie hadden gedronken, bracht hij haar weer naar het verpleeghuis. Deze weekenden brachten kleur in hun leven. Maar toen sloeg het noodlot toe. Op een zaterdagavond werd ze ziek. Doodziek, leek het.Angstig belde hij de weekendarts. Die weigerde te komen omdat zij in het verpleeghuis hoorde. In paniek toetste hij het nummer van de verpleeghuisarts. Ook hij weigerde hulp omdat zij, tegen alle regels in en voor eigen risico, naar huis was gegaan. Wanhopig belde hij 112. Uiteindelijk werd zij, ter observatie, in het ziekenhuis opgenomen. Het viel gelukkig mee; het bleek een onschuldig virus te zijn. Eenmaal terug in het verpleeghuis werden ze, als stoute kinderen, op het matje geroepen. Hij moest beloven haar nooit meer mee naar huis te nemen. Wilde hij haar dood op zijn geweten hebben?

Dat is deze maand precies een jaar geleden. De regen klettert tegen de ramen. Druppels glijden als tranen omlaag. Tweeënvijftig weekenden zonder haar maakt het huis koud en leeg. Hij zou zo graag weer wat kleur in hun leven brengen. Nu zijn alle dagen grijs.


Avatar

Li

Liever gek dan 'grijs'. (O)mama Li doet maar wat. Schrijft voor een scholengroep, een ouderenblad en voor schrijfgroep Undercover. Is na 10 jaar weggereorganiseerd bij het Alphens Nieuwsblad. Werkt 30 uur per week als bovenschoolse coördinator TSO bij SCOPE Scholengroep.

21 reacties

Avatar

Wright · 25 november 2004 op 08:26

Zucht….

Ze bestaan nog steeds, echtparen die elkaar liefhebben tot de dood hen scheidt.
Dat is wat wij plechtig beloven in het stadhuis, maar deze belofte komt slechts van één kant, wat de overheid betreft!

Het is toch godsgeklaagd hoe wij met deze ouderen omgaan.
Mensen die hun hele leven samen zijn, uit elkaar halen omdat er geen geld is.
Wat mij betreft valt dit onder artikel 5 uit de Universele verklaring van de rechten van de mens: Niemand zal onderworpen worden aan een wrede, onmenselijke of onterende behandeling!

Ontroerend mooie column, Li!

Avatar

Dinah · 25 november 2004 op 08:30

Subliem geschreven Li

Avatar

Fred · 25 november 2004 op 09:45

Mooi geschreven LI.

Wat mij betreft jammer dat ik in de eerste alinea al weet welke kant het op gaat. Het verrassingseffect is dan (voor mij) weg. En ook een beetje de zin om te lezen dan.
Maar zeker goed geschreven!

Avatar

John_van_Leverdingen · 25 november 2004 op 09:45

Ongelooflijk waar je de zelfbeheersing vandaan haalt Li. Het liefst wil je het uitschreeuwen, honderd mensen voor hun kop slaan, overal voel de onmacht in je lijf. En jij schrijft er een prachtige column over die je pakt tot diep in je hart.

Zeldzame prestatie!

….maar af en toe zo’n arts voor zijn kanus slaan helpt meer…

Avatar

Mar · 25 november 2004 op 10:03

Prachtig, echt waar.

Mar

Avatar

Hendriks · 25 november 2004 op 10:42

Prachtig!

Avatar

Charlotte · 25 november 2004 op 11:05

Ik ben er stil van…. zo mooi

Avatar

Kees Schilder · 25 november 2004 op 13:01

Zie boven!!

Avatar

Mosje · 25 november 2004 op 13:07

Eens met Kees
😛

Avatar

Ma3anne · 25 november 2004 op 13:30

Dit soort artsen die hun gelijk willen halen en die mensen op zo’n moment in de steek laten vind ik dus godslasterlijk.

Gossamme zeg, word ik hier kwaad van als ik dit lees…

Avatar

Li · 25 november 2004 op 15:31

[quote]Wat mij betreft jammer dat ik in de eerste alinea al weet welke kant het op gaat. Het verrassingseffect is dan (voor mij) weg. En ook een beetje de zin om te lezen dan[/quote]

Eerste alinea? Dat valt me van je tegen Fred. Dat had je bij de titel al kunnen weten. 😛

En een noot voor de anderen;
Dit is inderdaad te gek voor woorden. Toen het verhaal op mijn pad kwam, begon mijn bloed te koken en pakte ik mijn wapen: De Pen.;-)

Li

Avatar

Mup · 25 november 2004 op 16:01

Kippenvel Li. Sluit me bij alle bovenstaande reacties aan, vooral bij die van John.

Groet Mup.

Avatar

Anima · 25 november 2004 op 16:16

Een van de mooiste dingen die ik hier al gelezen heb, en tegelijk een van de treurigste.

Avatar

Fred · 25 november 2004 op 16:29

[quote]Eerste alinea? Dat valt me van je tegen Fred. Dat had je bij de titel al kunnen weten. [/quote]

Bij de titel dacht ik nog even aan de kleur van mijn haar.
Voor de liefhebbers van schrijnende verhalen. Laat op de avond worden er korte documantaires uitgezonden over 26000 asielzoekers. Hoezo gezinnen mogen bij elkaar blijven. Meer te lzen en zien op http://www.26000gezichten.nl

Avatar

sally · 25 november 2004 op 21:24

Tja, kippenvel is ook al weer zo`n standaard reaktie.
En toch had ik het bij het lezen van je column.
lief, ontroerend en tegelijkertijd de angst dat het ons ook ooit kan overkomen.
Iets dergelijks.
Eenzaam tussen heel veel mensen.
En dan zijn alle grootse wereldproblemen ineens of nog grootser of totaal onbelangrijk.
liefs
Silly.

Avatar

melady · 26 november 2004 op 00:12

Li, je intro..

[quote]De regen klettert tegen de ramen. Druppels glijden, soms loodrecht en af en toe zigzaggend, omlaag.[/quote]

brr… een kasteelroman dacht ik…zo ken ik je stijl niet…maar doorlezend kreeg ik toch kippenvel.

Melady 🙂

Avatar

pepe · 26 november 2004 op 08:15

Erg mooi weer, Li
Triest ook dat juist deze mensen steeds minder vaak hun pleziertjes krijgen.
Zolang ze elkaar nog hebben gaat het wel.

Avatar

WritersBlocq · 3 december 2004 op 12:54

Hoi Li,
Schrijnend goed geschreven, klasse!
Groetje, Pauline

Avatar

Sandy · 16 december 2004 op 19:47

Wauw! Ik kreeg er tranen in m’n ogen van……

Avatar

Suus · 23 december 2004 op 23:17

Gedeelde emotie, mooi om te zien dat twee mensen zo één kunnen zijn, verdrietig om te lezen dat twee uiteindelijk toch weer één moet worden, maar gelukkig wel één met de helft van twee.

Erg mooi….

Avatar

ignatius · 29 december 2004 op 00:07

Mooie column.

Geef een antwoord