Kloostermoppen

Een non, glimlachend op het bordes met flapperende kap en habijt. Het wit van haar stijve slabbenkraag fel afstekend tegen het grote bakstenen gebouw in de zon. Dat zagen wij als we kwamen aanrijden in de auto via de knarsende grind-oprijlaan : mijn vader, tweede moeder en onze zes kinderen voor het jaarlijkse bezoek op zondag.

Slakkenpils

Blij kom ik van de boekwinkel thuis met het nieuwe leesclubboek ’Rivier van vergetelheid’ geschreven door Philippe Claudel. Soms is een boek al mooi door titel of omslag. In dit geval door allebei. De kaft toont een vrouwengezicht getralied door de voile van haar hoedje. Ik maak de plastic tas open en vind daarin behalve bovengenoemde roman een kleurige‘Tuinkrant’ waar ik absoluut niet om heb gevraagd. Behept met veel tuinplezier maar weinig tuinaanleg begin ik er toch maar even in te bladeren.

Hoort uw wijk erbij?

De nieuwe minister Vogelaar is enthousiast begonnen. Vandaag hoor ik op het NOS-journaal dat er een heleboel wijken, vooral in de grote steden als probleemwijken worden gekarakteriseerd. Daar moet de komende jaren veel gaan veranderen. Er is een flinke zak met geld voor vrijgemaakt.

De nieuwe gele jurk

Zo warm – twintig graden – dat ik me in de boomgaard kan nestelen. Op 12 Maart! Bleke huid wordt uit een trui gepeld. Stoffige stoelen sleep ik uit hun winterslaap tot onder een nog kale appelboom – de lucht is anders zo hoog- waar ik ze weer helderblauw wakker wrijf. Een dekbed hangt nog wat onwennig aan de lijn te drogen. Roerloos. Bijna roerloos. Bij lang kijken zie je lome beweging.