Vervreemd
Ik wil een zachte dood. Ik eis een zachte dood. Ik wil in slaap vallen met de deken om mijn lichaam gewikkeld, liggend op mijn zij, met mijn gezicht naar de muur toe gericht. Ik wil de regen kletterend tegen mijn raam horen slaan – met mijn ene oor half luisterend, en de ander rustend tegen mijn kussen.
