Breedbekteevee

‘Mijn god, wat een dikke speknek heeft die man. Oh, ja, en van opzij een lang achterhoofd!’
‘Moet je Marion de Hond zien, wat is ze vreselijk dik in die gestreepte trui. Zou ze weer zwanger zijn?’
‘Alle mannen zijn sinds vandaag bodybuilders geworden, toch wel een beetje verdacht, hè, lief?’
‘Kijk, die afgeplatte wereldbol dan, ons hele wereldbeeld is vervormd’.
We zuchten verbijsterd. Al zeggen we het niet hardop, we denken vast hetzelfde. Ons oude teeveetje, iets groter dan een puntenslijper is gisteren weggedragen. Afgedankt. Alleen maar, echt alleen maar, omdat hij tijdens het journaal, elke avond, om precies tien over acht, driemaal achter elkaar op zwart sprong, naar het videokanaal.

Stenen binnentuin

Een kaal bakstenen gebouw in een woestijn van bouwzand. Op de achtergrond een treinbaan. Het zou het decor kunnen zijn van een horrorfilm. Op de grote parkeerplaats staan wat verdwaalde auto’s, alsof ze er al jaren staan. Verlaten door de eigenaars die opgesloten zitten in die kubus met ramen. Ik aarzel waar ik zal parkeren. Dat heb je juist als er zoveel plaats is. Mijn vriendinnen en ik stappen langzaam uit. Met zijn vieren passeren we de geluidloze sluis van glas die ons binnen laat.

Ach, die arme bankiersvrouwen!

Wat kun je toch meelij hebben met zwaar geteisterde mensen. In de Volkskrant lees ik een indringend stukje uit de [i]New York Times[/i], over bankiersvrouwen die ernstig lijden onder de economische crisis. Vandaar dat ze de strakgetrokken hoofden bij elkaar hebben gestoken om het gezamenlijke, nauwelijks te dragen leed, met elkaar te delen. De geliposucteerde buiken doen er helemaal pijn van. Och arme, och arme. Hoe moet hun leven verder?

Colombia (slot)

De vele gasten in het kleine kamertje gepropt tot hoog op de trap, worden voorzien van rum uit een soort melkpakken. Als de weinige glazen op zijn, wordt de drank in koffiekopjes rondgedeeld. De stemming is verwachtingsvol en lacherig. De bruid en bruidegom van morgen lijken het niet op te merken dat er iets speciaals in de lucht hangt. Ze zijn druk met hun mobieltje in de weer. De gehuurde jurk moet nog op tijd uit de stomerij worden gehaald en de fotograaf is ziek. Dan waait een windvlaag binnen.

Colombia (2)

Op mijn eerste Zuid-Amerikaanse ochtend schijnt er een dunne zon door het hotelglas naar binnen. In de enorme hal lopen drie geüniformeerde bewakers. Voor de ingang nog twee met een hond. Ze zien er vriendelijk uit. Als je die bewaking wegdenkt, zou dit een gegoede buitenwijk van Parijs kunnen zijn, stel ik teleurgesteld vast. Maar ik ben in Bogotá, hoog in de Andes en overmorgen is de bruiloft waarvoor ik ben gekomen. We worden al gauw met de gele taxi van gisteravond opgehaald door de bijna bruidegom en een broer van de bruid, Maurizio, die ons trouw overal zal heen zal rijden, deze week.