Vervreemd

Ik wil een zachte dood. Ik eis een zachte dood. Ik wil in slaap vallen met de deken om mijn lichaam gewikkeld, liggend op mijn zij, met mijn gezicht naar de muur toe gericht. Ik wil de regen kletterend tegen mijn raam horen slaan – met mijn ene oor half luisterend, en de ander rustend tegen mijn kussen.

Onderweg

Het werd alsmaar donkerder en de geur van regen hing overal om me heen. Boven mij vertoonden de eerste avondsterren zich spottend aan de hemel. Hoe laat was het? Negen uur? Tien uur misschien? Zware steken schoten als pijlen door mijn middenrif en even wenste ik dat ik weer jong was en dat mijn moeder nu naast me liep om me te verzekeren dat we binnen een half uur weer thuis zouden zijn.

Weerloos

Edwin Rutten wist het jaren geleden al. De fillem van ome Willem blijft eindeloos intrigeren. Van broodjes poep en lachende kindertjes tot kidnappen, gijzelen, witwassen, met vastgoed speculeren, laten moorden, roven, afpersen en levens bedreigen is dan ook slechts een kleine stap wanneer men een film boeiend wil houden. Kleine stapjes leiden tot grotere, en hoe groter de stap, hoe overmoediger men in de regel wordt.

Liefde is

Er gebeurt weinig. Ooit wilde het nog wel eens voorkomen dat er te veel gebeurde, maar dat terzijde. Het is goed zo. Kroegen kunnen me op geen enkele manier meer verleiden, het schrijven van weemoedige verhalen laat ik tijdelijk aan anderen over, ik drink enkel nog met mate in gematigd gezelschap, en voor de rest ben ik al maanden onstuimig verliefd.

Exorcisme Deel 2

Het was te laat. Het was bij voorbaat te laat. Traag bewoog ik me door de steeds hoger wordende golven. De atmosfeer was violet van kleur. Het strand was bebloed. Hij vroeg me nog om niet dieper het water in te gaan. Tevergeefs. Hij had mijn kop van mijn romp willen trekken. Tevergeefs. Ik stak mijn tong naar hem uit. Hoe wreed kan een mens zijn?