Aan het eind van het jaar is het weer tijd voor cabaret. Sinterklaasconferences, oudejaarsconferences, hoogtepunten van diverse cabaretiers. Het is een traditie waarbij ik altijd met veel plezier aan de buis gekluisterd was. Ook vandaag de dag kijk ik nog steeds naar cabaret op tv. Maar het plezier is minder geworden. Als tiener en als twintiger ging geen grap mij te ver. Van Freek de Jonge en Youp van ’t Hek naar Theo Maassen en Hans Teeuwen. Ik vond het allemaal prachtig. De spiegel die de maatschappij werd voorgehouden, kon niet hard genoeg in het gezicht worden geslagen. Inmiddels ben ik echter een dertiger en het lijkt erop dat ik milder begin te worden. Of in ieder geval genuanceerder. Het zal de ouderdom wel zijn.

Het cabaret daarentegen lijkt alleen maar harder te worden. Harder, maar niet noodzakelijkerwijs scherpzinniger. En dus ook niet leuker. De jonge garde gebruikt steeds grovere uitingen om steeds minder inhoud te verwoorden, en de gelauwerde senioren zijn over de houdbaarheidsdatum. De Jonge is een verzuurde oude man geworden. Van ’t Hek is allang geen vertegenwoordiger van het klootjesvolk meer. Hans Teeuwen is het land ontvlucht na zijn aanranding van de koningin. En Theo Maassen heeft met zijn tirade tegen Patricia Paay het cabaret een nieuw dieptepunt gegeven.

Het kost mij steeds meer moeite om cabaretiers niet te zien als laffe mannetjes die vanaf de zijlijn lopen te schoppen tegen alles wat hen niet zint. Zonder enige kennis van zaken en zonder enig gevoel voor nuance wordt iedereen die boven het maaiveld uitkomt neergesabeld. Deconstructionisme als volksvermaak. Lekker makkelijk. Lekker veilig ook, vanaf je platvloerse kansel. De cabaretier als onkruidwieder van het poldermodel. De cabaretier als inquisiteur van het vrije woord. De cabaretier als proctoloog van het nationaal geweten. Wat een held!

Nee, dan de columnist. Die neemt tenminste de pen ter hand voor het taalkundig steekspel. Zo opportunistisch als de cabaretier zijn omgeving geselt, zo doordacht en legitiem zijn de folteringen van de columnist. Port de cabaretier alleen in het vlees voor een goedkope lachreflex, dan legt de columnist de maatschappelijke zenuw geheel bloot voor een uitvoerige kijkoperatie. De columnist is een clinicus, de cabaretier is slechts een cliniclown.

Maar wacht eens even. Is dat beeld wel accuraat? Waar de columnist zijn ideeën stilzwijgend aan het papier toevertrouwt, spreekt de cabaretier ze hardop uit. Waar de columnist zich verschuilt achter een pseudoniem met een wazig fotootje van een bosje besneeuwde takken, of iets dergelijks, klimt de cabaretier op het podium om onder eigen naam en met zijn gezicht in de schijnwerpers te opereren. Het enige echte verschil tussen columnist en cabaretier is dat laatstgenoemde met open vizier de strijd aangaat. Dat brengt mij bij een sombere conclusie. Een columnist is niet meer dan een cabaretier met podiumvrees.


12 reacties

Ma3anne · 27 december 2009 op 12:01

[quote]Inmiddels ben ik echter een dertiger en het lijkt erop dat ik milder begin te worden.[/quote]
Goh, da’s vlug. Ik heb er een twintigtal jaren langer over gedaan. 😀

Ik ben het helemaal eens met dit krachtig geschreven stuk. De laatste alinea een mooi stukje ironische zelfspot.

Complimenten!

Edit: Vanavond was ik ergens op visite en tussen de hapjes door schoot me de titel van deze column te binnen. Toen zag ik pas hoe goed die is! Beetje laat, maar toch. :kuku:

Avalanche · 27 december 2009 op 13:40

Mooi! :wave:

maurick · 27 december 2009 op 15:19

Schitterende laatste alinea!
Goed stuk

LouisP · 27 december 2009 op 15:42

Sneeuwgans,
ik vind dat je het allemaal heel goed hebt geformuleerd, er is over nagedacht….

‘minder scherpzinnig dus ook niet leuker’

daarmee ben ik het niet met je eens…is ook niet objectief en maakt niet uit…
Fans van Teeuwen en Maassen worden alleen nog maar meer fan door de door jouw aangehaalde ‘stoten’ van hun idool. Denk ik….

Verder prima, staat die wel onder het goed thema?

Louis

Shitonya · 27 december 2009 op 16:44

Een column die niet beter geschreven kon worden.

KawaSutra · 28 december 2009 op 01:56

Ik geef je zegge en schrijve een 9 voor deze column.
Geen 10 want:
[quote]Een columnist is niet meer dan een cabaretier met podiumvrees.[/quote]

Mien · 1 januari 2010 op 03:31

Mooi column en aanwinst voor CX.
Maar natuurlijk bevestigd de uitzondering de regel: Wim Helsen
Gaat dat zien … uitzonderlijk, vernieuwend en zonder vloeken!!!

Mien bescheiden mening

SIMBA · 1 januari 2010 op 10:20

Gefeliciteerd met je CvdM!
Gisteravond heb ik met veel plezier naar Guido Weijers gekeken; genuaceerd, leuk, niet grof maar wél scherp!

arta · 2 januari 2010 op 23:48

Gefeliciteerd, Sneeuwgans!
Ik had hem nog niet gelezen, ben blij dat ik hem hier, terecht, bovenaan nog tegenkom!
Je schrijft echt lekker!

Sneeuwgans · 3 januari 2010 op 00:11

Wow, kom je terug van vakantie en ben je benieuwd wat er van je laatste inzending geworden is, blijk je de column van de maand geschreven te hebben! :oeps:

Alle CX-ers die gereageerd hebben hartelijk dank voor alle lovende woorden! :wave:

WritersBlocq · 4 januari 2010 op 15:50

Geweldige column, dit! En inderdaad een treffende titel. Leuk dat je bovenaan staat, gefeliciteerd daarmee. Een mooie kwalitatieve aftrap hier op CX.

Groetje, Pauline.

Dees · 8 januari 2010 op 10:15

Helemaal fantastisch deze column die zo terecht van de maand is geworden. Van begin tot eind goed, geen woord teveel of te weinig. Kortom, veren voor waar je ze maar wilt hebben 😉

Geef een antwoord