21 Down by the River

Vroeg in de ochtend hoorde ik Steve opstaan, hij vertrok op exact hetzelfde tijdstip als de dagen ervoor. Ik hield mij slapende, voelde tegenzin om met hem samen te ontbijten. Buiten het feit dat ik mij misschien niet kon inhouden om te vragen naar zijn avond leek mij de kans groot dat hij een kater had. Met mijn nieuws kon ik maar beter wachten. Slapen lukte niet meer, mijn gedachten bleven dwalen naar gisterenavond. Natuurlijk wist ik dat Steve wiet rookte. Toen ik hem tegenkwam in Amsterdam bezocht hij coffeeshops net als veel toeristen die naar Amsterdam trokken, puur omdat het daar kon en mocht. In Amerika was het niet legaal, er stonden zware straffen op het verkopen, kopen en roken van marihuana, hasj en wiet. Ik kon ook niet bedenken hoe je er hier aan zou kunnen komen, dat moest haast wel louche plekken zijn. Als je in Amerika, zeker in Oklahoma, gepakt werd met drugs, dan gingen je gewoon de bak in. Die dossierkast was ook raar en bovendien droeg Steve de sleutel bij zich, hetgeen suggereerde dat de inhoud geheim was. Een geheim dat hij blijkbaar deelde met Mike en zelfs Kirill.

Een naar gevoel installeerde zich in mijn maag, ik stapte uit bed en onder de douche, probeerde het ondefinieerbare van mij af te spoelen. Ik wilde weg uit het kleine benauwde appartement, kleedde me warm aan en stopte mijn camera in mijn jaszak.

Na een kom cornflakes liep ik richting Arkansas River. Door onze roadtrip hadden Steve en ik al eens een flink stuk rivier gevolgd en vooral vanaf de grote brug, die de bewoners van Sand Springs richting Tulsa leidde had ik de bijzondere schoonheid van de rivier ontdekt. Zij baande zich kronkelend een weg door het landschap, de grillige oevers nog zichtbaar ondanks de droogte. Hele stukken rivierbodem lagen bloot en prachtige door water geboetseerde afdrukken met hier en daar kleine poeltjes deed een bron van leven en het paradijs voor een fotograaf vermoeden. 
Thuis in Amsterdam als ik overspoeld werd door piekergedachten trok ik vaak met mijn camera door de stad als een scherpschutter zoekend naar een bijzonder lijnenspel, lichtval, schaduwpartijen, stadsdieren op gekke locaties en vergat ik al mijn zorgen, werd ik even één met mijn camera, veilig achter glas.
Amsterdam voelde nog steeds als thuis, bedacht ik licht bezorgd.

Wandelend over de bedding met het verende gevoel van nat zand onder mijn voeten, door de stilte buiten het melodieuze ruizen van de wind, voelde ik langzaamaan de benauwing van mij af glijden. Graspolletjes die door de wind om hun as draaiend een spoor om zichzelf trokken; elk grasje had zijn eigen patroon, de golvensporen in het zand, kleine poeltjes met slakjes, garnaaltjes ving ik in mijn camera en ook nu werkte het. Ik zag enkel nog plaatjes van een allesomvattende schoonheid en had geen gedachten.

De tijd vergetend besefte ik pas door mijn rommelende maag dat ik vast heel ver van huis was en dat ik misschien beter terug kon gaan. Ik wist niet hoe laat Steve thuis zou komen, normaliter vertelde hij mij dat tijdens het ontbijt. Morgen was het familiefeest. Steve zou eerder vertrekken om Stan en Larry te helpen bij het opzetten van de grote tent, tafels, stoelen, enkele barbecues en alle benodigdheden te vervoeren. We hadden al afgesproken dat ik in de ochtend de fiets van zijn collega in ontvangst zou nemen en Steve mij later zou komen halen. Het bos naast Shell Creek was een perfecte setting. Het meer op zich was schitterend, gelukkig lag de oude dam – waar ik niet zulke fijne herinneringen aan had – een flink stuk verderop.

Op de terugweg was het zware gevoel van die ochtend geweken en was er weer ruimte voor fijne gedachten. Met plezier keek ik terug op de avond met Elena. Het was zo gezellig geweest en dat gevoel gaf mij de hoop dat deze plek, dit leven, misschien ooit mijn thuis zou kunnen worden.


Esther Suzanna

Ik schrijf omdat ik het niet laten kan op https://www.facebook.com/esthersuzanna/ en http://suzannaesther.nl/

3 reacties

Esther Suzanna · 25 oktober 2015 op 12:23

Zitten foutjes in, wist niet dat het vandaag geplaatst werd. Slordig.

Meralixe · 25 oktober 2015 op 14:21

Ja, er zitten foutjes in, waar niet? Maar er zitten ook juweeltjes in. In één of andere alinea maar ook in ’t geheel waarin je de naar rust en evenwicht zoekende vrouw bijzonder goed neer zet.
Ondertussen hou je de lezer in je greep en dat is ook een kunst.

troubadour · 26 oktober 2015 op 08:40

Ach lieve Esther toch, als je eens wist hoe gek ik was op het kladschrift van Heleen van Royen. De geur alleen al..
Wat ik van het stukje vond? De vertwijfeling van een naar liefde en geborgenheid zoekende sensitieve vrouw is prachtig weergegeven.

Geef een reactie

Avatar plaatshouder