Altijd lachen met Frans Bauer!

“Heb je even voor mij?” vroeg de directeur van de TROS aan de altijd goedlachse Frans Bauer. Dat is een grappig begin van deze column hè? Ja, ja, altijd lachen met mij. Maar helaas ben ik láng zo leuk niet als Frans Bauer. Die is pas grappig joh! En dat wist de directeur van de TROS ook. Daarom had hij de volgende vraag voor Frans: “Jij bent een man vol grappen en grollen. Zou je voor ons het programma ‘Banana Split’ willen gaan presenteren? We willen dit concept weer nieuw leven inblazen, en jij bent onze man!” Nou, daar had Frans wel oren naar!

Waar is ‘en’ geblevah?

De jonge leraar Nederlands staat te trappelen voor het bord om zijn eerste taallesje te geven aan twintig brugpiepers. “Werkwoorden, jongens en meisjes!” roept hij enthousiast. “Heel makkelijk: regelmatige werkwoorden zijn de doe-woorden die op ‘en’ eindigen! Wie kan daar een voorbeeld van noemen?” Hij kijkt met twinkelende ogen de klas rond, met zijn schoolbordkrijtje popelend in de aanslag om de rijen woordjes die nu ongetwijfeld opgedreund gaan worden op te schrijven. Hij wil het de kinderen niet al te moeilijk maken, deze eerste les.

“Lekker gepest op je werk, schat?”

Toen ik vandaag de krant opensloeg en las over ‘pestgedrag op de werkvloer’ zaten mijn wenkbrauwen zo ongeveer op mijn haargrens. Ongelooflijk! Ik las over een bouwvakker die op zekere dag zijn gereedschapskist openmaakte en zag dat al zijn gereedschap aan elkaar was gekit!
Over een kantoorjuffrouw, die een uitnodiging kreeg voor een belangrijke meeting, maar op haar uitnodiging stond met opzet een verkeerd kamernummer, zodat ze na lang zoeken te laat op de meeting verscheen.

Michael van der Vlis is in de war

Een rasechte Amsterdammer en trots op zijn stad. Dat is Michael van der Vlis. Van oorsprong komt hij uit de Pijp, maar zijn bijnaam is niet “Pijporgel,” maar “Drankorgel.” Grappig. Een bijna-bejaarde die bepaald niet stil zit. Waarom zou hij ook? Die geraniums kunnen altijd nog, over een paar jaar. Als hij echt helemaal in de war is. Bovendien heeft hij ook nog best iets te bieden als oud-wethouder die onder andere vervoer en verkeer in zijn portefeuille had.

Brief aan de tasjesdief

Ben je blij, met alle spullen die je aantrof in mijn handtas? Fijn hè, dat ik net 250 euro had gepind. Dat maakte het echt wel de moeite waard, die tas van mij! Een goede buit, zo noemt jouw soort dat toch? Of is dat alweer een verouderde term? Trouwens, wat kan jou het schelen. Toch leuk meegenomen, zo’n zakcentje! Dat ik daar keihard voor heb moeten werken is tenslotte niet jouw zorg.