De puber van de wereldeconomie

Met een zucht en een onderdrukte gaap zet ik de televisie uit. De ene na de andere volksvertegenwoordiger weigert naar de openingsceremonie van de Olympische Spelen te gaan. Dit statement is ontzettend oplossingsgericht. De enkeling durft te verkondigen dat het vanwege een politieke boycot is. Anderen hebben plotseling een afspraak, kunnen toch niet komen, hebben een zieke dochter of een begrafenis. Dat staat natuurlijk al maanden voor de Spelen vast.

Chinezen, heksen en hofnarren

Ik glij. Het asfalt onder mijn skeelers voelt glad aan. Met mijn neus er dicht bovenop veranderen de kleuren in een wonderlijke waas. Grijs, paars, geel, alle steentjes zijn erin verwerkt. De wind duwt tegen mijn benen, mijn billen en het stukje rug dat niet haaks op mijn diepe zit staat. Zoef, zoef. De winterzon is warm op mijn gezicht. Plotseling moet ik remmen. Er staan Chinezen op mijn weg!

Afleiding

Diep in gedachten lopen mijn paraplu en ik door de schemerende straat. De warmte van open winkeldeuren streelt zacht mij gezicht tot het weer wordt verdrongen door de felle oostenwind. Ineens doemt een witte jas voor me op. Het klembordje zwaait aan de armen en voor ik het weet, antwoord ik al. “Nou, vooruit, probeer maar eens.”

Gebroederlijk

“Kom op man! Hij is al vet te laat! Waar blijft ‘ie nou! Fuck man, fuck, houdt ze het wel vol? Kom op schat, kom op, nog even…”
Jacqueline ligt half op haar zij midden in de woonkamer. Haar adem piept en haar schouders schokken.
“Fuck man, Jacq, schat, bij blijven, hoor je?”
“Rob, toe, doe nu rustig. Het komt goed.”
Robert draait zich fel om naar zijn vriend.
“Het komt fucking de klotezooi helemaal niet goed!”

Een homo over de Dam

Plato beschreef het al in de oudheid. Er komt niets tussen de liefde van twee mannen. Toen werd deze liefde al verheven boven de liefde tussen en man en vrouw. Goed, Plato heeft het ook over liefde tussen oude wijze mannen en jonge beïnvloedbare slavenjongetjes in zijn Symposium, maar dat is weer een ander verhaal.