Princess zit op haar plastic stoel, onder een enorme paraplu die haar beschermt tegen de genadeloze zon. Op de plastic tafel ligt niets, behalve het onvermijdelijke en alomtegenwoordige stof, afkomend van het verkeer dat onophoudelijk langs rijdt. Over één schouder draagt zij een tas, het enige gereedschap dat ze nodig heeft om haar vak uit te voeren. De éne helft zit vol geld en de andere bevat een steeds verminderend aantal kleine kaartjes, die mensen van haar kopen om “airtime” of “credit” toe te voegen aan hun mobiele telefoons. Ik heb net voor vierhonderd Naira airtime gekocht en zit op het hoekje van de straat, net tegenover haar verkooppunt. De zon schijnt tussen zeldzame wolken en ik voel het zweet langs mijn rug druppelen. Vanwege een gebrek aan geld moet ik hier zitten om een beetje bruin te worden – een duur hotel met een zwembad waar ik naast zou kunnen liggen kunnen wij ons niet veroorloven, maar gelukkig zijn de kakkerlakken en de ratten gratis.

Rosemary, mijn vriendin, zit binnen. Zij heeft geen behoefte aan de zon, want zij is hier opgegroeid en heeft al de kleur van melkchocola. Zij vindt mij gek en ergens ben ik dat wel, want dit is geen Spaans vakantieoord. We zitten maar een paar graden boven de Evenaar en de zon hangt bijna recht over ons hoofden. Zoals Noël Coward schreef: “Only mad dogs and Englishmen go out in the mid-day sun”.

Een vrachtwagen komt vlak naast mij tot stilstand en een bruine bouwvakker in een wit hemd en een vieze broek stapt eruit.

“Oyibo”, zegt hij zachtjes als hij mij ziet, en zonder verder naar mij te kijken of op een antwoord te wachten, loopt hij door. Hij heeft mij net “blanke” genoemd. Waarom weet ik niet. Het is geen belediging en na twee weken in Lagos weet ik heus wel wat een Oyibo is. Hij voelt zich gewoon gedwongen om die opmerking te maken en dat gevoel deelt hij met bijna alle anderen in Nigerië. Ze bedoelen er totaal niets mee, het is gewoon een deel van de cultuur.

Een andere man loopt langs en zegt: “Mr. White! Why are you sitting in the sun? You must take care, please!” Ik vertel hem dat ik alleen maar twintig minuten hier zit, dan ga ik terug naar binnen en de verlossende airconditioning. Hij glimlacht, schudt zijn hoofd en zegt: “Oyibo!”

Categorieën: Reisverhalen

10 reacties

Avatar

pally · 18 november 2008 op 10:13

Een heel fraai miniatuurtje, waarmee je een sfeerbeeld neerzet van Nigeria, Mens!

groet van Pally

Avatar

Mup · 18 november 2008 op 10:45

Ieder land zijn eigen eigenaardigheden, die je pas echt begrijpt of meemaakt als je er zelf (geweest) bent,

groet makamba

Avatar

Mien · 18 november 2008 op 11:55

Van Oyibo naar Rood naar Bruin.
Kleurrijk verhaal.
Die koperen ploert ook … 😀

Mien

Avatar

SIMBA · 18 november 2008 op 14:26

Thanks Mr. White, voor dit vervolg maar ik wil nog véél meer weten over/van Lagos!

Avatar

lisa-marie · 18 november 2008 op 18:28

De sfeer die deze column uit ademt is zo echt dat ik het mij helemaal voor kon stellen hoe je daar zat.
Ik heb dit ook met veel plezier gelezen.

Avatar

Troy · 18 november 2008 op 19:49

[quote]Only mad dogs and Englishmen go out in the mid-day sun[/quote]

Call me stupid, maar pas binnen de context van je verhaal begreep ik dat dit een uitdrukking is en wat het betekent. Voorheen kende ik het aleen als titel van een plaat van Joe Cocker. Een titel die ik dus nooit begreep 🙄

Dus bedankt voor het opschroeven van mijn Engels met deze (goed geschreven) Nederlandstalige column 😉

Avatar

pepe · 19 november 2008 op 06:42

Mr White, je nam me mee naar Lagos en liet me lachen deze vroege ochtend.

Waarom ik lachen moest? Dat jij in dit verhaal de bleescheet bent en niet ik;-)

Mooi mens tussen de mooie mensen, dat zie ik voor me in dit verhaal.

Avatar

arta · 19 november 2008 op 07:37

Leuk, zo’n reisverhaal zonder toeristische trekpleisters…:-)

Avatar

datmensinkenia · 19 november 2008 op 10:59

Allen, hartelijk dank voor de positieve opmerkingen. Troy, ik denk dat Mad Dogs & Englishmen niet de titel van een plaat was, maar de naam van Joe zijn band toendertijd. Maar ik ben heel blij dat je nu snapt waar het om gaat. De tekst komt eigenlijk uit een liedje van Noël Coward, geschreven in de jaren dertig, geloof ik.

Avatar

KawaSutra · 19 november 2008 op 23:50

Sfeervol plaatje oyibo!

Geef een antwoord