[i]Reactie op de column [url=http://www.examedia.nl/columnx/modules/news/article.php?storyid=562]’Kalende Mannen'[/url] van 31 mei 2003[/i].

Dihydrotestosteron – DHT voor intimi -; wie kent het niet? Zoals iedereen weet ontstaat dit alleraardigste stofje onder invloed van het enzym 5α-reductase uit het mannelijk geslachtshormoon testosteron. Wat misschien [i]niet[/i] iedereen weet, is wat columnisten met DHT te maken hebben. Meer dan je zo op het eerste gezicht zou vermoeden, kan ik je verklappen. Laat ik de geregistreerde leden van ColumnX als voorbeeldpopulatie hanteren. Deze rijk geschakeerde groep individuen zal ik, om anonimiteit te waarborgen, indelen in ColumnXX-tes (vrouwelijk van geslacht), en ColumnXY-ers (mannelijk van geslacht). Voor dit betoogje zoomen we in op twee van deze anoniempjes.

Op een mooie zomerdag eind mei negentientweeduizenddrie publiceerde een zekere ColumnXX-te een braaf, ietwat naiëf en wankel, maar goed bedoeld stukje over kalende mannen. Een al evenmin nader te benoemen ColumnXY-er (ik kan verklappen dat hij iets met biologie heeft gedaan, maar dat heb je niet van mij gehoord) las dit stukje, en je raadt het al: het gemillimeterde haar rees hem, voor zover mogelijk, ten berge. De betreffende ColumnXY-er is namelijk een ervaringsdeskundige [i]pur sang[/i] op het gebied van de wijkende haargrens. Hij is een kalende columnist.

De oplettende lezer zal de link tussen dihydrotestosteron en het fenomeen kaalheid natuurlijk al gelegd hebben (vanwaar anders die quasi-interessante openingsalinea?). En inderdaad: DHT is behalve voor de ontwikkeling der mannelijkheid, en het in stand houden van de [i]sex-drive[/i], ook verantwoordelijk voor het haarverlies waar uiteindelijk alle blanke mannen in meer of mindere mate aan moeten geloven. De negatieve haardos is voor veel mannen nog steeds een grote bron van frustratie. Prima stof voor een luchtig columnpje van de hand van een ColumnXX-te dus. En een prima gelegenheid voor een door een teveel aan DHT geplaagde ColumnXY-er om die [i]male pattern baldness[/i] wat nader te duiden, en het beeld dat in de column ‘Kalende Mannen’ werd geschetst iets te nuanceren.

Men heeft klaarblijkelijk ‘te doen’ met mannen die hun haar verliezen, maar we mogen niet teveel klagen want ‘het is tegenwoordig toch helemaal niet erg om een glimmende schedel te hebben’? Dit klinkt ietwat betuttelend, en ook alsof de gladschedelige man zich feitelijk een beetje aanstelt. Hij kan toch gewoon meteen voor de hardcore honderd procents-[i]look[/i] gaan? Want tegenwoordig scheert ‘elke man die zich ook maar een beetje artiest noemt, zijn schedel helemaal kaal’, in navolging van de trendsettende lollylebberaar Telly Savalas of zijn illustere voorganger Yul Brynner. Scheren die handel, en je bevindt meteen op dezelfde sport van de evolutionaire ladder als de artiesten (?) Frits Wester, Jean Luc Picard en Winfried de Jong. En zeg nou zelf; dat zijn toch bij uitstek mannen met wie we ons willen identificeren?

Hm.

Een veelgehoorde uitspraak is dat het niet zo erg is als je als man kaal wordt, omdat dat nu eenmaal uiteindelijk toch wel een keer gebeurt. Het is niet uitzonderlijk en dús niet zo erg. Waar mannen vaak kunnen rekenen op flauwe opmerkingen, en het verwijt van aanstellerij naar hun hoofd geslingerd krijgen, kunnen vrouwen wél rekenen op onverdeelde sympathie als ze last krijgen van haarverlies. Maar waarom zou het voor mannen minder vervelend zijn dan voor vrouwen? En niemand haalt het in zijn hoofd om een vrouw te vertellen dat ze dan maar haar hoofd kaal moet scheren, want ‘Sinéad O’ Connor doet het toch ook’?

Overigens kan onze kalende ColumnXX-er je vertellen dat je nooit de Kojak-look zult kunnen realiseren met een tondeuse; daar heb je toch echt mes en schuim voor nodig. En ‘uren voor de spiegel […] in de weer zijn om elk beginnend sprietje op de hoofdhuid tijdig in de kiem te smoren’? Nauwelijks. Ik verwacht niet dat de kalende man die zijn schedel regelmatig bijtrimt hier veel langer mee bezig is dan met het scheren van zijn baardhaar, en dat is alleszins minder lang dan de gemiddelde vrouw besteedt aan het mummificeren, rehydrateren en afprepareren van haar gezicht.

Voor de duidelijkheid: er is absoluut niks mis mee als een kaal wordende man zijn haar millimetert of het helemaal afscheert; in negen van de tien gevallen staat het hartstikke goed (tenzij je schedel gekenmerkt wordt door een grillige oppervlaktestructuur), en het is [i]altijd[/i] beter dan de verfoeide camouflagetechnieken die vaak worden toegepast. Maar het idee dat het een stap is die je zomaar even neemt, en dat die stap makkelijker wordt gemaakt door lichtende mediagenieke voorbeelden op de sociale [i]scala naturae[/i] (Frits Wester [i]et al[/i].) is op zijn zachtst gezegd een beetje naïef.

Wat betreft haarstukjes en herverdeling van het resterende haar; er zullen altijd mannen zijn die zo’n moeite hebben met hun haarverlies dat dit soort surrogaathaar er voor kan zorgen dat ze zich meer man, ja, zelfs meer méns voelen. Daar kan geen tondeuse of mes tegenop. En zolang zelfs in een tijd van botox-feestjes en siliconenpret dit soort rigoureuze oplossingen nog steeds verre van betaalbaar zijn, zullen ColumnXX-tes die niet precies weten waar ze het over hebben geconfronteerd blijven worden met kraslotreclames en enge beesten.

Ik kan me ergere dingen voorstellen.


2 reacties

Kees Schilder · 4 juni 2003 op 08:51

Verstandelijk geredeneerd kan ik wel meegaan met je theorie, echter gevoelsmatig moet ik er niet aan denken dat ik mijn haar verlies.Ik ben gezegend met een dikke haardos die ik altijd tegen de klippen op laat groeien.Ik ga niet mee in modegrillen op haargebied. Mijn haar blijft lang.punt! Ook al vragen sommigen ze zich af of ze met een man of vrouw te maken hebben als ik passeer vanwege mijn teveel aan vrouwelijke hormonen. 😀 Het zal me allemaal een worst zijn.
Want alles werkt perfect.Heb net mijn kraslot verzilverd.

Yoyogro · 7 juni 2003 op 00:09

Ach sorry, ik lees deze column NU (enige dagen na publicatie) pas. Ik was namelijk nogal druk met[quote]het mummificeren, rehydrateren en afprepareren van [mijn] gezicht*)[/quote]

Ik overweeg natuurlijk een reactiecolumn maar word weerhouden door een opmerking die ik laatst las in een essay over essays (maar dus ook over columns):
“De column is in ons land een uiterst armoedig, maar veel beoefend genre (…) Wat je als lezer doorgaans leert van een column is vooral dat andere columnisten gek, dom of gestoord zijn (of naief – Yoyogr). Dat is leerzaam, maar het geeft ook een beetje het gevoel dat je in een dierentuin wordt rondgeleid.”**)

Dierentuinen inspireren mij namelijk niet.

Maar what the heck, wellicht komt ie toch, die reactiecolumn ….. 😉

Maar nu moet ik gaan. Moet namelijk nodig mijn haar wassen met liposomen.

Groet,
Yoyogro
*): Een klasse zin! :laugh:
**): René Boomkens: Een genre van levensbelang. 2003.

Geef een antwoord