De Gouden Kooi genoot veel kritiek. Nederlandse politici, journalisten en andere opinieleiders buitelden over elkaar heen. Een tvprogramma dat gaat over elkaar wegpesten? Nee, ‘Zo gaan wij in Nederland toch niet met elkaar om’. Was dat maar zo; de Gouden Kooi had nergens anders bedacht kunnen worden dan hier, merkte ik dit weekend. Voordat ik zaterdagnacht op stap ging, ben ik langs de McDrive gereden bij de Escamplaan in Den Haag. Zoals wel vaker gebeurt, had de medewerker een deel van de bestelling niet ingepakt. Vergeten dus. Ik liep terug met het bonnetje en vroeg om de twee fritessaus die hij niet meegegeven had. In plaats van een verontschuldiging en de rest van mijn bestelling, kreeg ik de uitermate klantvriendelijke vraag: “Mag ik uw bestelling even zien?” Ik nodigde hem uit mee te lopen naar de auto, maar hij vond dat geen goed idee. “Denk je nou werkelijk,” vroeg ik hem, “dat ik je wil bestelen voor 80 eurocent?” Ja hoor. Want: “Er zijn heel veel van dat soort mensen.”, aldus de McDonalds-medewerker.

Vanochtend stond ik bij de bakkersafdeling van de AH in de Fahrenheitstraat in Den Haag. Ik was de enige klant aan de toonbank. Terwijl de medewerkster mijn bestelling aan het maken was, kwam er een meisje aangelopen. Ze wilde duidelijk wat vragen en ondanks alle ruimte voor de balie, presteerde ze het om mij bijna opzij te duwen. Ze keek niet eens naar alle ruimte, doelgericht als deze AH-klant was en ik was te verbluft om er iets van te zeggen.

Later vandaag, in de tram, gingen een jonge knul en een oude man flink tegen elkaar tekeer. De jongen was asociaal bezig. Duidelijk onder de invloed van een of ander goedje, schreeuwde hij de hele Randstadrail bij elkaar. De oude man sprak hem daarop aan. Beide waren migranten en gunden elkaar het licht in de ogen niet. De oude man kreeg allerlei ziektes naar zijn hoofd geslingerd, de knul kreeg te horen dat hij terug moest gaan naar zijn eigen land.

Een jonge knul, een vrouw, een migrantenjongen en een migrantenman – allemaal lijken ze de pest aan anderen te hebben. Allemaal zouden ze zo mee kunnen doen aan de verkiezing van De Grootste Hufter van Nederland. Ik stel voor dat de winnaar een weekje in huis mag bij Jaap. Wel zal de concurrentie moordend zijn – volgens mij zijn er erg veel goede kandidaten voor die lijst. Ik hoop dat ik daar nooit één van zal zijn.


6 reacties

maurick · 23 maart 2009 op 17:36

Het is toch allemaal wat. Ik denk alleen dat er nog wel grotere hufters zijn dan een meisje dat jou ‘bijna’ opzij heeft geduwd. Kom op zeg!

klapdoos · 24 maart 2009 op 11:47

Dat is echt niet alleen in Den Haag hoor, dat is op zich al een asostad aan het worden, exuce moi maar ik heb er 30 jaar gewoond. En de mentaliteit van de mensen verandert gewoon. De kunst is gewoon lekker jezelf blijven en niet meegaan met de meute. Overal heb je van die knakkers die denken dat de hele wereld van hen is. Kijk maar naar Amsterdam, daar leggen jongeren hele wijken plat ( mensen gaan van ellende ergens anders wonen) Daar kan geen Molletje een villa tegenaan bouwen…
groet van leny

doemaar88 · 24 maart 2009 op 12:29

Ik vind het geen heel sterk stuk. Het draait uiteindelijk om de grootste hufter van Nederland, maar in jouw stuk kan ik ‘m niet ontdekken. Je had het veel meer kunnen overdrijven, dan was het wellicht leuker geweest om te lezen.

Mien · 25 maart 2009 op 00:37

Het lijkt wel een heilige die ‘Grootste Hufter’ uit jouw column. Heb je hem daarom met hoofdletters geschreven?

Welkom terug op moeder aarde en op ColumnX.

Mien

Fem · 25 maart 2009 op 08:08

Als al die “hufters” die je tegenkomt een nominatie voor de gouden kooi verdienen, mag die kooi wel een keer flink verbouwd worden… :hammer:

De kern is goed en duidelijk, maar ik mis idd de echte hufters (die zijn er helaas te over) in je verhaal.

kristie · 1 april 2009 op 22:59

tnx voor jullie kritische reacties!

Geef een antwoord