Dennendood
Midden in de nacht schrik ik wakker van mijn eigen gesmoorde geluiden. Net wakker dus niet al te helder, kan in het donker weinig onderscheiden. Ik kreun, haal gierend adem en voel iets bij mijn hals. Iemand houdt mij in een wurggreep!
Midden in de nacht schrik ik wakker van mijn eigen gesmoorde geluiden. Net wakker dus niet al te helder, kan in het donker weinig onderscheiden. Ik kreun, haal gierend adem en voel iets bij mijn hals. Iemand houdt mij in een wurggreep!
De mevrouw staart naar dozen wastabletten. Ik wil passeren. Ze ziet mij naderen. Razendsnel schuift ze haar rollator voor mijn voeten het gangpad in. Een smalle doorgang tussen rekken diepvriesproducten vlakbij de kassa en ze schiet niet op. Dat heb ik weer. Tektonische platen gaan nog sneller.
Een dreun alsof een stormram tegen de voordeur klapt. Ik vlieg tegen het plafond. Laura vliegt naar de deur. Wat een rumoerige buren hebben wij toch.
Gaf ik kort geleden voor een man of honderd een fotopresentatie, vandaag bezoek ik de schrijfdag. Een schrijfmarkt vol gretige uitgevers en spannende workshops. Hield ik mijn activiteiten tot voor kort liever stil, een lijvig met kleurenfoto’s geïllustreerd artikel verscheen vorige week in ons personeelsblad. Wat gebeurt er allemaal. Het is alsof ik vanuit de schaduw in het licht stap. Is dit soms mijn coming out?