Vocabulaire-vrijheid

“Mam, ik voel me een beetje paranoia hier. Kunnen we gaan?” Paranoia? Hoe komt mijn tienjarige dochter aan dat woord? “Weet je wel wat dat betekent?” Haarfijn legt Marie me uit dat ze de drukte in de winkel eng vindt. Iedereen botst tegen haar aan en ze voelt zich niet fijn. Lichtelijk onder de indruk pak ik haar hand en trek haar naar buiten.

Floepen, duwen of trekken?

Het is vrijdagmiddag op de poli Gynaecologie. Een middag van weinig spreekuuractie en van veel telefoon. Zijdelings houd ik de spoedlijn in de gaten, want de OK kan mij zo bellen. De telefoon gaat, ja hoor, ik mag Erheen, met een hoofdletter E.

Groot kind (2)

Een kind zou zich niet ongerust hoeven maken om zijn ouders. Het behoort onbedorven, spontaan en speels op te groeien in veiligheid en warmte. Omringd door onvoorwaardelijke liefde en fysiek en geestelijk gevoed. De werkelijkheid is soms anders en hard. Wat men zijn liefste en naaste wenst kan niet altijd geboden worden. Noodlot en onmacht lijken soms onlosmakelijk met elkaar verbonden. Kinderen worden dan vroeg groot. Volwassenen snel klein. Juist in noodlot en in onmacht moet het kind gekoesterd worden. Vluchten voor de werkelijkheid leidt tot paniek, wanorde en chaos.

Stilte van de eenzaamheid

Als de eenzaamheid aan je deur klopt doe dan niet open. Ik heb dat wel gedaan en heb nu spijt als haren op mijn hoofd want het heeft mij zeker geen goed gedaan.
Als je alles hebt gehad en alles hebt bezeten en alle geneugten des levens hebt mogen proeven is het een hard gelach als de eenzaamheid ineens als een bom inslaat.

Speel goed kinderen

De wetenschap Apologie van het Speelgoed werd voor het eerst bestudeerd aan het einde van de 12de eeuw zonder toepassing van de latere Psychoanalyse maar wel met gebruikmaking van de verschillende levensfases van zuigeling tot puber.
Dokter Bartolemeus Smitz was een van de eerste wetenschappers die de belangrijke eerste mensenjaren onderzocht en naar mogelijkheden speurde om het opgroeien positief te beïnvloeden.
Omdat het vrouwdom in de 12de eeuw veel minder interessant werd geacht dan tegenwoordig spitsten de onderzoeken zich voornamelijk toe op het mannelijke geslacht.