Schrijven

Ik werk al een paar jaar aan een boek. Een dik boek. Een ingewikkeld boek. Het gaat over een gebeurtenis die het aanzien van de aarde verandert. In de loop van eeuwen. Daar is veel research voor gepleegd. En heel veel schrijfwerk. Pakken papier de prullenmand in. Nog veel meer papier door de printer. Totdat het in m’n bureaula verdwijnt. Om te bezinken. Om afstand te nemen.

Sexcampagne 3VO

Ik ben het zonder meer met Raaf eens dat het pesten (= werkverschaffen) van instanties als 3VO een prettige en wellicht zelfs nuttige bezigheid is. (zie column Raaf ‘Sex achter het stuur’) Prettig omdat het je gemoed tot bedaren kan brengen en nuttig om te voorkomen dat onze burocraten anders helemaal vergroeien met hun stoel of koffieautomaat.

Deurope, bliklos, bandweg

‘Kijkes!’ zei Willem triomfantelijk.
We zaten in de auto en reden Hilvesum uit. Dat hele bezoek was een sof geweest. Een wantrouwige kroegbaas waarvan je niets mocht fotograferen en geen woord mocht noteren. Een ijverige bewonderaar die je overal boven op je lip stond. Een ouwe schuur als museum met achterin in een kast bijna voor het grijpen de laatste aflevering. Hoe moest je die in vredesnaam stelen onder de ogen van die twee gasten? Hoe kon ik zo mijn schuld inlossen bij Willem. Het kwam er niet van. Ik zat er mooi mee.

Wild!

Drie vakantiewekenlang is Gelderland mijn provincie. Ik ben dol op de Veluwe met haar bossen, heide, zandverstuivingen en ‘wilde’ dieren. Vandaag ben ik bijzonder in mijn nopjes want we gaan op zwijnenjacht! We hebben camouflagekleding aangetrokken, de remmen van onze fietsen gesmeerd en het fototoestel op scherp gezet.

How my first joint changed my life

Ik zit een beetje in een MEGAdip, dus bel ik mijn vriendin Suus (Suzanne voor not-intimi) op voor crisisinterventie. Aan mijn hyperventilerende piep- en snikgeluidjes, maar vooral de oorzaak hiervan (ik wil mijn ex alias ‘die eikel’ terug), besluit zij om acuut in de auto te stappen en me te behoeden om hem smekend te bellen om godverdomme dat 16 jaar oudere wijf van hem te dumpen en bij me terug te komen. ‘Boehoe, snik. Suus neem een joint mee, wil je?’ ‘WAT? Daar ben jij toch faliekant op tegen,’ blèrt ze verwijtend in mijn slechte oor.