Treurig loop ik door mijn geliefde woonwijk alwaar ik opgroeide en als nozem mijn stempel zette. De wijk Nieuwland is niet meer wat het ooit was, nee erger nog: het lijkt nu wel een nieuw land. Nederlanders ontdek je er maar weinig. Kijkend naar de verpaupering ontgaat mij de herkenning maar dat heb ik al eens beschreven. Schiedam doet wel zijn best om de wijk er goed uit te laten zien door bijvoorbeeld nieuwbouw maar de treunis blijft nadrukkelijk aanwezig. Waar ooit een katholieke kerk zijn parochianen inpalmden zie ik nu een moskee. Een moskee op de plaats van een kerk, in mijn Schiedam? In mijn wijk? Ergens ben ik blij dat ik daar niet meer woon want ik zou mij niet in kunnen houden en ongenuanceerd dingen gaan roepen.

Ik loop door de Talmalaan en herinner mij buurman Mulder die altijd met auto’s in de weer was zoals een Ford-Taunus 10m of 12m; zijn zoon Jan hielp hem soms daarbij. Buurman de Vries met zijn Ford Versaille en zijn zoon Aadje, Karel van loon met zijn rode Jawa motor. Het zijn herinneringen waar ik niet één spoor van terug vind. Ja, de huizen staan er nog maar die zijn ook al verbouwd en aangepast aan de huidige tijd, dus bijna onherkenbaar.

De garage’s waar van de Pas zijn eerste markiezen bouwde en groenteman Saas zijn nering dreef zijn nog terug te vinden maar volkomen onherkenbaar. Ook de sigarenboer op de hoek is dichtgetimmerd met tralies maar wel nog herkenbaar aanwezig. In mijn tijd brandde daar altijd een gasvlammetje op de toonbank, om mensen die elke dag één sigaar kochten aan vuur te helpen en daarbij een sociaal praatje hielden.

Er kwam elke dag een melkboer door de straat, A.J.Kerklaan heette hij en dat was lachen met die man. Die kon rekenen zeg, daar kunnen ze nu een puntje aan zuigen. Als een telmachine rafelde hij alle bedragen bij elkaar en presenteerde alszodanig de rekening aan de wachtende, en soms smachtende huisvrouwen. Ik mocht weleens met hem meerijden naar de Boslaan, verder niet. Een wereldreis voor mij, en eigenlijk was het maar één straat verder. Een donkergrijze Opel record had hij, een bestel uitvoering en die kar stond vol met kratten met rinkelende flessen en andere zooi; achterin had hij een melktank met aftapkraantje voor de losse melk.

Er reed een vrachtauto door de straat van de zuurstoffabriek, geladen met zuurstofflessen. Een groene DAF met trailer die in de Dr. de Visserlaan keerde op de lus aan het eind van de straat; daar woonde de chauffeur. Ik ging altijd kijken als die auto er stond, machtig gezicht vond ik dat.

Een olieboer met een bruin paard en een gele wagen kwam elke zaterdag door de straat, zand, zeep en soda verkocht hij er ook bij. Wat dacht je van een schillenboer? Twee keer per week kwam hij met paard en wagen, en later toen de modernisering toesloeg met een ijzeren hond. Ken je die nog? Zo’n teringding waar je eerst een uur aan een touwtje moest rukken om hem aan de praat te krijgen om dan bij het volgende portiek de “Bernhard moteur” weer af te zetten. Want zo heten die motortjes. Zorgvuldig scheidde hij met blote handen het brood van de schillen, gooide zijn jutte zak over zijn schouder en liep het volgende portiek in.

Ik stop even bij het voorlaatste portiek nabij de Schaepmansingel en denk hier nog even terug aan de begin jaren 50 op de plek waar het paard van de schillenboer neerstortte en roerloos op de grond bleef liggen. De schillenboer knielde bij het paard neer en sprak ermee. Hij tilde het paardenhoofd op en streelde het; hij zei tegen het paard dat alles goed zou komen. Na een tijdje stond het paard wankelend op en trok de kar de hoek om. Nooit heb ik het paard weer gezien.

Huishuuuuurrrrrrrrrrrrrrrrrrrrr schreeuwde een stem, nadat de eigenaar van de stem alle acht bellen met twee duimen beurtelings had ingedrukt. Zenuwachtig dribbelde de huisvrouwen met hun geld de trappen af om de man te betalen. Met een paar straten aan huurpenningen in zijn zakken liep de man, met een gerust hart, terug naar zijn kantoor.

Het pleintje waar ik leerde rolschaatsen is niet meer en ook het laantje waar ik voor het eerst op een fiets stapte is verdwenen. Het grasveld waar wij, Niekie, Harry, Pimmetje en ik ooit tegen andere straten voetbalden, is er nog wel maar het ligt er leeg en verlaten bij.

Vreemde gebedshuizen, anders geklede mensen, andere culturen en andere meningen bepalen nu het aanzicht van de mijn ooit zo geliefde woonwijk.

Oh Schiedam, wat is er met je gebeurd?


10 reacties

Avatar

DriekOplopers · 16 augustus 2007 op 20:19

Een mooie en weemoedige overdenking. Prachtig gedaan. En herkenbaar voor de wat oudere lezer. In Amsterdam ken ik ook van die buurten. Onlangs nog met mevrouw Oplopers naar de Van der Pekbuurt geweest, in Noord. Behoorlijk veranderd inderdaad…

Hulde voor je verhaal!

Avatar

SIMBA · 16 augustus 2007 op 20:24

Prachtig opgeschreven die herinneringen en overpeinzingen P. !!!

Avatar

arta · 16 augustus 2007 op 21:18

Mooi, en stiekem wordt ik ook wel een beetje blij, want hier rijdt nog een melkboer rond, waarmee de kinderen een straatje mee kunnen rijden, de aardappel-groente en eierboer komt ook nog langs de deur. Sterker nog, de kinderen kunnen, als ze willen, de hele dag buiten spelen. Als ik dit zo lees, denk ik : die mooie herinneringen nemen ze je nooit meer af, Prlwyt! En ik hoop dat de herinneringen die op dit moment hier gemaakt worden net zo blijven hangen als bij jou!

Avatar

vanlidt · 16 augustus 2007 op 21:41

Een column als een lied, Prlwyt

Avatar

DreamOn · 16 augustus 2007 op 22:07

Wat heb je dat mooi geschreven Medeklinkerovski. Toch leverde dat bezoekje aan Schiedam wel hele mooie herinneringen op die je voor ons hebt opgeschreven. Heel prachtig gedaan.

Liefs van DO.

Avatar

pally · 16 augustus 2007 op 22:21

Wat een mooi verhaal waarin je me als een gids door jouw oude Schiedamse buurt en je jeugd meeneemt, Prlwyt!
Een heimweecolumn die wèl blijft bestaan.

groet van pally

Avatar

Boheme · 16 augustus 2007 op 22:53

Nou zeg! Laat ik nou ook een column op de plank hebben liggen over Schiedam en zijn veranderingen over de jaren… Ik ben alleen in West opgegroeid en niet in Nieuwland, en ik ben (vermoed ik) een paar jaartjes jonger. Toch zijn er voor mij ook veranderingen duidelijk. Ik moet er nog wat aan schaven, wie weet komt ie nog een keer…

Avatar

Troy · 17 augustus 2007 op 08:37

Van de melkboer heb ik ook nog nèt iets meegekregen (nee, geen genen!), maar een olie- en een schillenboer doen wel héél oud-Hollandsch aan 🙂

Leuk, deze nostalgie.

Avatar

senahponex · 17 augustus 2007 op 11:44

Prlwytskovsky geweldig geschreven, droomde gelijk terug de tijd in, bij ons in de straat kwam de melkboer met de bakfiets, een vat met aangelengde melk, dan werd ik door mijn moeder naar beneden gestuurd om een pannetje melk te halen.

:wave:

Avatar

WritersBlocq · 18 augustus 2007 op 21:02

Hoi Peet,
Gelukkig ben ik oud genoeg om te weten wat je bedoelt en voelt. Jammergenoeg kan ik met je meepraten, het is triest… en ook ik heb hier en daar wat flarden van vroeger opgeschreven, maar weet niet of ik het verhaal afmaak.
Je hebt het heel mooi en vattend geschreven.
Groetje, Pauline.

Geef een reactie