Ruilhandel

Hij doet het liever met condoom, hoewel dat minder oplevert. Dat spul in zijn mond. Het blijft kleven aan zijn tanden, zijn gehemelte. Die scherpe nasmaak. Radijsjes proeven zo als je ze hebt doorgeslikt.

Grafrede

Wat kon je mooi voorlezen, Pa. Een van de eerste dingen, die ik me herinner. Je ging er ook heel lang mee door: sprookjes, W.G. van der Hulst; en het groeide mee: De Scheepsjongens van Bontekoe en Niels Holgerssons Wonderbare Reis. Al die stemmen van scheepslui en dieren zaten in je repertoire. De fabeltjeskrant werd door drie acteurs ingesproken; ze waren met jou nog voordeliger uit geweest. Urenlang kon ik naar je luisteren.

Face in the mirror

Ik weet niet meer wie ze is, maar toch kom ik nog dagelijks bij haar op bezoek. Als alle mensen verdwenen zijn, blijf ik nog steeds bij haar. Ik weet niet eens wat er met haar gebeurd is en toch blijf ik hier bij haar zitten van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Daarna ga ik slapen en droom ik haar dromen, haar herinneringen en nachtmerries. Als ik met tranen in mijn ogen wakker word zie ik weer haar bleke gezicht boven de lakens uitsteken. Ogen nog steeds gesloten, alsof ze niet meer wil kijken.

Er zij licht?

‘Mijnheer Rembrandt, het begrip eeuwigheid gebruikt u wel héél lichtvaardig’, zei Einstein. ‘U bent nog geen vier eeuwen hier!’ De grijsaard antwoordde dat de eeuwigheid dan wel héél erg lang moest duren voor een gewone sterveling. En of hij dát wilde!?

Ladekast.

Onlangs las ik het verhaal van een vrouw die een paar maanden in coma had gelegen en nu veel problemen had met haar geheugen. Elke morgen als ze wakker werd wilde ze haar moeder gaan bellen die al jaren dood was. Iedere dag kreeg ze dus opnieuw te horen dat haar moeder was gestorven. Afschuwelijk, als je niet meer kunt vertrouwen op je eigen hoofd.