Om elf uur ‘s ochtends word ik gebeld door iemand van de politie. Een teamchef of zoiets. Dan zit je net aan je sigaartje en kop koffie achter je bureau te fantaseren over een rustige dag, krijg je dit!
‘Meneer Paco? Politie, Zuphen. Bij ons zit ene Bopske. Wil niets zeggen, behalve uw naam en telefoonnummer. Is de man losgebroken uit een streng bewaakte bunker of zo?
Er zit echt een steekje los aan de vent. Komt u even langs om hem op te halen? Of dragen wij hem meteen maar over aan een psychiatercollectief.’