Sommige mensen die je tegenkomt in het leven hoef je slechts met één blik aan te kijken om te weten dat het meer is dan een toevallige voorbijganger. Vaak merk je tijdens een eerste gesprek al, dat dit meer is dan een volslagen vreemdeling een toevallige passant of erger nog een persoon die je na een aantal woorden in gedachten al doorstreept als potentiële kanshebber voor een plaatsje in je adressenboekje. Een jaar geleden leerde ik hem kennen, via een wederzijdse kennis. Terwijl we ons alvast een beetje moed indronken voor de wedstrijd, zei deze kennis dat hij me aan iemand voor wilde stellen. En daar aan een tafeltje in de supporterskantine zat hij dan, met de nationale driekleur van Friesland rond zijn schouders en een warrige haardos daarboven. Ik stelde me aan hem voor, en aan de twinkeling in zijn ogen kon ik merken dat hij aangenaam verrast was door die vreemde dame die hem aansprak.

Na deze ontmoeting ontwikkelde zich een diepe vriendschap, waaruit bleek dat we meer dan gewone mensen waren die elkaar toevallig eens gesproken hadden en elkaar wel aardig vonden. Niet dat er kriebels en vlinders rondom ons heen fladderden, maar meer het gevoel dat je hebt wanneer je je tweede ik tegen het lijf gelopen bent. Ik bracht hem nadien ook vaak na de wedstrijden naar huis, zodat hij niet op het openbaar vervoer aangewezen was. Dronken samen na de wedstrijden nog een biertje in onze vaste supporterskroeg en spraken over zaken die ons bezighielden. Echte vriendjes dus, al bestempel ik hem allang niet meer als vriend, maar als een Soul Mate.

Zo vertelde hij me op een dag dat hij ernstig ziek was geweest, en waar hij door de pruttelende geluiden wegens een stoma nog dagelijks aan herinnerd werd, maar zei hij optimistisch… “ik ben er nog! En dat is het belangrijkste!” Hij bezocht alle thuiswedstrijden en zijn jaarlijkse uitje was wel de wedstrijd in de Kuip, wanneer sc Heerenveen tegen Feyenoord moest spelen. Dan toog hij samen met een groepje vrienden naar Rotterdam en zocht daar zijn vaste kroeg op, waar hij samen met zijn vrienden en enkele Feyenoord supporters gebroederlijk hun pilsjes dronken.

Vorig jaar kwam het onheilspellende bericht, dat de ziekte die hij eens overwonnen had weer de kop op gestoken had. De schrik sloeg me om het hart, want ik wil gewoon nog geen afscheid nemen van iemand die me zo dierbaar is geworden het afgelopen jaar. Hij heeft verschillende chemokuren ondergaan, die hem zwaar gevallen zijn en geen resultaten geboekt hebben. Elke keer dat ik hem bezoek tovert hij zijn beste glimlach op zijn gezicht en is het als vanouds. We spreken niet veel over zijn ziekte, maar zwijgen het ook niet dood. Toch vinden we het beiden blijkbaar leuker om de randverschijnselen van het voetballen en de resultaten van onze club onder woorden te brengen dan sikkeneurig over de teleurstellende diagnoses van de doktoren te praten.

Hoe slecht hij zich ook voelt op dit moment, hij heeft er werkelijk alles voor over om zijn club te zien spelen. Nu het lopen hem te zwaar word en hij de tocht vanuit het centrum naar het stadion niet meer te voet kan volbrengen, komt een mede supporter hem een fiets brengen, waardoor hij op de fiets naar het stadion kan gaan. Steevast zit hij daar nog even voor de wedstrijden aan “zijn” tafeltje met zijn trouwe vrienden. Vervolgens strompelt hij de trap af om zich naar zijn plaatsje in het stadion te begeven, waar hij net als altijd geniet van het spel wat de jongens op het veld hem voorschotelen.

Dat hij ondanks zijn zwakke gezondheid naar het stadion gaat om de wedstrijden van zijn club te kunnen zien toont aan dat deze supporter niet de zogenaamde gloryhunter is, maar een persoon die meer liefde voor zijn club uitstraalt dan menige supporter in het hedendaagse voetbalstadion laat zien. Voor zo’n supporter zou men een standbeeld op moeten richten direct naast het beeld van Abe. In het verbouwde stadion zou eigenlijk een tribune naar hem vernoemd moeten worden, en er zouden toernooien georganiseerd moeten worden, waar ze zijn naam aan koppelen.

Intussen weten we dat hij nooit meer beter zal worden. Waar we eens nog alle hoop hadden op een goede afloop, moeten we nu onder ogen zien, dat deze fantastische kerel ons veel te vroeg zal moeten verlaten. Ik denk er veel over na, over hoe het straks zal gaan zonder hem. Nooit meer even naar die vaste plek in de supporterskantine wandelen voor een aai of een knuffel…. Nooit meer die discussies over de opstelling en de éénsgezindheid waarmee we alles kunnen verklaren… Nooit meer dat beugeltje in de Trend… maar bovenal nooit meer zijn wijze woorden wanneer ik met een persoonlijk probleem worstel waar hij als altijd een pasklaar éénvoudig antwoord op weet te bedenken.

Hoe het allemaal verder gaat verlopen, kunnen we geen voorspellingen over doen. Het enige wat ik kan voorspellen is dat ik hem heel erg ga missen, als mede supporter maar bovenal als vriend. Ik wil hem met deze column dan ook laten weten, dat er ergens een pleuro op deze aardkloot rondhuppelt, die in gedachten bij hem is.

[img] http://www.feanfans.nl/images/jelle3.jpg[/img]


8 reacties

Mup · 27 maart 2004 op 12:14

Zonder woorden,

Groet Mup.

pleuro · 27 maart 2004 op 13:15

hmmmm merk dat de foto het niet doet…

[img]http://www.feanfans.nl/images/jelle3.jpg[/img]

alsnog…. mijn kanjer “Jelle!”

R@@F · 27 maart 2004 op 18:28

Men moet ziekte niet verdragen, maar dragen. Dat lukt alleen met liefde en vriendschap (Drukpa Rinpoche).
Pleuro..je bent een bijzonder mens!

R@@F

pepe · 27 maart 2004 op 18:34

mooi geschreven… zucht

Kees Schilder · 28 maart 2004 op 10:03

Sterkte Pleuro!

Mercurius · 28 maart 2004 op 13:17

Diep geraakt in mijn hart!

Ciao Mercurius

Mosje · 28 maart 2004 op 14:27

Hele mooie column Pleuro, een om in te lijsten, samen met die foto…….

Ma3anne · 29 maart 2004 op 11:39

Heel ontroerend en goed beschreven. Hoe gevoelig een stoere Pleuro kan zijn…

Heel veel sterkte samen!

Geef een antwoord