Wij bewogen ons ondertussen gemakkelijk in deze omgeving. De ziekenhuiskamer was een beetje van ons. Een eenpersoonskamer. Bekende kaarten aan het prikbord, onze bloemen voor het raam. Vertrouwde setting. Beetje thuis. Verpleegsters waren op gezette tijden belangstellend; brachten thee en koffie en waren verder op afroep beschikbaar. Hij lag daar. Jarenlang leven achter de rug. Op zijn linkerzij. Goed in de geordende kussens. Het laken keurig over de sprei heen gevouwen. Recht, opgetrokken tot net onder zijn rechterschouder. Wij spraken tegen hem. Spraken met elkaar. Stelden hem gerust. Stelden elkaar gerust. Hij reageerde al enige tijd niet meer.
Wij depten zijn voorhoofd met vochtig gemaakte washandjes. Dezelfde washandjes gebruikten we om zijn lippen te bevochtigen. We deden. Samen. Als vanzelfsprekend. Een goed gezin. Minuten, kwartieren, uren.
Als wij stilvielen dan was er zijn ademhaling. In en uit. Hoorbaar en zichtbaar. Eerst regelmatig en geruststellend. Later onregelmatiger. Haperend. Afnemend. Soms stil vallend. Op die momenten keken wij elkaar aan. Verschrikt. Was het zover? Nog niet. Langzaam ging zijn borst weer op en neer. Hij pakte de draad weer op. In en uit. Beweging, leven. Hij was er nog. We gingen door met wat we deden. Steeds meer gespitst op zijn ademhaling. De stilvallende ademhaling herhaalde zich. Met regelmaat. We wisten dat dit af ging lopen. We telden de seconden en waren opgelucht wanneer we zijn borst weer langzaam zagen opstarten. We wisselden blikken van verstandhouding. Hij was altijd de man van de humor geweest. Was daar nu sprake van. Even de adem inhouden en dan… We glimlachten. Stap voor stap werden we door hem meegenomen.
Uiteindelijk stopte hij. We bleven seconden tellen. Hij keerde niet meer terug. Het was zover. Weg. Weg was hij. Weg was mijn vader. Dood was hij. Echt dood.
Het was tien over vier. Vier december. De dag voor Sinterklaas.

Ik keek naar het bed waarin mijn vader mijn vader niet meer was. God en geloof waren ver weg. Zijn worsteling met hen was in hun nadeel beslecht zo leek het. Ik stond daar. Vooral verwonderd over de metamorfose. Mijn vader. Mooie man. Lieve man. Onuitstaanbare eigenwijze man. Levenloos lichaam. Gedachteloos vacuüm.

De verpleegsters namen het over. Ik liep met mijn moeder de kamer uit. Arm in arm. Troostend en troost zoekend. Even samen. Richting uitgang. In een poging iets van verstrooiing te vinden, een herinnering op te halen, vroeg ik haar waar het ook al weer was. Lang geleden. Bosrijke omgeving. Groot meer. Ergens in het midden van dat meer zwemt mijn vader. Zwemmend met ferme slagen. Borstcrawl. Af en toe stopt hij even. Hij lacht en zwaait naar ons, naar mijn moeder, mijn zusje en mij. Ik herinner me dat, zonder een duidelijk idee van tijd en plaats. Een verstild familiemoment. Vertrouwd, ontspannen en zorgeloos. Mijn moeder bleef even staan en begon zachtjes te lachen. Jongen toch, zei ze. Waar haal je dat nu vandaan. Je vader kon helemaal niet zwemmen. Hij moest er niets van hebben. Ze schudde haar hoofd, greep mijn arm iets steviger en liep met me naar buiten. Het ziekenhuis uit, de frisse decemberlucht in.
Eenmaal buiten op de stoep van het ziekenhuis haalden we tegelijk diep adem. We keken elkaar aan en bliezen samen uit.
In de verte bewoog zich in de schemer een hulpsinterklaas. Met paraplu. Het regende blijkbaar.

Categorieën: VEC

18 reacties

Libelle · 1 augustus 2012 op 08:45

Intiem verhaal, dat groeit naarmate het vordert.
De laatste zin zet ons weer met de voeten op de grond. Heel sterk.

Mien · 1 augustus 2012 op 08:56

Ben er even stil van.
Het staccato een mooie metafoor.
Tussen de woorden en regels door veelzeggend.
Net als de titel.
Heel veel respect voor dit schrijven.

Mien

Dees · 1 augustus 2012 op 10:09

Het is heel mooi geschreven en veel intiemer dan je andere ook heel mooi geschreven stukjes. Ik heb je staccato nog niet eerder gezien in heftigheid. Het loopt voor mij als lezer parallel aan een overlevingsmechanisme in heftige tijden, zaken in kleine brokjes in kleine hokjes om het te kunnen behappen. Het wachten en ‘je werk doen’ vind ik erg indrukwekkend geschreven (herkenbaar, ook, voor velen, ook, denk ik).

De wonderlijke fabricage van je hersenen voegt een element geheimzinnigheid toe, of verhoogt de verdwazing die blijft. Het regent blijkbaar, prachtig ook. Petje af.

Sagita · 1 augustus 2012 op 10:38

In een woord: Prachtig! Petje af!

Meralixe · 1 augustus 2012 op 11:36

Mooi hoe u al direct begint te romantiseren (zwemmende vader) om zo het goede te onthouden. Ten huize Meralixe is dat wel even anders. Vijftien jaar na datum zijn het nog steeds door en door negatieve herinneringen die de boel verzieken. Enkel de zin om te vergeven helpt maar dat betekend nog niet dat mijn gedachten nu moeten overhellen naar fanatieke ophemeling.
Het is zeker mooi en krachtig geschreven, dat dan weer wel.

LouisP · 1 augustus 2012 op 12:18

Prachtig!

Hij was altijd de man van de humor geweest. Was daar nu sprake van.

super!

Ferrara · 1 augustus 2012 op 12:26

Stil van. Vooral derde alinea eerste zin. Zo vaak ervaren, zowel prive als in werk.

arta · 1 augustus 2012 op 13:40

Hele mooie VEC.
De sfeer die jij neerzet is zó tekenend voor de situatie, heel knap in woorden gevangen! Mooi eerbetoon.

SIMBA · 1 augustus 2012 op 15:45

Prachtig gedaan!

Mup · 1 augustus 2012 op 20:07

Je trekt me mee zonder vals sentiment, in een emotionele achtbaan, met de ‘humor’ van de hulpsinterklaas sta ik ineens weer in de realiteit

Groet Mup

pally · 1 augustus 2012 op 21:28

Heel indrukwekkend, Frank. Het staccato van de laatste ademstoten voor de dood weergegeven in die korte zinnetjes. Zonder sentiment en daardoor juist erg aangrijpend.
Ook het onberedeneerde lachen om bijna niks dat zo dicht bij huilen ligt.
Echt prachtig! :wave: :wave:

groet van pally

trawant · 1 augustus 2012 op 23:22

Wel drie keer gelezen en mijn eigen herinneringen eraan vastgehaakt..ontroerd door je prachtige beeldende beschrijving, meer dan dat, erin gezogen.. weer in de ziekenkamer van mijn eigen vader geweest..
Niet vaak zo geraakt door een verhaal hier op Cx
Sereen, intiem , perfecte balans tussen afstand en nabijheid en nergens sentiment Groot compliment

sylvia1 · 2 augustus 2012 op 08:41

Ja, deze mag een maand op de voorpagina. Erg mooi…

Harrie · 2 augustus 2012 op 10:11

Wat een goede column Frank. Het raakt.

WritersBlocq · 6 augustus 2012 op 23:51

Wat een prachtig geschreven VEC is dit. Terecht, dat je op deze manier een maand bovenaan staat. De staccato vorm waarmee jij je verhaal lardeert geeft juist die spanning, machteloosheid en het trachten te controleren weer. Echt heel knap gedaan, en ook prettig om te lezen.

Wat fijn voor je, dat jij je vader zo hebt weg zien glijden. Wat naar, misschien ook wel tegelijkertijd. Hoe dan ook: je hebt de transformatie van je vader naar omhulsel enorm knap weggezet, en bent overlevend, met je moeder de werkelijke wereld weer ingestapt. Waar het regende, blijkbaar.

[quote]Een verstild familiemoment. [/quote]
Ik las ‘familiemonument’ en wilde dat weer met jou delen.

Sterkte, met het verlies, en enorm veel feli’s met je bijzondere VEC.

Gerardinho · 7 augustus 2012 op 08:42

Mooi, ontroerend en ook herkenbaar. Even stil hoor.

embee · 8 augustus 2012 op 11:47

Indrukwekkend vind ik dit. Vooral de laatste zinnen waarin je aangeeft dat de wereld gewoon doorgaat terwijl jouw wereld even stokt..

Groet van Embee

Frank · 23 augustus 2012 op 21:14

Terug van vakantie jullie aardige en soms ontroerende reacties gelezen.
Dank je wel.

Vriendelijke groet,
Frank

Geef een antwoord