Ik ging op kamers. Had de ‘wijsheid der jaren’; zo bespottelijk was dat dus niet. Moeders: “Het wordt tijd dat jij, gezien je ongezonde ontdekkingsdrang, eens opzout. Je horizon buiten ons gezichtsveld onaangenaam verbreedt!” Daar viel wat voor te zeggen. Mijn ouders hadden mij slecht aan een touwtje. Mijn 1e huisbaas had zijn fortuin vergaard middels schuurpapier, stopverf en lak. Geloofde in God maar vooral in guldens. Was gereformeerd op zondag. Vond het misschien daarom gangbaar op onwenselijke tijden mijn beperkte vierkante meters te betreden. Idioot. Onaangekondigd, zonder “knockin’ on heavens door”. Erger: organiseerde rondleidingen voor boeren & buitenlui door mijn 2 woonverblijven. “Het is wel mijn pand!”, tekende ik op uit zijn bakkes toen ik ‘amok’ maakte. Gevalletje beperkt blikveld! Over ingedroogde hersenmassa’s gesproken: pandjesmelker 2 was gristelijk gereformeerd. Ook nog eens ‘vrijgemaakt’. Religie in de zwaarste uitvoering. Rijk geworden middels kunst en vliegwerk. Niet geheel toevallig: meneer heette “Kous”. Inderdaad; tot de rand gevuld met zilverlingen. Zijn (schone) dochter: “We halen eigenlijk altijd alleen meisjes in huis”. Ik hoefde niet veel van mijn charmes in te zetten om haar te laten inzien dat je jezelf dan tekort doet… Haar zwaar op de hand zijnde, hypocriete vaderlijke kraai had 1 voorwaarde voor mijn intrek: géén televisie in zijn goddelijk oord. Geen flikkerend beeld vanuit een duivelse wereld. Een kartonnen doos bood uitkomst. De ‘dominee’ ging tenslotte ook voetbal kijken bij iemand die zo’n werelds kastje in huis had. Ik schoof regelmatig aan in zijn woonkamer om de waan van de dag door te nemen. Het “Reformatorisch Dagblad” verengde zijn visie op onderwerpen als abortus en arbeidsconflicten. Remedie: je meegaand opstellen (= simpeltjesweg meelullen). Want er was zwarte koffie, schuimend bier en véél jonge jenever.

Jannie (zwarte Kous’ dochter) serveerde binnenkamers haar vaders natjes en droogjes. Hield de toiletgroep kraakhelder, sopte ramen, boende vloeren, kookte piepers, groente én mals vlees. Saartje met de juiste afmetingen. Een smakelijk tussendoortje. Haar scharrel Kees had, na een drukke werkweek als grootgrutter/-graaier, veerkracht over om haar altijd op zaterdagavond rond zevenen een gierend hoorbare climax te bezorgen. Wandjes waren dun en aan mijn gehoor mankeerde weinig. Enfin; een dikke voldoende voor de kruidenier die geheel niet aan de kleintjes dacht. Toen een oud-schoolvriendinnetje na kroegbezoek mijn kamers wel eens wilde inspecteren wankelde ze na ruime consumering Kous’ slaapkamer binnen. De kraai vervolgens des duvels. Reactie bij het ochtendgloren: “De nacht is voor het ongedierte!” Tja. Knip dan ook een peertje aan! Middenin een drinkgelag wandelde mijn ex een roerig bestaan binnen. Ik was op slag verpletterend verliefd en zélfs voor haar eventueel bereid een zwaar evangelische route in te slaan. Ze had gelukkig een andere toekomstverwachting… In alle opzichten kreeg het begrip beweeglijk een andere dimensie. Ook Kous’ (72) zijn bek viel amechtig los toen ik mijn nieuwste aanwinst een rondje op het plankier liet wandelen. Ik kon hem behoorlijk volgen in het op hol slaan van zijn hormoonhuishouding. Toen ze elk weekend mijn plaatselijk straatbeeld een boost kwam geven ontkurkte hij ook voor haar veelvuldig de flessen. Het knorrige heerschap onderging in haar aanwezigheid een complete make-over en onthield zich van de gebruikelijke zwartgallige preken.

Godswonder: de kerel van de hemelse beginselen schiep er een intens genoegen in ons in kennelijke staat op weg te zien gaan richting een volgend hoogtepunt. Inderdaad; binnen zijn stadsmuren. Kwestie van overduidelijke griffo-stelregels…? Respons op mijn latere wens tot samenwonen: “Hokken doen we hier alleen met varkens!” Opmerkelijk, de schoonheid (zonder krulstaart) waarmee dat op stok gaan had moeten plaatsvinden, had ik nooit op knorren kunnen betrappen. Wroeten deed ze ook meestal niet en haar neus was ook niet buiten alle proporties. Omdat vriendin + 54 geen gezamenlijke huisvesting verkregen plaatsten we een advertentie. “Leuk stel zoekt woonruimte met dubbele beglazing en geluidsdichte muren. Beloning: 250 keiharde guldens”. Toen de oproep in de weekendbijlage van de Volkskrant verscheen waren wij elders een binnenveringsmatras aan het uitproberen. Kous werd plat gebeld. Dramatische gevolgen bleven niet uit: een heuse uitzettingsprocedure. “Je kunt wel gaan!” Onze lieve heer was kennelijk op zijn overgevoelige pikje getrapt. Binnen 24 uur had ik een ander passend onderkomen. Precies in zijn blikveld, aan de overkant van de boulevard. Hij zat stilzwijgend buiten in de vensterbank toen we ons boeltje overhevelden. Ja, géén tv leidt tot een verengde kijk. Visies vervormd door matglas. En breedsprakerige preken. Zelfs nu nog, terwijl de breedbeeld-plasma’s gewoon(goed) zijn geworden. Gelukkig hebben de meeste ongelovigen een nog ‘breder’ beeld. En Kous? Reeds lang begraven voorafgegaan door een intens angstig doodgaan. God kent zijn pappenheimers en straft onmiddellijk danwel op de kortere/langere termijn…


5 reacties

Ma3anne · 7 december 2010 op 08:44

Bouwjaar, het leest gewoon niet lekker, al die haakjes, tussen-tutteltjes-dingen en punt-komma’s waar gewoon punten kunnen staan. En dan heb ik het nog niet over de slashes, waar ik ook nog eens geacht word te mogen kiezen.

Weet je, ik ben gewoon bekaf na het lezen van dit verhaal.

Laat de volgende keer nou eens al die overbodigheden weg. Ik ben zo benieuwd wat er dan overblijft.

arta · 7 december 2010 op 13:24

Ik ben het eens met Ma3, heb het ook onder eerdere stukjes van jou al geschreven. Teveel vaart, teveel steno-zinnen en een overdosis leestekens leest niet lekker, maar ik las dat jij dit jouw eigen stijl vindt en er dus niets mee gaat doen waarschijnlijk… In dat geval heb ik ook deze reactie voor niets getypt…

Anti · 7 december 2010 op 17:40

Ik vind het jammer dat je rommelig blijkbaar een onmisbaar onderdeel van je schrijfstijl vindt. Het zou echt een heel goed verhaal kunnen zijn namelijk.

Schorpioen · 8 december 2010 op 00:02

Ik vind het de meest leesbare van je in tijden. Vooral het feit dat je je tot één onderwerp beperkt hebt, is hieraan debet, denk ik.

Mien · 9 december 2010 op 08:10

Eens met voorgaand commentaar.
Dringend advies aan 54 bouwjaren.
Kleed je column een keer uit en trek hem een frisse pyama aan voordat je hem in zend.

Mien les(s) is more

p.s.
Neem adviezen van (kritische) lezers die de moeite nemen om te reageren op jouw columns ter harte voordat je de kous op de kop krijgt.

Geef een antwoord