Muziek is een grote passie van mij. Ik luister er graag naar en speel ook vaak piano. Dankzij internet kun je bijna alles downloaden. Ik houd van klassieke muziek, jazz, fusion, popmuziek, kortom, ik ben breed georiënteerd. Mensen die mooie muziek maken beschouw ik als kunstenaars. Sting, Phill Collins, Pat Metheny, heel actueel James Blunt, fantastisch, de muziek die zij maken. Mijn oudste zoon heeft een drumstel en ik kan op de rand van zijn bed zitten en tijden naar hem zitten luisteren. Mijn tweede zoon speelt gitaar, ook daar kan ik enorm van genieten. De jongste, mijn dochter, is net begonnen met pianospelen. Ik vind het belangrijk dat mijn kinderen plezier beleven aan muziek.

Muziek is in feite maar aan weinig mensen besteed. Maar weinig mensen kunnen écht luisteren. Mensen die hier op bezoek komen vragen wel eens of ik piano voor hen wil spelen. Vroeger deed ik dat graag. Maar ik voelde me wel een beetje voor gek zitten, als het gesprek na de eerste twee maten gewoon weer voortkabbelde. Tegenwoordig wimpel ik het af.
Ook liet ik regelmatig muziek horen aan vrienden, muziek waar ik zelf helemaal weg van was. Na de intro moest er al weer gepraat worden: “Hee, die band doet me denken aan…” en vul verder maar in. Ik word daar erg kribbig van. Je luistert met je oren en niet met je mond.
Luisteraars zijn ook kunstenaars.

Soms wil ik dingen van me af praten. Dan ga ik naar een vriendin. Ik vertel mijn probleem en prompt heeft zij wel een tante, een buurvrouw, een nichtje of een hamster die met hetzelfde probleem rondloopt als ik. Ja, daar kan ik echt wat mee!
Actief luisteren is een kunst die maar weinig mensen bezitten. Soms lijkt het, alsof het praten over problemen een ander het recht geeft om uit te wijden over eigen kwaliteiten.
Ooit vertelde ik aan een vriendin dat ik er moeite mee had dat ik een paar kilo aangekomen was. Ik was altijd superslank en nu viel ik ineens in maat achtendertig van kleding. Het leek wel alsof ik haar een wapen in handen had gegeven. Iedere keer als ik bij haar kwam, klaagde ze erover, dat ze zo moeilijk kleding kon kopen, omdat zelfs maat zesendertig haar vaak te groot was. Wat leerde ik hiervan? Nooit meer mijn zwakke punten aan haar laten zien.

Aan een andere vriendin vertelde ik over mijn moeite met het gedrag van mijn oudste zoon. Hij heeft het syndroom van Asperger (een combinatie tussen autisme en hoogbegaafdheid). Hij houdt volstrekt niet van fysieke aanraking en ik heb daar verdriet van. Nooit een zoen van hem, of een knuffel, niets van dat alles. Deze vriendin reageerde niet zoals ik gehoopt had, integendeel, zij ging vertellen over háár zoon en wat voor fantastische band ze met hem heeft. Dat hij regelmatig zijn armen om haar heen slaat en haar constant vertelt, wat voor een fantastische moeder hij heeft. Ja, dan ga je echt gesterkt naar huis.

Ik klap dan dicht. Ik ga over mijn nek. Wat is dat toch in mensen? Als je van iemand houdt, dan ben je toch geïnteresseerd in die persoon en wil je toch horen wat diegene te vertellen heeft? Dan denk je toch mee over problemen, je gaat dan toch geen zout in de wond strooien? Je maakt dan toch geen misbruik van de situatie?

Actief luisteren, een groot probleem voor velen. Zo had ik ooit een vrouwelijke collega, die alles al had meegemaakt in haar jonge leventje. Kwam ik na een griepje op het werk, dan had zij dat ook gehad, alleen was het bij haar kantjesboord geweest. Liep er een andere collega te hoesten en te snotteren; zij had astma-aanvallen, nee, dat wilde je niet weten! Totdat een van de mannelijke collega’s de ziektewet indook en na een paar weken pas weer op het werk verscheen. Hij had last gehad van zijn prostaat en liet mijn collega in kwestie weten dat dit nou eens een probleem was, waar zij geen last van gehad kon hebben! Ze zweeg dan ook in alle talen.

Wat wil ik hier nu mee? Ik zie namelijk de kritieken al voor me: Leuke column, een beetje gezwets in de ruimte, maar wat wil je hier nou eigenlijk mee zeggen?
Maar als ik nu mijn mening ga geven, zijn de reacties misschien wel: Wat hebben we aan dit moralistisch gezeik?
Goed, ik moet een keuze maken: ik ga dan toch maar liever voor de moraal in het verhaal.

Want: er lijken bijna geen taboes meer te bestaan in Nederland. Alles moet bespreekbaar zijn of gevisualiseerd worden. Op de televisie kan je alles zien: van bevalling tot geslachtsverandering. Van een smerig, verwaarloosd huis tot slecht opgevoede kinderen.

Maar: hoe gaan we daar in onze directe omgeving mee om? Als je weet, dat ouders hun kind hebben verloren? Als je hoort, dat het huwelijk van je vriendin op de klippen is gelopen? Als een vrouw haar partner is verloren als gevolg van een verkeersongeval?

Tja, dan krabbelen mensen zich eens achter het oor en doen uitspraken als: ‘Ik wil er wel naartoe, maar ik weet niet zo goed wat ik moet zeggen. Ik kan hier niet zoveel mee.” Dus loopt men met een wijde boog om mensen heen die iets vreselijks hebben meegemaakt en die de mensen om hun heen juist zo nodig hebben.

Een vriendin van mij was zwanger. Ze verheugde zich enorm op de komst van haar eerste kindje. Ik mocht mee naar het ziekenhuis toen de eerste echo gemaakt werd. Toen ze dertig weken zwanger was, bleek dat het kindje dood was. Een bevalling werd op gang gebracht. Een hele verdrietige situatie. Ik zag er enorm tegenop om naar haar toe te gaan. Wat moest ik zeggen? Ik hoefde niks te zeggen. Mijn armen om haar heen en meehuilen was alles wat ze nodig had. Ik hoefde niet uit eigen ervaringen te putten. Haar verdriet was groot genoeg voor ons beiden. Ik heb alles wat ze vertelde alleen maar beaamd, het is verschrikkelijk, je mag verdriet hebben en nee, ik weet niét hoe jij je voelt, want ik heb zoiets nog nooit meegemaakt.

Vaak hóef je niks te zeggen. Luisteren is een grote kunst. Het plaatsen van clichés is helaas realiteit.

Als ik een muziekstuk mooi vindt en ik vraag aan mijn kinderen of ze het willen horen, dan luisteren we het stuk helemaal uit. Zonder praten. Andersom is dat ook zo. Mijn kinderen willen mij ook laten delen in hun muzieksmaak. Ik vind het leuk, want ze kijken gedurende het hele muziekstuk naar mijn gezicht en stellen mijn mening zeer op prijs. En hoe knap ik de muzikanten ook vind, ik vind mijn kinderen ware kunstenaars; zij kunnen naar een muziekstuk luisteren. Waar maak je dat nog mee?

Nederland lijdt aan het ‘dat –heb –ik –ook- syndroom.’ Ik hoop dat we massaal zullen genezen.


DreamOn

DreamOn publiceert sinds 2006 columns op het internet. Zij schrijft over alles wat haar bezighoudt. Vaak (te) breedsprakig, maar dat is een leerpunt! In het dagelijks leven is DreamOn pedagogisch coach en heeft ze haar man, kinderen, familie en vrienden lief.

14 reacties

Eddy Kielema · 2 september 2006 op 13:27

[quote]Nederland lijdt aan het ‘dat –heb –ik –ook- syndroom.’ [/quote]

Geldt dat alleen in Nederland, Trudy? Als ik (per ongeluk) naar Oprah kijk en een gast vertelt iets, dan heeft zij ook altijd meegemaakt wat de gast vertelt, maar dan nog véél en véél erger. Je inleven in een ander en een verhaal vertellen dat er op aansluit om aan te geven dat je je gesprekspartner begrijpt, is natuurlijk prima. Maar ten koste van een ander jezelf op een voetstuk plaatsen, is bijzonder verwerpelijk.

Je werpt interessante vragen op in je column. Luisteren naar muziek en luisteren naar mensen zijn denk ik niet helemaal te vergelijken. Je haalt in je verhaal ‘luisteren’ en ‘begrip (medeleven) tonen’ door elkaar. Dat zijn twee verschillende dingen. Mensen kunnen begrip of compassie tonen, muziek niet.

DreamOn · 2 september 2006 op 14:33

@Eddy: Je hebt gelijk: mijn beschreven probleem bestaat niet alleen in Nederland en wat jij zegt over Oprah Winfrey, daar ben ik het helemaal mee eens.

De overeenkomst die ik beoog in het naar muziek luisteren of in gesprekken luisteren naar de ander is: Ook al vind je de muziek die de ander jou wil laten horen niks, vanuit een emphatisch gevoel kan je het voor die ander opbrengen om er wel naar te luisteren.
Dus in die zin is het ook een stukje inleven in de ander. Ik vind het respectloos als je er dan doorheen gaat zitten kwekken.
Als mijn zoon gitaar speelt voor mij, dan is de muziek belangrijk, maar belangrijker voor hem is, dat ik interesse heb voor hem, dus ook voor zijn ontwikkeling in het maken van muziek.
Als je belangstelling hebt voor een ander, maar die persoon heeft het niet voor jou, dan loopt het gesprek dood.
Het gebeurt mij vaak, dat ik aan iemand vragen stel, zo van: hoe was je vakantie, waar ben je geweest, wat heb je gedaan, enz. Er moet op een gegeven moment een wisseling van rollen plaats vinden. Dat mijn gesprekspartner zegt; Ok, maar hoe was jóuw vakantie eigenlijk? En dat gebeurt niet zo vaak. En ik verrot het, om uit mezelf te zeggen: Nou, onze vakantie was ook heel leuk! Als iemand daar niet naar vraagt, laat maar zitten dan. Maar dan bloedt zo’n gesprek wel dood.

Maar ik snap wel wat jij bedoelt hoor!
Daarom heb ik even de link gelegd waarom ik muziek luisteren en in een gesprek luisteren onder dezelfde noemer heb geplaatst.

klapdoos · 2 september 2006 op 16:04

Ik snap precies wat je bedoelt, al zal je zelf niet van muziek houden, pretendeer dan, al was het maar uit pure beleefdheid naar de muzikant/e toe, dat je luistert.
Maar het is een kunst. Mensen hebben heel snel hetzelfde meegemaakt, of een zus of broer of..of…Maar de essentie is dat wat jij aangeeft, in het hele verhaal moet je door de zinnen lezen…Luister nou eens naar een ander, breng eens geduld op, je hoeft niets te zeggen, liever niet, en je hoeft geen vergelijking te zoeken in je omgeving, die heeft iedereen al. Maar niet iedereen heeft het geduld om te luisteren, dat is verworven tot kunst.
Helaas.
😕 😕

KawaSutra · 2 september 2006 op 16:38

Ik heb goed naar je geluisterd en niets toe te voegen. Je hebt helemaal gelijk!

WritersBlocq · 2 september 2006 op 17:35

Hoi trudy, het lijkt erop dat je het in 1 x geschreven en ingestuurd hebt. Voor mij is het te lang en in de voorlaatste alinea staan wat slordige dingen, die juist mooi als uitsmijter hadden kunnen dienen.
Mijn mening is dat je niet mag verwachten dat een ander zo reageert zoals je zelf zou doen. Dat scheelt een hoop teleurstelling/misinterpretatie. ‘Vissen waar de vissen zitten’ 😉
Ik herken het wel, en weet voor een ander dus zo goed het antwoord. Gelukkig zit ik gevoelsmatig steeds vaker in een vijver waar wat uitgevist en teruggegooid wordt.

Mosje · 2 september 2006 op 18:55

Beste Trudy,

Je zult wel denken, daar heb je Mosje weer. Klopt, hier ben ik.
Om maar met de deur in huis te vallen: Niets mis met je stukje. Ik ben het zelfs helemaal met je eens! Niet gedacht zeker. 😉
Toch heb ik wel een paar puntjes van kritiek, niet op de inhoud, maar wel op de vorm.
Je stukje is veeeeel te lang. Ergens tussen de derde of vierde alinea, of daaromtrent, maak je je punt. Mensen luisteren niet en kennen altijd iemand die hetzelfde heeft als jij. Je punt is onderbouwd ook nog.
Maar dan ga je maar verder. Weer een vriendin. Weer een collega. Weer een voorbeeld. Opnieuw je punt maken.
Je had behoorlijk kunnen schrappen in dit epistel.
En het tweede puntje: je anticipeert op mogelijke kritiek: “Wat wil ik hier nu mee? Ik zie namelijk de kritieken al voor me.” Nooit meer doen. Jij wilt een stukje schrijven met een mening en daar moeten de lezers maar genoegen mee nemen. Jij bent jij, en jij geeft je mening. Punt uit. Die mening moet je niet afzwakken door die anticipatie.

O ja, ik hoef het natuurlijk helemaal niet te zeggen, maar voor de zekerheid en voor de overige lezers hier: Trudy kan dit soort kritieken hebben. Ze heeft ze graag, ze waardeert ze, en ze doet er ook nog wat mee bovendien. Ik meld het maar even voordat iemand reageert in de trant van: “niet zo afzeiken Mosje”.
En nou niet reageren met “je anticipeert op mogelijke tegenreacties”, want deze reactie is geen column.
😛

DriekOplopers · 2 september 2006 op 19:23

Lieve Trudy,

je column raakt me diep. Je slaat de spijker op zijn kop. Ik vind je column ook niet te lang: de lengte van een column mag van mij recht evenredig zijn met wat de schrijver te vertellen heeft.

Jammer dat mensen soms wartaal uitslaan op momenten dat je even wat anders nodig hebt. Jammer dat mensen slechts zelden in staat zijn, te luisteren ipv meteen over hun eigen zorgen te gaan zitten mekkeren. Dat kan ook anders. Beter.

Schokkend voorbeeld ter ondersteuning van je betoog: ik heb ooit een redelijk goede vriendin zowat mijn huis uitgeschopt. Mijn kat ging dood, en ik was erg verdrietig. Zij gaf een paar dagen later aan dat ze teleurgesteld was dat ik haar niet had gecondoleerd met de dood van mijn kat. Want zij had het beestje immers ook goed gekend… Ik bedoel maar…

Driek

DreamOn · 2 september 2006 op 21:38

Bedankt voor de feedback, ik kan daar echt iets mee!
@Mosje: je hebt echt een punt; ik heb dat in mijn dagelijks leven ook als valkuil. ik ben zó bang dat mensen mij verkeerd begrijpen, dat ik metaforen en voorbeelden ga gebruiken en soms nog een voorbeeld en nog maar eentje voor de zekerheid. Ik ben dat aan het afleren, als iemand het niet snapt komt er vanzelf wel een vraag waaruit dit blijkt.
In een column vind ik het nog moeilijk om me te beperken tot een paar voorbeeldjes, omdat er geen interactie is met de lezer.
Mijn mening is mijn mening is ook iets wat ik moeilijk vind: ik lees namelijk vaak als reactie op een column: wat wil je hier nu eigenlijk mee, een beetje gezwets in de ruimte,
Of juist: ik kan zelf de moraal wel bedenken ik wil niet als lezer een bepaalde kant opgestuurd worden.
Dat vond ik bij deze column moeilijk. Vandaar dat ik deze overweging in de column heb gezet. Maar ; ik zal het nooit meer doen!
@WB: je hebt helemaal gelijk. Ik heb deze column geschreven na een frustrerend bezoek aan een kennis van mij. Zij praatte de hele avond over zichzelf, haar vakantie, haar kinderen enz. en vroeg niets aan mij terwijl ik ook net op vakantie was geweest.
Ik kwam thuis, ramde dit stuk op mijn pc en dacht: kan mij het schelen, ik stuur het in, zo denk ik er namelijk over.
Had inderdaad best wat korter gekund… 😉
Toch hoop ik dat ik mensen met deze column aan het denken heb gezet. Dat ze anderen uit laten praten en oprechte belangstelling hebben…..
Oeps, daar ga ik weer. Het stond al in de column. Uitgebreid.

Dees · 2 september 2006 op 22:31

Inhoud: Ooit leerde ik bij Slachtofferhulp dat mensen juist zo’n tegengeluid gaan geven om zichzelf te beschermen, om de illusie in stand te houden dat het erge dat jou overkomt je eigen schuld is en dat het hen niet zal overkomen. Ofwel over je angst heenpraten. Verder het spreekwoord ‘spreken is zilver, zwijgen is goud’ is erg in onmin geraakt. Of misschien is het wel nooit echt populair geweest, who knows.

Vorm: de lengte is groot, je voorbeelden legio. Maar ik vind het niet zo’n ramp. Je maakt je oprecht druk en dat laat je blijken. Het is ook maar net wat je wilt. Een optimaal effect van de boodschap, of een stuk schrijven waarin je je hart lucht. Dit is duidelijk een gevalletje van de tweede optie. Niets mis mee, herkenbaar en idd af en toe om je het bloed onder de nagels vandaan te ergeren. Schrappen is goed, een beetje doortieren kan ook prettig leesvoer opleveren en wat mij betreft is dit dat ook.

Nog een opmerking en dan houd ik mijn mond heus weer dicht 😀 , het beeld van luisteraars als kunstenaars vind ik erg mooi gevonden…

melady · 3 september 2006 op 00:26

Misschien een warrige column waar wat in geschrapt kan worden, je springt van de hak op de tak maar de boodschap is voor mij duidelijk.
Je wilt heel veel vertellen en niemand luistert echt.

Ik heb aandachtig gelezen en geluisterd.

DreamOn · 3 september 2006 op 01:16

Zo Melady: dat was een voltreffer! De spijker frontaal op zijn kop. Waarom kreeg ik anders de tranen in mijn ogen toen ik jouw reactie las?

Ik heb veel meegemaakt en veel te vertellen. Ik heb best veel mensen waarbij ik dat ook kan doen. Alleen niet in mijn woonplaats, maar bij familieleden, ver weg.
Hier, in mijn woonplaats ben ik als juf een luisterend oor voor ouders en kinderen, maar ook bij veel vrienden en kennissen heb ik die naam.
Ik vind dat prima en ben blij als ik kan helpen. Maar ik wil soms ook praten. En ik heb niet het gevoel, dat ik daartoe wordt uitgenodigd.
Dat mis ik enorm. Hier ben ik het luisterend oor terwijl ik ook wel eens de verteller wil zijn.
Bedankt voor je begrip en voor het lezen tussen de regels door.

Ma3anne · 3 september 2006 op 10:56

En dat lucht vast lekker op, een keer zo van je af te ratelen. Niks mis mee, wat mij betreft.

Klankbord zijn is vaak voldoende en dat zijn we ons niet altijd bewust. We willen medeleven betuigen door terug te praten of oplossingen te bieden.

Misschien tijd voor een leer-luisteren-actie?:-)

Li · 3 september 2006 op 14:17

Ik houd wel van in emotie geschreven columns. Verder is alles eigenlijk al gezegd..
Zullen we een luister café beginnen 😉

Li

Trukie · 3 september 2006 op 19:53

[quote]Want: er lijken bijna geen taboes meer te bestaan in Nederland. Alles moet bespreekbaar zijn of gevisualiseerd worden. Op de televisie kan je alles zien: van bevalling tot geslachtsverandering. Van een smerig, verwaarloosd huis tot slecht opgevoede kinderen.[/quote]

Hier zou ik wel eens heel heftig willen protesteren. Maar ik feite doe jij dat ook veel subtieler in de volgende alimea´s.

Er zijn groepen wakkere mensen die de andere slapers wakker proberen te schudden. Maar wordt er objectief naar gekeken c.q. geluisterd of wordt er door brillen van vastgeroeste vooroordelen gekeken?
Oké er wordt meer gedoogd dan pakweg 60 jaar geleden. Maar 100 jaar geleden werd er meer van elkaar begrepen en getolereerd dan in het nu.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder