Sommige dingen zijn voorspelbaar. Toeval bestaat niet. Schrijfster dezes tartte dus het noodlot door een lekker badje klaar te zetten. Een scheut aromatisch badzout. Een glaasje koele Chardonnay bij de hand. Champagnekoeler gevuld achter de hand. Draagbare telefoon binnen handbereik. Bach op de achtergrond. Kortom: het betere ik-neem-het-er-eens-goed-van-werk. Lig je net languit in het lichaamswarme water, kijk je net naar je ontlakte teennagels die speels boven het schuim uitpiepen of daar gebeurt het voorspelbare: de bel gaat. Schrijfster dezes springt gezwind, een Vlaamse krachtterm onderdrukkend, uit de badkuip en rent op natte voeten, onderweg een badhanddoek rond het goedgevormde natte lijf en leden slaand, richting huisdeur.

“Dag mevrouw Pieters, stoor ik niet?”

Voor de deur staat juffie Sabine. Juffie Sabine is een wat oudere dame, al is ouder relatief. Toen schrijfster dezes 18 was, leek 40 al bejaard. Nu schrijfster dezes ook al in de buurt van 13.000 dagen op deze wereldkloot rondhost, is 40 nog jeugdig. Juffie Sabine is in mijn buurt wereldberoemd. Juffie Sabine is lid van elke vereniging die schrijfster dezes kent. En overal in het bestuur. En overal eerst aanwezig. En overal laatst weggaand, nadat ze netjes de zaal heeft opgeruimd, het licht uitgeknipt en de deur grondig heeft afgesloten. Op dubbel slot. Juffie Sabine heeft meer bestuursmandaten dan onze burgemeester. Juffie Sabine is een rots in de branding. Mocht juffie Sabine in de tijd van Christus geleefd hebben, de apostel Petrus kon fluiten naar eeuwige roem.

“Kom binnen Sabine”, zei schrijfster dezes
“Geen wateroverlast”, vroeg juffie Sabine ondertussen de gang binnenschrijdend. Juffie Sabine kwam nooit ergens binnen. Zij schrijdt met de waardigheid van een steunpilaar in de plaatselijke gemeenschap ergens binnen.
“Enkel plaatselijk”, zei schrijfster dezes, subtiel wijzend op de plasjes die een spoor vormen naar de badkamer, “belange niet zo erg dus als de helft van Roeselare, die volgens de media onder water staat.”
“Ja, mevrouw Pieters, wij zijn hier al bij al nog aan het ergste ontsnapt”

Juffie Sabine nam plaats in de zetel, haar knieën zedig bij elkaar. Lichtjes voorover buigend in de belangstellende luisterhouding die juffie Sabine op het lijf geschreven is. Schrijfster dezes haalt ondertussen een wijnglas uit de kast.
“Ook een glaasje Chardonnay? De fles is gekoeld en open”
“Graag”, antwoordt juffie Sabine, terwijl ze mij onderzoekend aankijkt. Vermoed zij dat schrijfster dezes een gewoontedrinker is? Of zit de omgeslagen badhanddoek niet op de juiste strategische plaatsen?
“Mevrouw Pieters”
“Zeg maar Els”
“Els, ik kom je wat vragen. Maar je mag gerust neen zeggen. En ik weet dat het een abnormale vraag is. We hebben er toch lang over gediscussieerd, maar iedereen vond dat we het mochten vragen”
Schrijfster dezes wist helemaal niet waarheen dit kon leiden.
“Gezondheid”, zei ik, ondertussen nippend aan mijn glaasje Chardonnay

“Els, begin augustus nemen een aantal mensen van de diaclub een kortfilm op. En we vroegen ons af of je zou willen mee-acteren”
“En welke rol had je in gedachten?”, zei schrijfster dezes belangstellend
“Ja. Dat is nu het probleem. Je zou heel wat tekst moeten leren.”
“Och, Alzheimer ken ik enkel nog van naam. Hoe was trouwens zijn voornaam ook al weer?”
“En… je zou ook een naaktscène moeten doen. ’t Is geen seksfilm, zeker niet. Belange niet. En de scène past in het geheel. En iedereen zei: dat is iets voor mevrouw Pieters.”.

Het kwam eruit alsof juffie Sabine mij zopas ten huwelijk had gevraagd. Het was nochtans tientallen keren ingeoefend, toch kan schrijfster dezes niet gewagen van een geslaagde première.

Om de webloglezer niet op zijn/haar honger te laten, gaat schrijfster dezes haar log hier niet eindeloos rekken met het verhaal van de tweede fles Chardonnay die juffie Sabine en ik soldaat hebben gemaakt. Noch geef ik hier de sprankelende conversatie weer, die menig liefhebber van retoriek vol van verzadiging tot zich zou nemen. Laat deze vraag volstaan: is er een Oscar voor de beste vrouwelijke bijrol in een kortfilm?


9 reacties

bert · 11 juli 2005 op 17:54

Schrijver dezes telt 13 keer schrijfster dezes en vindt dat het enige mindere aan deze column.
Verder is het leuk geschreven. Welkom op cx.

Kees Schilder · 11 juli 2005 op 17:59

Welkom Els.Als trouwe fan weet je hoe ik over deze column denk.Hoop dat er nog veel volgen.jammer dat de plaatjes er niet bijstaan 😀

champagne · 11 juli 2005 op 18:05

Schrijfster dezes sluit zich geheel bij Bert aan. Ik vond het begin m.n. erg leuk en veelbelovend, helaas zakt dat iets af in de loop van het verhaal…

Li · 11 juli 2005 op 18:45

Steengoeie dialogen.
Ik verwachtte eigenlijk een plot maar het verhaal ging uit als een nachtkaarsje.
Je heb het over een weblog. Ik zal daar eens een kijkje nemen want volgens Kees staan daar ook plaatjes bij 😀

Li

KawaSutra · 11 juli 2005 op 22:13

[quote]schrijfster dezes[/quote]
Vervang het eens door het woordje ‘ik’, en vergelijk hoe vaak dat woord in een willekeurige column voor komt. Het viel me op maar ik vond het niet storend. ‘t Is bijna consequent toegepast en heeft wel degelijk een zekere functie in de sfeer van het verhaal. Ik heb eigenlijk nog nooit Vlaamse spreektaal gelezen en ik vond dit verhaal zeer plezant. 😀

Louise · 12 juli 2005 op 07:43

Juist door dat steeds herhaalde [i]schrijfster dezes[/i] werd het een soort klucht. Heel apart wel.

Mosje · 12 juli 2005 op 08:59

Mevrouw Pieters – mag ik Els zeggen? – ik vind het wel een leuk stukje.

WritersBlocq · 12 juli 2005 op 10:17

Schrijfster dezes heeft de slappe lach gekregen van de ‘schrijfster dezes-sen die erin staan, geweldig! Verder kon schrijfster dezes het niet laten om de rekenmachine te hanteren. De cijfertjes geven in groen op zwart aan dat jij 35.61643835 jaar bent.
[quote]“Och, Alzheimer ken ik enkel nog van naam. Hoe was trouwens zijn voornaam ook al weer?”[/quote]
Deze zin is hilarisch (wat betekent dat ook alweer…?) 😀 Groetje, Pauline.

Ma3anne · 12 juli 2005 op 22:29

Behalve al die ‘schrijfsters dezesen’ gewoon een goed geschreven verhaaltje. Inhoudelijk een beetje oubollig, vind ik.

Geef een antwoord