Haar telefoon gaat drie keer over, dan neemt Jan al op.
‘Jan.’
‘Jan! Met Eline.’ Stilte. ‘Van de Ardennen.’
Het is nog steeds stil aan de andere kant van de lijn. Eline realiseert zich hoe dom het op hem moet overkomen dat ze zo ineens belt. ‘Sorry dat ik bel. Ik overval je nou natuurlijk, dat snap ik wel. Maar ik ben nu ook in Amsterdam en heb een ongeluk gehad. Of eigenlijk mijn vriendin. We gingen wandelen, ze is geschopt door een paard en nu ligt ze hier bewusteloos. En ik dacht, jij woont ook in Amsterdam. Kun je ons helpen? Ik weet niet eens waar we zijn.’

‘Eline luister’. Een zucht. Ergernis? Ongeduld? ‘Ik ben op mijn werk. Ik kan je niet helpen. Ik moet ophangen.’
Zijn stem is koud en zakelijk. Dan hoort ze een klik en is het gesprek beëindigd. Meteen daarop gaat haar telefoon over. Het is 1-1-2. Eline neemt het gesprek aan. Dezelfde vrouw als zo straks vertelt haar dat ze vermoeden dat ze in ’t Twiske zijn. Dat klopt, nu herinnert Eline zich die naam weer. De boswachter is al gebeld. Een open vlakte met één berk, dat was genoeg voor hem om ze te kunnen lokaliseren. Hij is onderweg, evenals een ambulance. Hoe gaat het ondertussen met haar vriendin? Is er iets veranderd? Ze moet vooral volhouden. Nadat ze Eline heeft laten beloven dat ze over een kwartier weer belt als er dan nog niemand is, hangt ze op. Eline houdt haar rechterhand met de mobiel aan haar oor, haar linkerhand wrijft onophoudelijk over de fleece trui van Suzanne. Zo vindt de boswachter haar, wanneer hij ze met zijn jeep treft. In zijn kielzog rijdt de ambulance met twee verplegers.

‘Als in een film.’ Zo zeggen mensen dat toch. Het is waar. De ambulancebroeders onderzoeken Suzanne terwijl de boswachter Eline ondervraagt over het voorval. Het is nog nooit eerder gebeurd. De pony’s hebben eten genoeg, maar helaas zijn er altijd mensen die ze voeren, waardoor ze brutaler worden. Ze zullen mensen nooit aanvallen. Maar ze kunnen wel jaloers op elkaar worden. Daar is Suzanne waarschijnlijk het slachtoffer van geworden. Eline hoort het aan, knikt, begrijpt het zelfs, maar slechts oppervlakkig. Ze is deze vrouw niet, ze kijkt naar haar. Ziet haar staan, praten met de boswachter. Ze ziet de vriendin die op een brancard wordt getild, met een brace om haar nek, de ogen dicht. Bloed in het haar. ‘Ik kan je niet helpen’ echoot het in haar binnenste.

Jan staart naar zijn mobiel. In zijn logboek bij ontvangen gesprekken staat een 06 nummer. Van Eline. Op zich verbaast het hem niet, dat ze hem belt. Hij had wel een mailtje of berichtje van haar verwacht. Al weet hij donders goed dat hij met vrouwen als Eline geduld moet hebben. Vooral niet te hard van stapel lopen, want dan kruipen ze in hun schulp. Hij was in de Ardennen al bang dat hij een stap te ver had gezet. Die ogen van haar toen hij het vroeg. Meteen die rode wangen.

Haar gevoeligheid boeit hem. Een mysterieuze vrouw. Hij kijkt op zijn laptop, waar hij een artikel in de Volkskrant over Eline open heeft staan. Er staat geen foto bij maar hij is er zeker van dat dit zijn Eline is. Ze is de maker van Brechtje, een stripverhaal over een klunzige, naïeve jonge vrouw die van de ene ramp in de andere valt. De naam is niet toevallig gelijk aan die van haar dochter, denkt hij. Maar voor het stripfiguurtje staat ze zelf model, zo vermoedt hij. Gelukkig heeft de website van de krant een digitaal archief van de gepubliceerde strips, zodat hij ze tot een jaar terug kan lezen. Hij heeft er snel een aantal gelezen. Ze zijn grappig, soms ontroerend, soms verrassend, maar altijd sprankelend. Fris. Net als Eline. Ze heeft iets jeugdigs, ondanks haar leeftijd, haar kinderen. Hij is te bot geweest. Maar ze overviel hem. En hoe. Hij belt haar later nog terug, dat komt wel goed. Dat ze zijn nummer heeft is een goed teken.

Wat zal zijn nieuwe foto zijn? Hij ziet zijn eendje aan de oever van een vijver, met een vishengel ernaast. Een vissend eendje. Bijt ze? Hij lacht in zichzelf. Nee, veel te doorzichtig. Ze weet vast dat hij het gele eendje is. Zou zij zichzelf al in het rode eendje hebben herkend? Haar rode haren, het ligt zo voor de hand. Toch weet hij uit ervaring hoe slecht mensen dit soort boodschappen van hem doorzien. Net als de titel van zijn website, nog nooit heeft een vrouw begrepen wat de dubbele betekenis van ‘pics’ is. Een spannend spel, dat is het. Het bedenken, opzetten, stap voor stap, afwachten hoe er gereageerd wordt. Het geeft een kick die verslavend werkt. Vandaag is hij jarig. Een mooi kadootje, dit telefoontje van Eline.
Een paar uur later heeft hij zijn digitale wereld op orde. Hij is speciaal in zijn nopjes met de nieuwe foto van Jan_pics. En dat hij heeft ontdekt dat Eline over vijf dagen jarig is. Een mooi vooruitzicht waar hij lekker op kan broeden. Hij heeft al wat ideeën, maar er is nog tijd genoeg.

’s Avonds is het feest in huize Jan. Alles is tiptop in orde, zijn vrouw ziet er schitterend uit, het interieur van hun huis zou niet misstaan in een woonstyle magazine, de tapas hapjes zijn heerlijk en smaakvol opgemaakt. De vrienden feliciteren hem uitbundig, toasten op zijn gezondheid, lachen en vermaken zich opperbest. Trots neemt Jan een aantal van hen mee naar de garage, waar hij zijn nieuwste aanwinst laat zien. Een Ducati Desmosidici, felrood. Een spiksplinternieuwe MotoGP replica waarvan er wereldwijd maar 1500 zijn gemaakt.
Als ze weer binnen komen vertelt hij zijn vrienden dat hij even nieuwe drank moet halen uit de wijnkelder. Hij glipt zijn werkkamer binnen, pakt zijn mobiel en belt Eline. Ze neemt niet op. Straks nog een keer proberen. Breed lachend loopt hij de woonkamer terug in, een fles wijn in de hand. Hij kust zijn vrouw die met genoegen vaststelt dat ze een knappe, stralende man heeft.


13 reacties

pally · 30 augustus 2012 op 12:30

Ik had het aangevoeld, ik moest die stiekeme Jan vanaf het begin al niet….Je hebt daar mooi naar toe geschreven, Syl! Mooi ook om te zien hoe je jouw ongeluk naar dit verhaal verplaatst hebt. Ben benieuwd naar de rest: het eind? Waarin ik vermoed dat die eikel de kous op zijn kop krijgt… Ik wacht(on)geduldig af,

groet van pally

SIMBA · 30 augustus 2012 op 13:24

Wat is Jan van plan…..je weet er wel telkens een wending aan te geven, erg leuk want zo blijft het boeien!

Mien · 30 augustus 2012 op 13:30

Mmmm … Ik begin het verhaal nu ook boeiend te vinden.
Het clinische is ervan af.
Je houd het verhaal goed open, wat prikkelt.
Laat 10 dus maar gauw komen.

Mien Bonanza

Jip · 30 augustus 2012 op 13:53

Wat een rot paard zeg! En die Jan die mag van mij ook een ongeluk krijgen in die rode auto van hem!
Woef! Jip

Sagita · 30 augustus 2012 op 14:07

Ja leuk vervolgverhaal met veel verwikkelingen! Ik heb wel een opmerking over het perspectief. In het eerste hoofdstuk ben je begonnen met het ik-perspectief.
In hoofdstuk 2 ga je over naar het perspectief Eline en in dit hoofdstuk stap je ook over naar het perspectief Jan! Eline en Jan kan je nog vangen onder de noemer ‘Alleswetende verteller’, maar het ik-perspectief past daar zeker niet onder.

Daar moet je dus nog wel even naar kijken. Neemt niet weg dat het knap van je is, om zo een lang fictie verhaal te schrijven!

Ik ben benieuwd naar het vervolg!
groet Sa!

Libelle · 30 augustus 2012 op 16:29

Rode motor woefke.

Libelle · 30 augustus 2012 op 16:38

Potver, die Jan.
Ik denk dat hij asperger heeft. Die gaat haar slopen, wat ik u brom.
Het fijne van het verhaal is dat er niets stoort onderweg, zoals een nieuwe fiets het mogelijk maakt om volledig van de natuur te genieten.

Jip · 30 augustus 2012 op 19:20

eeh maar een auto heeft toch ook een motor? Maakt niet uit. Als die engerd maar verongelukt en hopelijk zit Eline niet achterop!

lisa-marie · 30 augustus 2012 op 23:29

badeendjes jan, wat een botte hork en een gluiperd in zijn digitale wereld..
kijk al uit naar deel 10 enne.. niet te snel dat ongeluk laat jan maar effe lijden

sylvia1 · 31 augustus 2012 op 08:07

Scherp gezien! De monoloog aan het begin is bedoeld als zo’n tekstje vooraf aan het daadwerkelijke verhaal (heeft dat een naam?). In het verhaal zelf is meestal geschreven vanuit Eline, maar ook Suzanne, Jan en Lars (die laatste is niet op cx gekomen) zijn regelmatig aan het woord, soms zelfs een heel hoofdstuk. Misschien komt dat anders over omdat ik het voor cx ingekort heb.

sylvia1 · 31 augustus 2012 op 08:09

Dankjewel voor de reacties. Deel 10 is gisterochtend al ingestuurd, met 1 column in de wachtrij, en dat was Eline 9…
(Maar ik zie dat er nu gelukkig weer 7 staan!)

Yfs · 31 augustus 2012 op 09:26

Héél bijzonder. In plaats van ons af te laten vragen waarom Jan zo bot reageerde, laat je ons nu afvragen hoe Eline met zijn reactie om zal gaan. Verrassend (en meteen verlossend) om nu opeens vanuit Jan zijn denkwijze te lezen. De spanning en euforie begint een naar bijsmaakje te krijgen en bevestigt steeds meer dat liefde het enige spel is waarbij er twee verliezers kunnen zijn. So sad!! 🙁

spaans · 1 september 2012 op 15:39

Ik ga supersnel 8 delen lezen. En googlen op “Ducati Desmosidici”. Wat een leuk verhaal. Het leest heerlijk weg.

Geef een antwoord