Dinsdag

Maandagochtend, herfst en opgebroken wegen hier, verslapen bovendien. Met lichte hoofdpijn las ik de wekker die een uur later aangaf dan de sinds kort heersende wintertijd. De wekker, een digitale, tikt niet meer maar geeft licht. Ieder moment van de nacht zie ik in het donker hoe laat het is. Dat is handig. Bij iedere blik moet ik er het komende half jaar een uur afdenken. De gebruiksaanwijzing is zoek.

Het gaat beter

Ik had van haar gehoord maar persoonlijk kende ik haar niet. Daarom sloot ik aan in de rij van mensen die in afwachting waren van de mogelijkheid om zich aan haar voor te stellen. Ik schudde haar de hand en vertelde wie ik was. Ik had mij voorbereid op iets van een kennismakingsgesprekje. Het kwam er niet van. Ze keek me aan, trok haar gestifte mondhoeken op, knikte even en richtte haar blik vervolgens vol verwachting op de mensen achter mij. Geen woord sprak ze.

Groen met witte stippen

Een jurkje was het. Iets van groen met blote armen. Zomers dacht ik. Dat was geen bijzondere gedachte. De zon scheen en het was vijfentwintig graden. Zomers warm. Aangenaam warm. Ik had haar al een tijdje in beeld. Het groene jurkje. Ze was mijn oriëntatiepunt aan de fietspadhorizon. Op afstand. Was het honderd meter? Het zou kunnen. Iets meer of iets minder was ook mogelijk. Ze was er in ieder geval. Bij het grijze fietspad, de blauwe hemel en witte stapelwolken kleurde ze goed met haar groen. Een vrouw was het, dat wist ik zeker. Volwassen vrouw waarschijnlijk. Ik had er goed tempo in maar naderde haar slechts langzaam.

Vader in de hemel

Wij bewogen ons ondertussen gemakkelijk in deze omgeving. De ziekenhuiskamer was een beetje van ons. Een eenpersoonskamer. Bekende kaarten aan het prikbord, onze bloemen voor het raam. Vertrouwde setting. Beetje thuis. Verpleegsters waren op gezette tijden belangstellend; brachten thee en koffie en waren verder op afroep beschikbaar.

Deskundigendag

Het was in een zaal. Vijfentwintig à dertig man. In het midden van het land. Allemaal deskundigen. Op uitnodiging aanwezig. Deskundigheid uitwisselen. Ik was er ook. Met mijn deskundigheid. Geen wereldprobleemoplossende deskundigheid overigens. Een beetje deskundigheid ergens in de marge. Ik zat naast een man met blauwe broek en een gebreide trui met verschillende kleurtjes.