Boven de wolken moet de vrijheid haast grenzeloos zijn. Daar kan Lewis over meepraten. Ooit verdronk hij in modderig water, dronken van liefdesverdriet en onder invloed van Pan’s pijpen. Groot liefhebber van jazz en een man van veel talenten. Nu zit Lewis dromend op een roze blauwe wolk. Hij droomt van zijn Anita in een hemel van diamanten. God wat is hij verliefd op haar geweest. En met hem vele anderen. Lang dromen doet Lewis echter niet. Zijn droom wordt wreed verstoord door een ruige zwarte man met lang krullend haar. Hij kent die man, maar weet niet meer precies waarvan. Iets uit een ver en wazig verleden. Brutaal neemt de zwarte man plaats naast Lewis en begint hem te ondervragen. “Ben jij niet die man die iedere dag sterft? Volgens mij heb ik zelfs ooit een lied aan jou opgedragen? Ben alleen even de naam van het lied kwijt. Wacht nou schiet me je naam weer te binnen. Lewis, ja, de man zonder verwachting. Wat doe jij hier op deze roze blauwe wolk Lewis? Net als ik, duizend doden sterven? Wie is die man nu ook al weer, denkt Lewis. Plotsklaps herinnert hij het zich weer. Het is Johnny. Hoe kan hij die vergeten zijn? Ja, ja, het is de flamboyante Johnny die met zijn gitaar alles en iedereen in vuur en vlam zet. Good old afro-american Johnny. Hij bracht zijn spectaculair gitaarspel voor het eerst ten uitvoer op een bezemsteel en daarna op een ukalele. Dat is Lewis nooit vergeten.

“Tsja”, antwoordt Lewis. “Dat is effe geleden Johnny. Hebben ze jou ook naar boven geroepen? Ik ben vandaag inderdaad weer dood gegaan. Doe ik bijna elke dag. Macht der gewoonte, zullen we maar zeggen. Maar hoe is het met jou? Steek je nog steeds gitaren in de fik?” Johnny krabt even achter zijn oor en lacht. “Wah, wah, ja, ja, Lewis ik ben ook geroepen. Vooral door Joe. Je weet wel die vriend van mij, die oen, die zijn eigen vrouw dood schoot. Bij mij is het pas veel later misgegaan. Na een combi van wijn en ietwat te sterke slaappillen. Ze zijn er daar beneden nog steeds niet helemaal uit wat er precies is misgegaan. Wat ik me nog kan herinneren is dat ik het vrij benauwd had en plots vanaf een brancard in mijn nekvel omhoog getrokken werd. Einde Johnny, einde experimenten. Maar ik zit er niet mee. Het is toch één en al treurnis daar beneden. Schuif eens een stukje op Lewis, dan drinken we er samen één. Doe jij trouwens nog wat in jazz?”

“Jazz, jazz, jazz, maar jongens toch, dat is toch allang achterhaald, dat is voor ouwe lullen, jullie zijn toch zeker van de blues?” Johnny en Lewis kijken elkaar verbaasd aan. Naast hun staat een kleine vrouw met blond haar, op blote voeten in een rood geruit hemd. Ze kijkt een beetje sip. In haar linkerhand een fles whisky. Lewis en Johnny weten niet wat ze zien. Is de geest nu plots uit de fles gekomen? Daar staat de welbekende Janis voor hun neus. “Hee, good old Janis, jij ook hier? Dat wordt hier nog een leuk feestje. Kom erbij. Ga zitten. Schuif eens een stukje op Lewis.” Lewis maakt plaats voor Janis en grapt naar haar: “Heb je Bobby toevallig ook nog meegenomen, gie, gie?” Schuchter neemt Janis plaats. Ze is blij de ouwe gabbers te treffen. Soulmates zo gezegd. “Wat brengt jouw hierboven, Janis?” vraagt Johnny. “Je hebt toch niet net als ik, iets te sterks genomen?” Janis geeft geen antwoord. Ze weet het gewoon niet meer. De herinnering is weggeslagen door een enorme roes waarin ze verkeerd.

Gestommel klinkt op de trap die onder de roze blauwe wolk hangt. Een opgeblazen rood hoofd verschijnt voor de neus van de drie metgezellen. Het hoofd laat een enorme boer. “Zo, dat moest ik even kwijt”, roept het hoofd. “Zitten jullie hier al lang op deze wolk. Jezus wat een duf zooitje hier. Jullie kijken allemaal erg sip. Wat een grafstemming. Ik denk dat ik maar terugklim naar moeder aarde. Daar is vast meer te beleven.”
“Nee maar,” roept Lewis. “Ben jij het James, ik kan het bijna niet geloven, dat gaat hier nog een muzikale wolk worden.” Het hoofd word gevolgd door een goddelijke lichaam en neemt plaats tussen het drietal. “Ja Lewis, ik ben het, James, die ooit nog een gedichtje voor jouw schreef nadat jij moeder aarde verliet. Het is je blijkbaar niet goed bekomen, want je ziet nog steeds erg witjes. Krijg je hier wel genoeg te drinken?” “Nou James, dat is hier niet echt nodig hoor. Hoog boven de wolken leven wij op roze en blauwe lucht. Meer hebben we niet nodig.” “Dat kan ik me niet voorstellen, dat doet voor mij de deur dicht. Als hier geen drank voorhanden is keer ik onmiddellijk terug naar aarde.” Als James weer op de trap klimt veert Janis plotseling op.

“Hee ho, hoor ik dat goed. Is mijn lieve, mooie, kwaaie poëet James ook toegetreden tot het walhalla boven de wolken? Hield je het daar beneden niet langer vol? Valt het je hier ook al weer tegen? Blijf toch lekker hier. Je verkeert hier in goed gezelschap.” James glundert en reageert blij verrast. “Ha, ha, Janis, dat doet me goed om jou te zien. Eindelijk een vrouw waarmee ik op niveau kan praten. Jij hebt toch op een paar universiteiten gezeten? Waarom heb je de studie nooit afgemaakt joh, doodzonde?” “Tsja, dat was een beetje moeilijk James, ik raakte behoorlijk in de war en koos uiteindelijk voor muziek. Mijn vader heeft me nog wel gepusht. Hij beloofde mij een dure auto bij het afstuderen. Ik zag dat niet zo zitten, mijzelf in een Mercedes. Liever hupste ik wat rond. Een beetje flierefluiten. Uiteindelijk heb ik mezelf verdronken in muziek en wijn. En zo te zien ben ik niet de enige.”

De roze blauwe wolk drijft langzaam verder. Jazzy, bluesy en gedreven op droeve akkoorden van hemelse muziek die niet onopgemerkt blijft op moeder aarde. Vol overgave, poëtisch en tot op het bot doordrongen van passie en onvoorwaardelijke liefde. De roze blauwe wolk rokt en rolt. Maar niet voor lang. De wolk krijgt opnieuw bezoek.

“My, my, hey, hey, wat is hier op deze mooie wolk gaande? Begeef ik mij nu tussen arme beroemdheden? Mijn droom komt uit. Knijp eens even in mijn arm. Zijn jullie het echt, Janis, Johnny, James en Lewis, hoe lang zweven jullie hier al rond? Kicken man. De vier wolkgenoten kijken elkaar verbaast aan en schieten gezamenlijk in de lach. James neemt het woord. “Kurt, geweldig, je hebt ons gevonden. We zeiden al tegen elkaar, die laat vast nog van zich horen. Maar wat een toestand heb jij achter gelaten daar beneden. Weet je wel hoeveel volgers jij daar hebt, op moeder aarde? De roem achtervolgt je. Het doet ons bijna verbleken. Maakt niet uit. Gelukkig kun je hier weer tot jezelf komen. Sterallures krijgen is namelijk best lastig in de wolken.”

Daar is Kurt het helemaal mee eens. Kurt is super blij dat hij zijn muziekbroeders gevonden heeft. Hij heeft zich niet voor niets voor zijn kop geschoten. Kompleet uitgedoofd neemt hij plaats tussen zijn vrienden. Ook voor hem is er nu een einde gekomen aan begeerte, aversie en verwarring. Hij verkeert in een ultieme staat van Nibbanna. Het ruikt nog lekker ook. Het ruikt een beetje naar de geest van een tiener. Wild en naïef. Voldaan legt Kurt zijn hoofd met blonde manen te ruste op een stukje roze blauwe wolk en geeft zich over aan een zoete droom vol liefde. De liefde die in zijn droom aan hem verschijnt lijkt op een vrouw. Als Kurt zijn armen naar haar uitstrekt wordt hij wakker. Naast hem zit een vreemde vrouw. Zij strijkt met haar handen door een dik bos zwart lang haar.

“Wat doe ik hier, wie zijn jullie?”, mompelt de vrouw voor zich uit. Ze ziet lijkbleek. De tranen staan op haar wangen. Ze herkent niemand van het gezelschap. “Nou lieverd, je bevindt je op een grote roze blauwe wolk, zwevend tussen hemel en hel. Je herkent ons misschien niet onmiddellijk, maar wij zijn een soort vakbroeders, ook wel muziekdieren genoemd. Beneden op aarde werd het ons te broeiierig. Wij hebben elkaar hier gevonden en zijn nu op zoek naar de hemel. Net als jij zijn we trouw aan onze ziel gebleven. Ook al schiepen wij één voor één onze eigen demonen, we zijn nu in een fase beland om daar afstand van te nemen. We zijn op aarde nooit begrepen en ergens tussen hemel en hel verdwaald. We zweven hier wat rond en maken er het beste van. Sommigen van ons zijn hier op eigen kracht naartoe gekomen en anderen zijn opgepikt. Dat laatste geldt ook voor jou.”

Terwijl James dit vertelt aan de vreemde vrouw, rollen bij Kurt de tranen over de wangen. Hij beseft pas nu, dat tussen hemel, aarde én hel, de tijd voor altijd stil is blijven staan. Met een schuin oog kijkt hij omhoog naar de magere vrouw die naast hem zit. Haar lijf bibbert en spreekt boekdelen. “Hoe heet je, lieverd?” “Ik ben Amy”, fluistert de magere vrouw, “ik ben blij jullie hier te ontmoeten, ik heb een rottige tijd achter de rug. Mag ik jullie helpen zoeken naar de hemel, jullie zijn zo aardig?” “Geen probleem”, roept de hele club in koor. “We trekken gewoon nog een flesje open, we spuiten wat en slikken en alles komt goed.” Zo leven Janis, Johnny, James, Lewis en Amy nog immer vrolijk verder op een grote roze blauwe wolk. Wie liggend met zijn rug in het gras, starend naar de wolken, heel goed luistert, kan nog steeds genieten van de mooie liederen die het hele clubje dagelijks ten gehore brengt. Rokkend en rollend tot in de eeuwigheid, op zoek naar de zevende hemel.

[b][url=http://25.media.tumblr.com/tumblr_lk61crEELv1qjsru3o1_500.jpg]Mien Stardom[/url][/b]

[img align=left]http://farm3.static.flickr.com/2446/3867416147_233fa158d3.jpg[/img]


Mien

Bewonder luidruchtig en verwonder in stilte

11 reacties

sylvia1 · 3 augustus 2011 op 10:02

Ik zag ze stuk voor stuk zitten, Mien, op hun wolkje. Mooi beeld. Op gegeven moment verwachtte ik Amy, moest nog een paar artiesten wachten maar ’t bleef boeien. Leest erg lekker weg, dit verhaal.

Meralixe · 3 augustus 2011 op 10:11

Heb de “lange” tekst gelezen op de tonen van “Tower of Song” van Leonard Cohen in een uitvoering van Marianne Faithfull.

Ontwikkeling · 3 augustus 2011 op 10:37

Wat geweldig geschreven! Genieten, dit

Libelle · 3 augustus 2011 op 13:13

Aart Staartjes ontmoet Simon Carmiggelt.

arta · 3 augustus 2011 op 21:06

Geweldig leuk verhaal. Mien!

Ferrara · 3 augustus 2011 op 23:30

Wat een “hemels” orkest.

Chantalle · 4 augustus 2011 op 02:08

Sjonge, wat beeldend geschreven. Ik hoorde de geweldige hits samenvloeien in een prachtig geheel.

Mooi!

Mien · 4 augustus 2011 op 07:56

@Meralixe:
Lady Vagabond, nice … 😉

Mien · 4 augustus 2011 op 18:21

Bonus:
Toch nog gevonden.
De aanleiding van de eerste zin.
[b][u][url=http://www.youtube.com/watch?v=lK76cnUcj8U]Über den Wolken[/url][/u][/b]

Mien (met liefde voor muziek)

Ferrara · 4 augustus 2011 op 19:44

Reinhard May, wel een geheel ander genre.

Harrie · 5 augustus 2011 op 11:03

Muziek en column naar mijn hart.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder