Er was vanavond een interessante reportage bij Een Vandaag op de AVRO te zien over de geplande zelfdoding van een bejaarde man, Obbe Terpstra. Obbe verloor zijn vrouw na een langdurig ziekbed aan kanker, werd langzaam maar zeker steeds blinder en had zijn plezier verloren in het leven, wat hem had doen besluiten op termijn zijn leven te beeindigen. Hij sprak hier openlijk over, gaf zelfs een interview aan Een Vandaag over zijn genomen besluit. De verslaggever die hem het interview afnam probeerde zich in het standpunt van Obbe te verplaatsen, maar had daar grote moeite mee, zo schemerde door in zijn vragen. Enigszins wanhopig vroeg hij Obbe, tegen het einde van het interview: “Maar meneer Terpstra, hoe zit het dan met het menselijk recht om te leven?”

Als psycholoog in opleiding, als psycholoog voor wie mogelijk een toekomst in de ouderenzorg ligt, kan ik me indenken dat ik op een gegeven moment met mensen als Obbe Terpstra te maken zal krijgen. Mensen die aan het einde van hun leven het plezier in hun leven langzaam maar zeker zijn kwijtgeraakt. Die hun partner hebben verloren, die ervaren hoe hun kennissenkring kleiner en kleiner werd doordat ze steeds meer leeftijdsgenoten om hen heen hebben zien wegvallen, die geconfronteerd werden met de toenemende gebreken van het menselijk lichaam en de achteruitgang in de geestelijke vermogens. Kwetsbare, oudere mensen die naarmate de jaren vorderen steeds minder goed in staat zijn de klappen te pareren die het leven hen toebrengt, en langzaam maar zeker in een bodemloos ravijn vallen die we in de wetenschap een depressie noemen.

Wanneer ik iemand als Obbe in het werkveld zou tegenkomen, zou ik er alles aan doen om hem een andere kijk op het leven te geven. Hem het plezier te laten hervinden in het leven. Hem weer doen uitkijken naar dingen die hem geluk zouden kunnen brengen, ook al zijn het maar kleine dingen. Ook al is het maar een klein stukje muziek op zondagochtend (Obbe Terpstra kon namelijk incidenteel nog best genieten van muziek). Het laatste wat ik zou doen is accepteren dat deze persoon klaar is met zijn leven, genoeg heeft gezien, en me erbij neerleggen dat hij gewoon wil gaan slapen om niet meer wakker te worden. Simpelweg omdat een psycholoog de taak heeft zich in te zetten voor het hervinden van de levensvreugde van zijn patient. Voor het bieden van uitzicht, waar uitzichtloosheid zich in alle facetten van het leven begint te uiten. Maar van binnen, diep van binnen, zou ik worstelen met mezelf. Omdat ik kan begrijpen, dat een willekeurige Obbe Terpstra, op die leeftijd en in die levensomstandigheden, besluit dat het mooi is geweest en het voor gezien wil houden.

Het is niet dat ik vind dat Obbe Terpstra een hopeloos geval is. Of dat hij een leven heeft wat echt niet de moeite waard is om voor te blijven leven. Daar gaat het niet om. Het heeft er vooral mee te maken dat ik vind dat wanneer het einde van het leven nadert en de kwaliteit van het leven steeds verder afneemt, de mens zelf moet mogen beschikken over zijn leven. En daarmee dus ook over zijn dood. Dat in zulke gevallen niemand het recht heeft om deze mens het recht op zelfbeschikking te ontnemen. Dat wanneer je na lang wikken en wegen besluit dat je niet verder wil, omdat het leven je zo weinig perspectieven biedt en het uitzicht op geluk zo ver weg ligt dat je het volledig kwijt bent geraakt, het jóuw recht is om te beslissen of je voor dat leven wil kiezen of niet. Ik geloof in het recht op leven. Maar ik beschouw het recht op leven als een zuiver recht, en niet als een kiezelharde plicht.

Natuurlijk weet ik wel dat je de nuances niet uit het oog mag verliezen. Dat er situaties zijn waarin men niet goed in staat is de kwaliteit of het perspectief van het eigen leven te overzien, en het niet juist is om de moed te snel op te geven terwijl er nog mogelijkheden denkbaar zijn om dat leven een nieuw impuls te geven. Ik vind dan ook dat tussen het besluit om te sterven en het daadwerkelijke levensbeeindigen, een ruime periode moet bestaan waarin je ieder mogelijk middel moet aangrijpen om iemand een ander perspectief te bieden en de kwaliteit van het leven te verbeteren. En hoe dan ook ben ik van mening dat dit geval duidelijk verschilt van levensvermoeidheid bij mensen die nog niet de bejaarde leeftijd hebben bereikt of ernstig ziek zijn, mensen die lichamelijk nog tot veel in staat zijn en nog volop in het leven staan. Maar voor diegenen die op bejaarde leeftijd besluiten te sterven, moet dit op een goede manier mogelijk zijn, vind ik. De enige plicht die deze mensen in mijn ogen hebben, is de plicht om te mogen.

De zoon van Obbe vertelde hoe de laatste dag van zijn vader zich voltrok. Obbe was opperbest gestemd toen hij zijn zoons uitnodigde voor een glas wijn bij hem thuis. Hij vertelde hen dat hij had besloten dat dit de dag zou zijn waarop hij zou sterven. Obbe zou met zijn rug naar zijn zoons hebben gestaan toen hij een slaapmiddel innam met zijn laatste slok wijn. Hij ging op bed liggen, sloot zijn ogen en zei: “Jongens bedankt voor alles, nu wil ik gaan slapen.”

Obbe Terpstra werd 86 jaar.


4 reacties

Bitchy · 19 januari 2007 op 16:15

Een onderwerp van beide kanten belicht. Mijn eerste gedachte is, wat een held is die Obbe, ik zou denk ik niet de moed hebben om het doen.

Knap be- en omschreven!

pally · 19 januari 2007 op 16:52

Een integere column over een moeilijk onderwerp.
Goed onderbouwd, maar wel een beetje saai. Misschien iets te wetenschappelijk naar mijn smaak.
De laatste alinea is menselijker en misschien daarom voor mij het beste stuk.

groet van Pally

SIMBA · 19 januari 2007 op 18:21

Een heel moeilijk onderwerp, ik vind het lastig om een standpunt in te nemen. Elke situatie is weer anders.
Goed dat je erover schrijft!

arta · 20 januari 2007 op 14:07

Ook ik heb dit stukje met gemengde gevoelens gelezen! Van de éne kant begrijp ik Obbes keuze helemaal, van de andere kant is het in mijn ogen zonde om een , op slechtziendheid na, gezond mensenleven te beeindigen, vooral omdat het vol onverwachte dingen zit, die ineens een positieve wending aan een troosteloos leven kunnen bieden.
Pakkend onderwerp, ben het wel met Pally eens, het was wel vrij taai leesbaar!
🙂

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder