GAMMA, mijn redding

“Zal ik jou zo eens op je bek timmeren”, riep een in stofjas gehulde medebezoeker van de plaatselijke supermarkt mij toe. Meneer was boos, dat was overduidelijk. Boos omdat ik hem op vriendelijke toon vertelde dat ik in mijn beleving eerder aan de beurt was dan hij.

Wie heeft er nu Alzheimer?

Even het Boerenlandziekenhuis gebeld: “Goedemiddag, Oplopers hier. Kunt u mij even met de directievleugel doorverbinden?” Een verdwaasde telefoniste mompelde iets onduidelijks in de trant van: “Oh, ah…” Even dacht ik dat deze behulpzame maar zeer incompetente dame een negatieve uitzondering was waar het ging om het intelligentiepeil van de staf van het ziekenhuis, maar dat bleek niet het geval. Het totale management van dat Twentse hospitaal is geschift.

De Pedofiel van Feijenoord

Even met het torentje gebeld: “Goedemorgen, Oplopers hier. J.P. in de buurt?” De secretaresse deed dit keer maar geen moeite om mij af te poeieren. Zij wist inmiddels wel beter en met een diepe zucht zei ze: “Ik verbind u door, meneer Oplopers.” Even later had ik de premier aan de lijn. “Zo meneer Balkenende, die speeches die u voorleest, die zijn toch van een bedroevende kwaliteit? Zo meneer Balkenende, die speeches die u voorleest, die zijn toch van een bedroevende kwaliteit?”

Karma Karma

Het begon als wraakactie. Ik was het zat om me dag na dag ellendig te voelen, het werd tijd dat hij zich rot zou gaan voelen, de rottigheid hoorde bij hem. En ik wilde hem pijn zien hebben voor het afbreken, doen ophouden van alle mooie, fijne gevoelens die er waren geweest.
Ik meldde me aan bij relatieplanet. Terplekke verzon ik een personage en googlede er een gezicht bij. Ze zou niet op mij lijken, ze moest rustig, stabiel, degelijk zijn.

De conducteur en zijn snor

Met een zenuwachtig lachje keek de kale man naar de conducteur met de grote snor. In zijn ogen bespeurde ik enige paniek. Hij hield een blauwe strippenkaart omhoog. Zijn vervoersbewijs. Een half uur geleden had de man mij nog aangekeken met een dit-is-eerste-klas-wat-doe-jij-hier blik. Nu ben ik dit gewend, dus vreemd opkijken deed ik niet. Frappant is dat deze mensen bij het zien van de conducteur de benen nemen. Of, zoals deze meneer, schijnheilig gaat zitten nep lachen. Alsof een lach alles doet vergeten. Nou, niet met zo’n gebit.