Het was niet de manier waarop ze naar me keek met haar halfgesloten ogen. Niet de manier waarop ze naar me keek met haar mond open alsof ze haar tanden wilden zetten in een groot stuk vlees. Het waren haar haren, vastgeplakt, en de stromen bloed die spatten uit de aders van haar vriendje die schokkend op de vloer lag. Een bibliothecaris. Met machinale bewegingen hakte ze met een bijl op zijn lichaam in. Die van mooie verhalen hield. Op de opengereten stukken gaf de bijl makkelijk weg, op de naakte plekken moest ze kracht zetten om de bijl weer in de lucht te krijgen. Het was ook de manier waarop zijn lichaam meegaf, alsof ze hem optilde met de bijl. Er was niet veel meer van hem open. Na een tijdje haalde ze weer op een normale manier adem en stak een sigaret op. Haar ogen bleven echter fonkelen. En daarom wilde ik over haar schrijven.

Omdat vandaag de zon ook weer schijnt, omdat de wolken uit elkaar waren gescheurd totdat er niets over was dan een aantal witte plukken dons waar ze haar hoofd op kon neerleggen en kon slapen. Witte plukken waar ze een tutu van kon maken en kon dansen, een ballerina. Fonkelend; maar zachtjes.

Iemand had de politie kunnen bellen. Iemand had een ambulance kunnen bellen, lang geleden al. Toen haar telefoon ging, deed ze haar tas open en stifte haar lippen. Toen haar telefoon ging zocht ze tussen haar make-up spullen en vond het gloeiende ding. Ze had het geluid niet herkend.

“Hallo?”
“He schatje.”
“Wie is dit?”
“Het is Marilyn. Je hebt me wel vaker gezien.”
“Dat was maar een keer. Je lachte en las tussen de shoots door Ulysses. Niemand geloofde het.”
“Waarom gelooft niemand dat ik Ulysses heb gelezen?”
“Waarom gelooft niemand jij het was die Ulysses las?”
“Waarom gelooft niemand dat jij bestaat?”
“Ze kunnen zich toch niet voorstellen dat dit echt is gebeurd.”
“Als er een ding is wat ik heb geleerd dan is dat wel dat wanneer je niet probeert een rol te spelen dat dat vervolgens echter is dan wanneer je een rol goed speelt. Hoe kom je erachter dat papier papier is?”
“Door eerst te voelen en het daarna te verscheuren.”
“Ik denk dat ik je niets meer kan leren. Weet je wat je bent?”
“Ja, ik denk het wel. Maar ik moet het nog uittesten.”
“Ben je er klaar voor?”
“Ja.”
“Ok. Succes.”

Ze hing op en liep naar het lijk van haar vriendje. Alles was rood in allerlei tinten. Ze trapte een paar keer tegen zijn zij, maar ze trapte eigenlijk alleen zijn darmen eruit die zacht, blubberig over de neus van haar schoen gleden. Stinkend, want wat van binnen zit is vaak niet zo fris.

Ze kleedde zich uit en liep naar het raam toe. Ze draaide zich om en keek je aan en zei:

“Beste lezer, ik ben een moordenares en ik heb er geen spijt van. Ik verkracht het liefste jongens en mishandel ze. Ik heb een hekel aan Libelle-lezeressen en pottenbakkende, middeljarige, meno-pauzerende kunstenaressen. Ik heb een hekel aan jongens die de liefde willen kennen en vervolgens eindigen met een vrouw, kind en een hond. Ik heb een hekel aan ecologische supermarkten en hippies, krakers en anarcho-lesbo’s. Ik verveel me stierlijk hier. Maar ik ben blij dat ik de kans heb gekregen om wat met mijn leven te doen.”

En daar sprong ze. Het raam uit. Uit haar rug scheurde een parachute open, flarden huid druppelend van bloed flapperden als slappe vleugels en toen ze landde op het hoofd van een bejaarde vrouw die meteen overleed aan een beroerte zag de wereld eruit als tevoren, maar onbeschreven en vol met beloftes. Ze stond op en liep naar die nieuwe bibliotheek met haar ogen hongerig en rood.


1 reactie

arta · 28 november 2008 op 10:09

Ik vind dit een intrigerend stukje, maar het is jammer dat sommige dingen niet kloppen of niet lekker lopen.Zoals dit bijv:[quote]Met machinale bewegingen hakte ze met een bijl op zijn lichaam in. Die van mooie verhalen hield. [/quote]
Hield het lichaam van mooie verhalen?
[quote]Ze draaide zich om en keek je aan en zei:[/quote]
Wie is deze ‘je’-persoon?
Verder staat er veel herhaling in, vooral in de dialoog. Daar had veel in geschrapt kunnen worden.
Een origineel stuk als dit verdient het om zorgvuldig geschreven te worden. Lees het eens hardop voor jezelf of iemand anders voor. Dan haal je dingen als bovenstaand er zó uit.

Geef een antwoord