Jouw Schuld

Een van de redenen waarom ik altijd heb opgekeken tegen het eventuele moederschap, is de regelgeving van de informele, maar ernstig in de samenleving geïnfiltreerde maffia ter bevordering van de plichten van de roze wolk. In de periferie ervan duiken met een zekere regelmaat de meest stompzinnige onderzoeken op, om moeders in de dop er op te wijzen, dat zwangerschap betekent dat je in ieder geval tijdelijk een willoze broedkip bent. Dat het moederschap daarna betekent dat jij, zeker jij en eigenlijk alleen maar jij er verantwoordelijk voor bent dat je kind gezond is. En is je kind dat toch niet, dan is het Jouw Schuld.

Tot het gaatje

Begrijp me niet verkeerd. En ja, dat is een vreemde zin om een column mee te starten. Niet een hele goede openingszin. Maar soms zijn er van die zaken die alle regels tarten. Soms zijn er ook mensen die regels tarten. Soms, dat moet ik er dan ook meteen maar aan toevoegen, ben ik zo’n mens. Ik tart nu en dan regels. Afgelopen weekend was het weer zover. Ik tartte overigens niet op alle fronten vrijwillig. Want ik had weliswaar zwaar vrijwillig een wijntje of zes achter de kiezen gegooid, maar ik kon er weinig aan doen dat een verwaarloosd kind zijn roep om aandacht juist die avond had gegeven, door zich te vergrijpen aan de bedrading van mijn fietsdynamo.

Roestglans

[i]Oude liefde roest niet[/i] weet mijn lijf net eerder dan mijn bewustzijn. Jouw nummer al een tijd niet meer geprogrammeerd in de diverse telefoons die ik na jou versleten heb. Maar toch een wetenschap ergens, getuige de verdwaalde vlinder die even gaten in mijn gepantserde buikwand vliegt, op de maat van de Eftelinggeluiden van mijn ringtone.

Señor Kingsford en de rest (3)

Dan is een aantal jaren jonger dan ik, maar hij intimideert mij. Een licht gevoel van zinderend, kriebelend, onbehaaglijk welbehagen heeft me in bezit genomen en dat gevoel groeit gestaag met de minuten, uren en dagen die verstrijken terwijl we aan het praten zijn. Hij is veruit de mooiste man die ik ooit gezien heb. Zijn donkerbruine krullende haar omlijst een mooi en vriendelijk gezicht. Met ogen als de spiegel van de ziel van God. Mijn God, de zijne mag je niet uitspreken. Zijn armen zijn beeldhouwwerken op zichzelf. Beeldhouwwerken waar ik onzekere knieën van krijg. Beeldhouwwerken die ik desnoods ook op zichzelf zou willen hebben en houden. Als troostprijs, voor als hij er niet meer is.

Señor Kingsford en de rest (2)

In de bus op het eiland zat ik naast een man die voortdurend in slaap dommelde en daar ongegeneerd steun voor zocht bij mijn schouders en mijn benen. Zuid Amerikanen, althans, de mensen die ik tot dusverre had meegemaakt, waren niet bepaald bang voor lijfelijkheid en hadden een ander begrip van persoonlijke ruimte dan de meter die ik het liefst zou hanteren. De man liet zijn hoofd steeds verder zakken om uiteindelijk enthousiast mijn kruis toe te snurken. Vergeefs duwde ik tegen zijn schouder en schudde ik aan zijn arm. De man sliep en bleef slapen als een os. Ik accepteerde het uiteindelijk maar. Zo ging het hier nu eenmaal soms.