23 Elementary
Het werd al donker en al was het voor de tijd van het jaar een prachtige dag, nu de zon was verdwenen werd het kil. Uit het gras steeg nevel op en het meer lag donker tussen de overhangende treurwilgen. Terwijl de mannen de partytent afbraken, de vrouwen van het gezelschap alle overgebleven etenswaren zorgvuldig inpakten, rookte ik een sigaret. Alsof het kleine oplichtende staafje me iets kon verwarmen inhaleerde ik diep, de wolkjes uitgeblazen rook mengden zich met de mist die in het schijnsel van enkele kampeerlampen, die speciaal voor het opruimen op dit duistere tijdstip dienst deden, spookachtige flarden vormde.
Haast om naar huis te gaan had ik niet, de spanning tussen Steve en mij was alweer om te snijden. Na drie weken enkel Steve, Elena en Pat, het grappige buurjongetje, gesproken te hebben en dus veel alleen te zijn geweest was het feestje letterlijk ‘een verademing’. Niet alleen de gesprekjes met alle familieleden, ook Stan en Larry hadden me meegesleept in hun vrolijke uitgelatenheid en ik genoot van de luchtige gespreksonderwerpen, spelletjes die gespeeld werden en vooral tijdens het badmintonnen kwam iedereen helemaal los. Ik speelde met de neefjes en nichtjes in elke leeftijdcategorie die meededen aan boompje wisselen, zeilde kiezelstenen over het water, kreeg de slappe lach toen ik uitgleed over de keien en liet mijn drijfnatte maillot en jurk drogen door wind en zon.
Het viel me pas einde middag op dat Steve weer niet meedeed en met een fles bier in zijn handen alles van een afstand bekeek. Ik probeerde er niet zo op te letten. Deze dag had ik nodig om op te laden, de prachtige omgeving, de geur van gras en de rokende barbecues brachten me even terug naar schoolkamp. Eigenlijk ergerde het mij dat Steve niet samen met mij kind kon zijn maar log en onbewegelijk aan de picknicktafel zat en haast boos leek. Of verbeeldde ik mij dat?
‘Can we give you a ride, missy, it’ll take a while before they are done cleaning up’, klonk de stem van Steve’s vader. Steve had geknikt, zeker nadat ik meldde dat ik het koud had. Na afscheid te hebben genomen van zijn ouders en had bedankt voor de heerlijke dag werd ik afgezet voor ons donkere appartement. Eigenlijk had ik geen zin om al naar bed te gaan. Ik was onrustig, dat moment in het halfduister bij het meer was het tot me doorgedrongen dat ik helemaal niet gelukkig was. Althans, de dag met Steve’s familie, de vrolijkheid van het gezelschap stond in schril contrast met hoe ik mij de laatste weken had gevoeld. Steve was geen blij mens. Het feit dat ik in Amsterdam gewend was veel alleen te doen had gemaakt dat ik het verschil niet zo voelde maar eigenlijk was ik samen met Steve nog net zo alleen, zo niet eenzamer.
In het appartement van Kirill en Elena brandde nog licht en impulsief belde ik aan. Elena bleek alleen thuis, ze trok me aan mijn hand naar binnen, maakte zoete thee en daar zaten we weer samen onder het dekentje. Ik vertelde haar mijn verwarde gevoelens, hoe koel en afstandelijk Steve kon zijn, dat ik misschien niet mijn leven in Amsterdam miste maar wel mensen om me heen, dat Steve dat niet in kon vullen en dat een dag als vandaag me deed beseffen dat ik niet gelukkig was.
Het kwam blijkbaar niet als een verrassing. Ze luisterde aandachtig en nadat ik was uitgesproken staarde ze lang in haar theeglas. Zij was ook niet gelukkig geweest toen ze hier net waren komen wonen, gaf ze toe. Een Russische man was ook niet alles, grinnikte ze veelbetekenend. ‘You have to make it on your own, sweety, the men are not going to do it for us. Enjoy your stay while you can..’.
Een uurtje later liep ik naar ons appartement. Steve was er nog niet. Met het voornemen om mij vanaf morgen te focussen op mijn mogelijkheden sliep ik in.

4 reacties
Dees · 8 november 2015 op 08:42
Barstjes worden scheuren. Je hebt het hardop gezegd. Nu is het wachten op de omslag van de uitlaatklep naar het punt dat er geen uitlaatklep meer tegen is opgewassen.
Ben benieuwd of er nog een confrontatie aan vooraf gaat. Dat wel.
Meralixe · 8 november 2015 op 09:04
Steve was geen blij mens schrijf je nu pas. Nee, geen commentaar of kritiek. Het is uw verhaal waar de lezer respect moet voor hebben. Punt. Het leest natuurlijk anders omdat we u elders ook kennen als medewerkster van column x.
Toch nog even dit; opletten voor lange zinnen. Als je binnen de zin via een bijvoegsel niet bij de hoofdgedachte blijft wordt het warrig.
Klein voorbeeldje.
“Alsof het kleine oplichtende staafje me iets kon verwarmen inhaleerde ik diep, de wolkjes uitgeblazen rook mengden zich met de mist die in het schijnsel van enkele kampeerlampen, die speciaal voor het opruimen op dit duistere tijdstip dienst deden, spookachtige flarden vormde.”
De hoofdgedachte is ‘rook mengt zich met spookachtige flarden mist’
De omschrijving van de kampeerlampen krijgt te veel aandacht zodat het wat moeilijker leest. Trouwens, naar mijn mening mocht na ‘inhaleerde ik diep’ een punt staan.
Esther Suzanna · 8 november 2015 op 16:47
Ik weet het Meralixe. Ik twijfelde over die zin, toch ben ik rete eigenwijs zoals inmiddels bekend. 😉
Mijn ‘editor’ zei het ook al…
arta · 9 november 2015 op 22:06
Mooi!
Dit zinsdeel vind ik wonderschoon:
maar eigenlijk was ik samen met Steve nog net zo alleen, zo niet eenzamer