De laatste tijd dacht Chris vaak aan Karen Carpenter. Ze zit dan aan een tafeltje en denkt aan alle huizen met witte hekken die aan haar voorbij zijn gegaan en alle leuke jongens die verdwenen achter die hekken met hun nieuwbakken echtgenotes, die hen met hun lange, roze gelakte nagels naar binnen hadden getrokken. Maar er is altijd zo’n glimlach die deprimerende buien wegwuift en dan gaat er een telefoon of Karen valt in slaap. Wanneer ze in slaap valt dan valt haar mond open en haar adem stinkt. Het is de geur van haar maag en ingewanden; het ruikt eigenlijk naar stront en zuur. Boven haar lippen en op haar wangen groeien donshaartjes en toen ze die een probeerde weg te scheren had ze een stukje huid meegenomen. De volgende ochtend was ze toen thuisgebleven en zegde een optreden af. Het had allemaal iets oneerlijks.

En ook nu, op een zaterdagmiddag zo triviaal als deze, de mensen die terugkomen van het rondlopen door de stad, terwijl Johan eten aan het maken is, dacht Chris aan haar en ondertussen speelde hij de eerste paar noten van ‘Close to You’. Dat nummer was overal een grote hit geweest, behalve in Nederland, waar het maar twee weken in de top veertig stond en niet verder kwam dan nummer 33. Misschien dat het anders was geweest als Marco Borsato het had gezongen in 1995 of misschien is een goed nummer nog geen hitgarantie.

‘Close to You’ was het enige wat hij op de piano kon spelen en Chris had de juiste toesten zelf gevonden, net als bij de eerste noten van S.O.S. van ABBA. De piano was eigenlijk van Johan die een opleiding als pianostemmer volgde, maar soms ging hij er ook achter zitten om vervolgens een soort ambient gepingel te produceren.

“Hoe lang zijn jullie nu al bij elkaar?”, had Rob gevraagd toen ze met z’n allen wat aan het drinken waren in Ghetto. Maar nog voor Chris kon antwoorden had Johan al geantwoord en Chris lachte mee. Zij waren het enige stel dat al zo lang bij elkaar was. Iedereen in de groep had het al eens met elkaar gedaan of deed dat nog steeds of haalde ergens anders hun genot. Dirk deed het met jonge jongens, terwijl Joachim graag in een sling hing. Daar moesten ze soms om lachen, maar er werd niet echt over gepraat. Niemand van hen had of wilde een relatie. Te moeilijk werd er dan gezegd. Teveel tijd. Maar als er uitgehuild moest worden dan gebeurde dat bij Chris en Johan thuis. Chris had hun gezichten in de loop der jaren oud zien worden; de rimpels waren scherper geworden en de wangen begonnen te hangen. Een aantal van hen waren kaal geworden. Broederlijk hadden ze die avond op Chris en Johan getoost.

Hoe lang waren ze nu bij elkaar? Twintig, eenentwintig jaar? Toch kenden ze elkaar langer, hoewel het zeker een jaar of vijf duurde voordat ze gingen samenwonen. Sindsdien waren ze helemaal onafscheidelijk. Soms droegen ze elkaars ondergoed als ze zo gauw niets in de vroege ochtend konden vinden. Ze mochten dan wel niet elkaars zinnen afmaken, maar ze wisten heus wel wat er uit de ander zijn mond zou komen, want elkaar laten uitpraten was zo’n principe geweest waar ze nooit van waren afgeweken. Bang om elkaar te verliezen waren ze nog nooit vreemd geweest. Wel werd er veel porno gekeken; Chris was niet altijd gecharmeerd van Johan’s keus, maar het kon ermee door. Ze gaven elkaar naar de jaren verstreken meer schouderklopjes dan kussen en de seks was niet meer zo gepassioneerd maar wel altijd prettig.

Wanneer je aan iets begint, zei Karen Carpenter in zijn gedachten, dan is de wereld nog vol mogelijkheden, maar op een dag kun je alleen nog maar naar achter kijken en alleen die ene weg zien die je hebt bewandeld zodat je niet meer terug kunt om al het andere uit te proberen. Aan het einde van die levenswijsheid verscheen er altijd een brede glimlach. Haar tanden waren spierwit en het leek alsof ze Chris wilde opeten. Daarom sloeg hij nog maar eens ‘Close to You’ aan.

Johan kwam de keuken uitlopen. Eigenlijk was hij nooit heel erg veranderd. Hij had nog steeds dezelfde rechthoekige kop. Er verschenen wel steeds meer en meer grijze haren, hoewel dat hem eigenlijk heel goed stond. Hij boog zich over Chris heen en legde zijn kin op Chris’ hoofd. “Ben je nou alweer The Carpenters aan het spelen? Waarom probeer je het niet eens af te maken? Ik kan het je wel leren hoor.” “Nee, ik hoef het niet te leren spelen, ik zie wel wat er komt.” “Ok, kom je zo dan? Het eten is bijna klaar.” En Johan gaf hem een zoen op zijn haar en vetrok weer naar de keuken.

In het begin hadden Johan’s opmerkingen Chris geergerd. Elke keer als hij speelde zei Johan vol verassing: “Bedenk je dat nou zelf?” of “Oh, is dat Satie?”. Maar Chris sloeg alleen wat noten aan, zonder te weten wat hij nu eigenlijk deed. Later hield Johan ermee op en liet hem zijn gang gaan. Chris zag hoe hij in de keuken twee kaarsen aandeed en hoorde later de kurk van een fles ploppen. Nee, besefte Chris zich weer eens, als deze relatie moet worden verbroken dan niet nu. Dat zou zo oneerlijk zijn.


1 reactie

arta · 11 oktober 2009 op 10:13

Een bijzonder stuk.
Wat compacter had het waarschijnlijk beter uit de verf gekomen, maar de gedachte er achter vind ik mooi!

Geef een antwoord