De exoten komen

Vanochtend vroeg hoorde ik een zacht, klagend geluid voor mijn voordeur. Bij nadere inspectie bleek het toe te behoren aan drie lianen, die elkaar ondersteunden in een innige omstrengeling. Ze maakten een verflenste indruk. Uit verse snijwonden liep helder sap.

Postzegelverzamelaars worden zeldzaam

Vroeger verzamelde ik postzegels. Waarom weet ik niet meer precies. Ik denk dat het iets te maken had met het gemak van die hobby. Van een verzameling opbouwen word je zelden moe. En het is altijd beschikbaar. Wanneer jij dat wilt pak je je boeken met postzegels uit de kast. Kijk je een paar minuten naar een Indonesisch exemplaar waar wijlen Soeharto op afgebeeld staat. Omdat het kan. Als ik het kijken naar mijn zegels zat was, ging ik bij de boekhandel nieuwe halen van een exotisch land. Zo’n land waar je van wist dat je daaruit nooit een ansichtkaart zou ontvangen. Niet zonder reden dacht ik vandaag aan mijn oude hobby.

In de wolken

Boven de wolken moet de vrijheid haast grenzeloos zijn. Daar kan Lewis over meepraten. Ooit verdronk hij in modderig water, dronken van liefdesverdriet en onder invloed van Pan’s pijpen. Groot liefhebber van jazz en een man van veel talenten. Nu zit Lewis dromend op een roze blauwe wolk. Hij droomt van zijn Anita in een hemel van diamanten. God wat is hij verliefd op haar geweest. En met hem vele anderen. Lang dromen doet Lewis echter niet. Zijn droom wordt wreed verstoord door een ruige zwarte man met lang krullend haar. Hij kent die man, maar weet niet meer precies waarvan. Iets uit een ver en wazig verleden. Brutaal neemt de zwarte man plaats naast Lewis en begint hem te ondervragen.

Afvoerputje

Andermaal is dit, na “Kattenbakken en pindakaas”terug een autobiografisch schrijven. Nu is het luchtiger en komischer, maar wel een waar gebeurt verhaal bij een man van nu reeds zestig jaar.
Waarom leg ik de nadruk op die zestig? Omdat ik nog weet van de tijd van toen, dat ik nog ver genoeg kan terug keren om zodoende authentieke herinneringen op te diepen waar de lezer anno 2011 terecht zou kunnen aan twijfelen.

Sollicitatie

Ik wist het al toen ik na het tweede gesprek, teruglopend naar mijn auto, een brok in mijn keel wegslikte. Het was drukkend warm, een tropische zomerdag. De hoopvolle tinteling die ik sinds het eerste gesprek had gevoeld was verdwenen. Ik wilde nog niet helemaal opgeven, maar mijn stroperige benen wisten wel beter.