Vader was geen man meer van veel woorden, die tijd had hij allang achter zich gelaten. Eigenlijk had hij deze ziekenhuisopname, nu precies een week geleden, direct aangepakt om te bereiken waar hij al jaren naar uitkeek, de hereniging met zijn vrouw. Vanaf het moment van binnenkomst ging hij er zelf al van uit dat hij zijn vertrouwde huis niet meer terug zou zien. Hij had naar dit moment toegeleefd en was op geen enkele manier meer bang voor de dood. Alle kinderen hadden zich rond zijn bed verzameld. Hij was ontzettend blij dat hij zelf nog in staat was geweest om met de specialisten te kunnen praten. Hij heeft hen er zelf van kunnen overtuigen dat het goed was om op deze waardige manier afscheid van ons te nemen

Zoals vele ouderen sprak vader over de mooie en minder mooie momenten uit zijn leven: het opgroeien in een gezin met 14 kinderen, de oorlog, hun huwelijk kort na deze moeilijke periode en de kinderen en kleinkinderen. Ook zijn vele hobby’s waar hij zich vroeger voor meer dan honderd procent voor wist in te zetten in de spaarzame uren die hij daar voor overhield besprak hij uitvoerig.
Het veel te vroeg overlijden van moeder en het kort daarna doormaken van een afschuwelijke vorm van tongkanker, hebben zijn leven mede getekend.
Vele jaren heeft hij nog bij ons mogen zijn en heeft hij zijn geestelijke en lichamelijke littekens moedig gedragen. Praten, eten en proeven waren moeilijk gebleven en brachten hem in een geïsoleerde positie. Thuis, in zijn eigen vertrouwde omgeving, ging alles tot nu toe nog het beste.

Nu straalde hij een intense blijdschap uit en een totale innerlijke rust. Hij was zelfs op dit moment nog in staat om dit gevoel op ons over te brengen.
Geheel onverwacht begon hij het eerste couplet van een gedicht voor te dragen.

Mijn lieve kleine kinders, schrikt tog niet,
Wanneer gij dode menschen ziet;
Zoudt gij voor de lijken beven?
Kom hier: deze bleke koude man,
Die voelen, zien, noch hooren kan,
Houdt nu niet op te leven.

Vol trots begon hij aan het tweede couplet en droeg uit zijn hoofd de rest van het gedicht voor. Uiteindelijk herinnerde hij zich alle zes de coupletten van dit Oudnederlandse gedicht.
“Het is in de achttiende eeuw geschreven door Hieronymus van Alphen met de treffende titel: ‘Het lijk’. Zoek het maar op.”, vertelde vader.
Zowel ik, als mijn zus en drie broers stonden perplex. We wisten dat hij veelzijdig was maar dit had geen van ons ooit van vader gehoord. Zelfs nu, in zijn tachtigste levensjaar, zo kort voor zijn dood, deed hij ons opnieuw versteld staan van zijn kunnen. Er kwam een onwerkelijke stilte over ons.

Na verloop van tijd begon de behandeling zijn doel te bereiken. Zonder enige vorm van angst zakte vader langzaam maar zeker weg in een diepe ongekende rust. Met een glimlach rond zijn mond ging hij van ons heen.


20 reacties

Avatar

KingArthur · 5 september 2005 op 17:12

Over hoe de dood ook mooi kan zijn. Mooi neergezet.

Avatar

Trukie · 5 september 2005 op 17:29

Sterke mensen die zelf de grens bepalen van leiden en lijden.
Heel mooi geschreven. Zo is het onderwerp ineens veel minder geladen.

Avatar

Outsider · 5 september 2005 op 17:42

Bert, jongen, je overtreft jezelf. Naar mijn smaak absoluut je mooiste column.

Avatar

Geertje · 5 september 2005 op 18:56

Mooi beschreven om zo afscheid te kunnen nemen.

Avatar

Wright · 5 september 2005 op 19:45

Mooie hommage aan je vader, Bert!.
Liefdevol en integer geschreven.

Avatar

Ma3anne · 5 september 2005 op 21:43

Indrukwekkend verhaal en mooi sober geschreven.

Avatar

champagne · 5 september 2005 op 23:15

Hoe iemand tot op het laatst toe verrassingen in petto heeft, zo’n gedicht citeren…prachtig.
Mooi verwoord, Bert…

Avatar

Troy · 6 september 2005 op 05:13

Met zo’n titel nodig je mij als lezer in ieder geval al direct uit. En dat na “het suicidale badeendje”. Een mooi eerbetoon aan je vader. Verbazingwekkend hoe iemand die je door en door denkt te kennen je zelfs op de laatste dag van zijn leven nog kan verassen.

Troy

Avatar

klungel · 6 september 2005 op 08:25

Slik.
Stilte.
Nog eens slik.
En verder niets…

Avatar

Louise · 6 september 2005 op 12:15

Wat ongelooflijk jammer dat je vader dit stukje niet meer heeft kunnen lezen…

Avatar

WritersBlocq · 6 september 2005 op 16:18

Integer en mooi geschreven Bert.
@ Louise: [quote]Wat ongelooflijk jammer dat je vader dit stukje niet meer heeft kunnen lezen…[/quote] Wie weet? Als de sterren in de hemel de ogen van hen die niet meer onder ons zijn, kunnen zij ons – en onze schrijfsels – lezen zoals wij hen…….

Avatar

Mosje · 6 september 2005 op 17:10

Mooi als je zo afscheid kunt nemen.

(Als de sterren in de hemel de tranen zijn van God, dan heeft hij wel erg moeten huilen. (geheel vrij naar WB))

Avatar

sally · 6 september 2005 op 20:09

Mooi Bert.

groet
Sally

Avatar

prikkels · 6 september 2005 op 21:32

Ontroerende en prachtige column. Mooi ook om te lezen dat je vader op waardige wijze afscheid van het leven heeft willen én kunnen nemen.

Avatar

Li · 6 september 2005 op 22:12

De tranen staan in mijn ogen Bert. Het is zo mooi en liefdevol geschreven. En wat een fantastische manier van afscheid nemen. Dat had ik ook wel gewild. Mijn vader stierf zo plotseling.

Li

Avatar

KawaSutra · 7 september 2005 op 00:07

Mooi geschreven Bert.

Avatar

Dees · 7 september 2005 op 17:54

Hieronymus van Alphen, calvinistischer kan eigenlijk niet. En dan moed en troost uit juist een van zijn gedichten. Het is een prachtige column Bert, liefdevol en toch met een afstand, sober bijna, waardoor het juist meer binnenkomt.

Avatar

bert · 7 september 2005 op 18:36

Ontzettend bedankt voor al deze mooie en fijne reacties op mijn column. Jullie mogen best weten dat ik daar nu ontzettend van onder de indruk ben.
Wat is het toch fijn om bij de site van Column X te zijn.

Avatar

WritersBlocq · 8 maart 2006 op 23:19

Ik heb hem weer gelezen Bert, en je weet waarom.
En weer zit ik met kippenvel op mijn hele lijf. Een warme laptop op mijn schoot; daaronder is het koud. Van binnen. Prachtig als je woorden gebruikt als een drumstel, dat oorverdovend zachtjes binnendreunt……

Avatar

bert · 9 maart 2006 op 10:43

Ook ik heb naar aanleiding van onze PB wisseling over jouw column “Pappa” deze column van mezelf weer eens gelezen.
Soms kun je zelf niet altijd snappen dat je op een bepaald moment in staat bent om bepaalde herinneringen zo mooi te beschrijven.

Bedankt Pauline dat je nogmaals zo’n mooie reactie hebt geplaatst.

Geef een antwoord