Het zal een toestand geweest zijn; in huize Smeets, zo’n 80 jaar geleden. Mevrouw Smeets die twee dagen non stop lag te puffen en persen. En eindelijk, daar was ie dan. Een onvervalste twaalf-ponder. Die het meteen op een krijsen zette. Dat krijsen is sindsdien alleen maar erger geworden en van lieverlee overgegaan in oeverloos kakelen en raaskallen. En die homp van twaalf pond, die is alleen maar verder gegroeid. Eerst in de hoogte – een toekomst als basketballer lag toen binnen de mogelijkheden. Maar toen hij daarna ook in de breedte begon uit te dijen was dit geen haalbare kaart meer. Het enige wat eigenlijk niet verder is ontwikkeld aan Mart Smeets is zijn herseninhoud. En ja, wat moet je dan in dit leven? Gelukkig biedt ons land tal van perspectieven. Je kunt bijvoorbeeld in de politiek gaan. Of een carrière in de showbizz – soaps had je toen nog niet – beginnen. Smeets heeft gekozen voor een loopbaan in de sportjournalistiek. Maar dan wel in een omgeving waar zijn beperkte mentale capaciteiten niet zo zouden opvallen. In eerste instantie is hij daarom voetbalwedstrijden gaan verslaan. Maar toen ingewikkelde tactische concepten hun intrede deden in het eens zo simpele kick & rush spelletje en er ook nog eens voetballers verschenen die hun lagere school succesvol hadden doorlopen heeft Smeets afscheid genomen van het voetbal. Of het voetbal van Smeets.

Wielrennen. Dat werd zijn volgende aandachtsgebied. Wielrennen, het domein van eenvoudige boerenzoons met beperkte verstandelijke vermogens, die ook nog eens zoveel bloed door hun kuiten en dijen pompen dat er voor het hoofd niet zoveel meer overblijft. Hij werd nog wel voor even gekoppeld aan een secondant, de sympathieke sigaarrokende bourgondiër Jean Nelissen, die – ik wil dat graag benadrukken – geen alcoholist is. Een geheelonthouder, dat is ie. Hij onthoudt in ieder geval, tot in de kleinste Franse krochten en gehuchten, alle etablissementen waar vloeibare versnaperingen met een minimum alcoholpercentage van 5 worden geschonken. Het was een bonte combi, Mart en Jean. Mart met zijn platitudes: “Besef je wel dat het hele Nederlandse volk de afgelopen zes uren non stop naar jouw achterwerk heeft zitten kijken”, of “Hoe voelt dat nu, om 4.000 kilometer op zo’n fiets met twee wielen, een stuur en een zadel te rijden”. En Jean die een en ander lardeerde met zijn feitenkennis.

Een dialoog: “Tjongejongejonge, de flanken van deze col zijn al twee dagen volledig oranje gekleurd, kun jij nog iets vertellen over deze berg, Jean?”.
“Jazeker Mart, in 1906 heeft de familie Rocheteau een kroegje geopend om hun zelfgestookte eau de vie aan de man te brengen, het was op 300 meter van de top, in de Rue de Bourré, nummer 2a. Zo’n 35 jaar later zaten er liefst negen kroegjes in dit smalle straatje. Naar verluidt heeft in die tijd ene Kurt Ulrich – inderdaad, de grootvader van “der Jan” – zich hier tijdens de bezetting een delirium gezopen. Vandaar dat nog nooit een Duitser op deze berg iets van betekenis heeft kunnen laten zien.”
Toen, ondanks de vele drankjes die geheelonthouder Jean tot zich heeft genomen, zijn hersencapaciteit maar niet ineen wilde krimpen tot die van Mart, is Jean de laan uitgestuurd. Inmiddels wordt Smeets in het zadel gehouden – om maar even in jargon te blijven – door diverse secondanten.

Ook met schaatsen – voor de niet-ingewijden “hardrijden op de schaats”- heeft Smeets een omgeving gevonden waarin hij zich mentaal goed staande kan houden. Ik bedoel, een sport waarin mensen rondjes schaatsen – tot wel 25 toe – en zich door meerdere coaches moeten laten informeren over hoeveel rondjes ze al hebben afgelegd en hoeveel ze nog moeten, ja daar voelt hij zich op zijn plaats.

Hij heeft ook de laatste elfstedentocht verslagen. Het gerucht gaat dat ze, speciaal voor Smeets, hebben geprobeerd er een tienstedentocht van te maken, want ja, een mens heeft immers maar tien vingers en hij zou de tel maar eens kwijt kunnen raken. Toen dit niet was gelukt, is het concept van de elfde vinger voor Smeets bedacht. Met alle gevolgen van dien.

Toen ik enkele weken geleden het bericht las, dat er op de redactie van Studio Sport sprake was van seksuele initimidaties was het mij wel duidelijk wat er aan de hand was: Smeets is weer aan het expirimenteren geweest, met zijn elfde vinger. Waarschijnlijk als voorbereiding op een nieuwe elfstedentocht. Die tocht is er niet gekomen. Gelukkig maar. Die tocht komt er al 13 jaar niet. Wat dat betreft zijn de weergoden ons goed gezind. Ze hebben het met ons te doen. 18 uur non stop naar het geraaskal van deze man moeten luisteren, neen, dat kun je een natie niet aandoen.

Maar ja, die Olympische Spelen, hè. Die komen iedere vier jaar, weer of geen weer. Daar kunnen zelfs de weergoden niets aan doen. Alhoewel, voor het eerst sinds mensenheugenis ligt er geen sneeuw op de skipiste van Cypress Mountain. Kennelijk is het nog niet tot het godenverblijf op Mount Olympus doorgedrongen dat het schaatsen sinds een jaar of wat in tochtige sfeerloze ijshallen plaatsvindt, en daarmee onafhankelijk is van het weer.

En dus zitten u en ik de komende twee weken opgescheept met Mart Smeets. Wat nu te doen? Allereerst raad ik u aan om als u de mogelijkheid heeft, het schaatsen niet via de NOS te volgen, maar bijvoorbeeld via Eurosport. U loopt dan wel het risico te worden geconfronteerd te worden met verslaggever Ben van den Burg, een ex-schaatser, afkomstig uit het Westland met een herseninhoud zo groot als de tomaten die hij kweekt. Maar dit is altijd nog groter dan die van een spruitje (er zijn ook ex-schaatsers die spruitjes telen) of die van Smeets.

Mocht dit niet lukken, vermijdt dan in ieder geval alle voor- en nabeschouwingen en zet het geluid tijdens de wedstrijden voor de zekerheid uit. Dweilpauzes dienen te allen tijde te worden geskipt, die zijn het ergst. Stel voor de zekerheid een eierwekkertje in om te voorkomen dat u te vroeg weer terugzapt en midden in de dweilpauze, die niet voor niets “dweil”-pauze wordt genoemd, terecht komt. Mocht u ondanks deze handzame raadgevingen toch geconfronteerd worden met de uitgestreken tronie van de man met bijbehorend geblaat, dan is het wellicht een schrale troost om te weten dat met u een aantal miljoen Nederlanders hetzelfde lot ondergaat. Een nationaal Olympisch trauma derhalve.

Tenslotte, begrijp me goed. Het probleem is niet zo zeer Smeets’ domheid. Het gaat meer om de maniertjes waar hij zich van bedient om die domheid te camoufleren. Dominant gedrag, arrogantie en gezochte quasi-populaire uitspraken zijn dermate storend dat ze een heerlijk avondje sport op de buis voor menige fan danig kunnen versjteren.


Chris

Chris den Daas

12 reacties

LouisP · 17 februari 2010 op 09:25

Chris,
‘k heb ’t met plezier gelezen en gelachen. Van die 10steden en elfde vinger en zo. Grappig. Absoluut.
Ik ben bijna met Mart ‘opgegroeid’ en hij heeft me vele jaren mooie sportmomenten met deskundig commentaar laten zien. Dat hij nu wat ouder wordt, neem ik er bij.
Ik vind je stuk in ieder geval goed geschreven..

Louis

trawant · 17 februari 2010 op 10:41

Oh wat een heerlijkheid dit loflied op Mart Smeets!
Mart, uitsmijter van de seniorensoos, wiens ijdelheid met elk nieuw pochetje nóg weerzinwekkender vormen weet aan te nemen.
Mart, gehuld in een kwalbert met stuitend Beiers kraagje of in een nog fouter Ollie BB jasje.
Mart uithangbord van de übermacho club.
Mart die ‘Dames en heren’ zegt op de toon van ‘Beste kleuters’.
Mart van wie ik zeker weet dat hij Ria Visser en Dione de Graaf ‘mutsen’ noemt als het camera lichtje gedoofd is.
Mart die maar twee houdingen kent; ergerlijk dominant of genant kruiperig.
Mart voor wiens ego zelfs de Olympic Oval niet groot genoeg is.

Prachtig stukje Chris, ietsje ingedikt hier en daar was het perfect geweest :hammer:

Jean, die zelfs over de klokketoren van Mon Chou nog leuke anecdotes had,verdient eigenlijk ook een stukje, niet? ‘Geheelonthouder’ vind ik mbt to hem een vóndst.

SIMBA · 17 februari 2010 op 10:55

Geweldig!!! :duimop:

Ontwikkeling · 17 februari 2010 op 15:37

Erg leuk!
Hilversumse sportverslagers horen vanaf hun 55e al in de AOW, opdat ze nimmer sportmensen met hun eigen dromen stalken. Dat geldt wat mij betreft ook voor Ria. Die had gewoon moeten blijven schaatsen, en dan ergens bij Barthlehiem terug linksaf, omhoog naar Grongingen of Scheemda. Alsmaar dóórschaatsen en niet meer terug.

Chucky · 17 februari 2010 op 18:38

Goed geschreven stuk waarbij me echter toch wel iets van het hart moet: wat heeft de schrijver eigenlijk zelf bereikt in zijn leven?

Ingrid · 17 februari 2010 op 19:16

Geweldig! Mart heeft dezelfde capaciteiten als de dweilmachines die daar over het ijs zwieren, niet dus.
Gelukkig voor hem zit Ria weer naast hem, dus die elfde vinger komt ook deze keer niets te kort.

Emiliever · 17 februari 2010 op 20:23

Supergrappig, deze column. Ik begrijp alleen echt niet waarom zoveel mensen een hekel aan Mart Smeets hebben. Het lijkt me wel een aardige man. Beetje oubollig soms, maar dat vind ik wel charme hebben!

Ingrid · 17 februari 2010 op 22:13

[quote]Het lijkt me wel een aardige man.[/quote]

Ik ben bang dat ik slecht nieuws voor je heb. Het is geen aardige man en hij heeft al helemaal geen gevoel voor humor.

Chris · 18 februari 2010 op 10:09

Allen bedankt dat jullie de moeite hebben genomen om zulke positieve woorden aan mijn stukje te wijden. En dat ondanks een aantal knoeperts van fouten die ik – achteraf – nog in mijn tekst terug heb gelezen. Lastig hoor, jij eigen stukje tig keer redigeren, het dan verzenden en het daarna weer lezen en er dan nog steeds fouten in aantreffen. Hoe kun je dat nu goed doen???

DACS1973 · 18 februari 2010 op 11:08

Bij mij werkt het goed als ik de tekst afdruk en van papier lees. Dan haal ik er zo een paar dingen uit. Of, wanneer je de tekst op het scherm controleert, de marges verbreden of versmallen. Dan breken regels anders af en komen woorden op een andere plek, waardoor je ogen niet zo snel over de tekst vliegen omdat ze moeten wennen aan de nieuwe opbouw.

doemaar88 · 18 februari 2010 op 21:00

[quote]Mevrouw Smeets die twee dagen non stop lag te puffen en persen. En eindelijk, daar was ie dan. Een onvervalste twaalf-ponder. [/quote]
😆

Hoewel de lengte van dit stuk mij eerst enigsinds heeft afgeschrokken, heb ik toch doorgezet. En raad eens: ik ben blij toe 😀

Mien · 19 februari 2010 op 10:50

Topcolumn Chris.
Bijna heel Nederland lijdt zo langzamerhand aan Smeets-moeheid.
Ik zou hem graag nog eens als commentator zien bij het Curling.
Daar kan ie binnen zijn grenzen van dementie nog een aardige draai geven aan de populariteit van hemzelf en van deze jonge olympische sport.
Hopelijk verdwijnt dit studiosportfossiel snel van de buis.
Zijn columns kunnen de tand des tijds voorlopig nog wel doorstaan.

Mien (met smeetsvrees)

Geef een antwoord