Iedereen heeft wel eens last van aandrang op momenten dat het je niet helemaal uitkomt, bijvoorbeeld als er helemaal geen toilet in de buurt is of als je haast hebt. Een dikke boom uitzoeken in een druk winkelcentrum is al helemaal geen optie. Maar wat dan wel? Ik zie een klein zaakje waar mensen aan kleine tafeltjes een appelpunt eten of met een stuk kersenvlaai met slagroom verlekkerd de voorbijganger zijn ogen uitsteekt. Dit beeld verbond ik meteen aan een de mogelijke aanwezigheid van een toilet en daarom stapte ik kordaat het zaakje binnen.

Eerst keek ik speurend in het rond en zag achter in de zaak toiletdeuren dus ik kon mijzelf geruststellen en bestelde bij de serveerster koffie en een appelpunt met slagroom. Smijt maar neer zei ik, ga ik ondertussen even daarheen en wees in de richting van de achterkant van de zaak. Zij knikte dat zij mij begreep.

De ingangen van de toiletten zijn gelardeerd met een soort poortwachters in de vorm van aan beide zijden geplaatste tafeltjes met bijbehorende etende en pratende mensen. Wist ik dit van tevoren dan had ik gisterenavond bruine bonen met uien gegeten. Als klein behuisd koffiezaakje moet je nu eenmaal effectief met de beschikbare ruimte omspringen, nietwaar? Een gekregen paard mag je niet in de bek kijken want in dit geval is er een toilet aanwezig en daar gaat het mij nu even om.

De deur van het toilet slaat naar binnen open; ik kom in een soort voorportaaltje met een wasbak en een spiegel. Ik probeer de deur achter mij dicht te krijgen maar dat past niet omdat ik er klem tussen sta. De tweede deur, die naar het toilet voert, slaat naar mij toe open maar de openstaande kier is niet ruim genoeg om mij door te laten. Ik zal terug naar buiten moeten om met een nieuwe strategie het toilet te bezoeken.

Ik denk na …..

Verbaasd kijkend weer buitengekomen kijken de poortwachters mij meewarig aan maar gaan onverschrokken verder met hun gesprekken; de man in nood hopeloos aan zijn lot overlatend.

Ik open nogmaals de toegangsdeur, kijk naar binnen en overzie de situatie. Ik stap het vertrek in en trek de volgende deur helemaal open. Nu loop ik door, voorbij het wasbakje zelfs en duw de buitendeur achter mij dicht; er zit geen slotje op deze deur. Eindelijk sta ik oog in oog met de zo fel begeerde toiletpot en trek de deur achter mij dicht, het schuifje duw ik naar links en laat mijn opgekropte spanningen de vrije loop.

Maar nu? Ik zal ook weer terug moeten, naar buiten. Geruime tijd denk ik na hoe ik dit vraagstuk moet oplossen en wel in omgekeerde volgorde. Stap voor stap volg ik mijn gevoel en het lukt mij eindelijk de uitgang te vinden. Opgelucht stap ik op mijn tafeltje af waar de koffie met gebak al klaar staat.

Er loopt een man op de toiletdeur af; nieuwsgierig kijk ik toe hoe dit afloopt. De buitendeur van het toilet wordt gesloten en ik hoor een hoop gestommel. Niet veel later komt de man weer naar buiten en kijkt hulpeloos om zich heen, je ziet hem wikken en wegen en een volgende poging wordt ondernomen. Wederom komt de man weer naar buiten en vraagt hierbij aan de poortwachters hoe één en ander in zijn werk gaat. De poortwachters zijn in dit geval dames dus die hebben geen ervaring met deze toegangsdeur en vertellen hem dit ook.

Mijn bordje is leeg en ik ga afrekenen. Naast mij staat de man met de hoge nood en hij vraagt mij hoe ik dat heb opgelost om daar binnen te komen. Beste man zeg ik: de vraag is niet hoe je er binnenkomt maar eender hoe je er weer uitkomt. Als ik over zijn schouder kijk zie ik twee dames naar het andere toilet gaan.
Hier zou je voor je lol de hele dag blijven zitten maar dat is budgetair ondoenlijk.

Categorieën: Verhalen

9 reacties

Avatar

SIMBA · 18 september 2007 op 13:49

En dan zit je nog niet eens in een rolstoel!
Lekker vlot geschreven, leest als een trein!

Avatar

pally · 18 september 2007 op 14:45

Weer een hilarisch stukkie ( nee, geen appeltaart) Plrwt!

Toch ook een paar puntjes van kritiek: In de intro staat 2x ‘helemaal’ vlak achter elkaar, later klein en kleine, vind ik niet zo mooi.

En hier klopt het werkwoord niet volgens mij:[quote]Ik zie een klein zaakje waar mensen aan kleine tafeltjes een appelpunt eten of met een stuk kersenvlaai met slagroom verlekkerd de voorbijganger de ogen uitsteekt[/quote]
volgens mij moet het hier ‘uitsteken’ zijn, het slaat terug op mensen.

groet van Pally

Avatar

lisa-marie · 18 september 2007 op 15:39

Gaande weg moest ik erg lachen.
Dit soort “leedvermaak” voor anderen is mij laatst ook overkomen. Binnenkomen gaat nog wel maar eruit komen.
Je hebt het meesterlijk neeergezet. 😀

Avatar

arta · 18 september 2007 op 18:48

😆 😆 😆
Weer erg leuk geschreven, Prlwyt!
Ik zie je daar al helemaal sudoku-en om er weer uit te kunnen! 😀

Avatar

Li · 18 september 2007 op 19:42

Ze nemen daar ‘het kleine kamertje’ wel heel erg letterlijk. Zo letterlijk dat de gasten er figuurlijk niet eens inpassen. 🙂

Li

Avatar

klapdoos · 18 september 2007 op 22:45

Heerlijk, zag die hele film al voor me. Een heerlijk stuk om te lezen,
groet van leny 😆 😆 :wave: :wave:

Avatar

KawaSutra · 19 september 2007 op 00:47

Haha, als ik met mijn postuur af en toe al klem sta dan moet het voor de wat corpulentere medemens een onmogelijke opdracht zijn. Daarmee niets zeggende over jouw postuur uiteraard want dat zou gissen zijn. 😀
Leuke column!

Avatar

WritersBlocq · 19 september 2007 op 23:25

Wat een lekker stukkie schrijvelarij weer Peter, super neergezet. Je krijgt bij jouw verhaal beeld en geluid op de koop toe – gelukkig wordt de wc-geur me bespaard!

@ Pally:
[quote]volgens mij moet het hier ‘uitsteken’ zijn, het slaat terug op mensen.
[/quote]

Volgens mij slaat het niet op mensen, maar op
[quote]of met een stuk kersenvlaai met slagroom verlekkerd de voorbijganger de ogen uitsteekt
[/quote]
de kersenvlaai dus. Leuk hè, NL taal 😀

Avatar

Shitonya · 20 september 2007 op 11:40

Elke slaapstoornis kan hiermee verholpen worden. Het idee is leuk, maar de uitwerking is dodelijk saai.

Geef een antwoord