Hoer, siste hij.
Dat klopt, dacht ik, terwijl hij dwingend zijn hand op mijn hoofd legde.
Buiten woei het als nooit tevoren. Als de opkomende storm door zou zetten zou ik geen andere keus hebben dan de nacht bij hem door te brengen.
Ik moest er niet aan denken. Wederom lukte het me niet om de neiging om te kokhalzen te onderdrukken.
Ik focuste me op mijn dochter en de nieuwe schoenen die ik haar beloofd had te kopen.
Hoe kon ik haar iets weigeren.
De belofte die ik mezelf gemaakt had om nooit meer in deze positie terecht te komen wilde ik het liefst zo snel mogelijk vergeten.

Ik was een ramp, een regelrechte teleurstelling.

Even voelde ik een vlaag van woede opkomen tegenover mijn ouders. Hoe in godsnaam hadden ze ooit een kind op de wereld durven te zetten? Twee genetische miskleunen: Een alcoholist en een psychoot. Dat was vragen om ellende. De grootste imbeciel had dat kunnen voorspellen.

[i]”Je bent een hoer” siste mijn vader.
Even daarvoor had hij me betrapt met een jongen.
We hadden gezoend. Ik was net vijftien. Hij was de eerste maar zeker niet de laaste jongen die mijn hart zou breken.
Mijn moeder huilde. Ik geloof niet dat ik haar ooit heb zien lachen zolang mijn vader in haar buurt was.[/i]

Ik ontdeed me van mijn laatste kledingstuk en maakte werktuigelijk de bewegingen die de man boven mij tot een hoogtepunt moesten brengen.
Ik ben een hoer, en een slechte ook nog, ging het door me heen.
Als ik nu toeschouwer was geweest zou ik er waarschijnlijk om moeten lachen.

De storm zette door. Wanneer rampspoed eenmaal in werking was gesteld leek er met geen mogelijkheid meer aan te ontkomen; het bouwde zich op en leek zich te voeden met iedere voorgaande tragedie.
Voor 200 euro blijf ik bij je slapen, anders ga ik nu naar huis, blufte ik.

Het stormde niet alleen maar de regen kwam nu ook met bakken uit de hemel vallen. Buiten hoorde ik het geluid van sirenes. Alsof ik nu nog naar huis zou gaan, anderhalf uur hier vandaan. Geld voor een taxi had ik niet. Al mijn opties waren met de wind in het niets verdwenen. Mijn dochter was bij haar vader. Bij de gedachte aan haar voelde ik een steek dwars door mijn hart gaan.

Hij accepteerde mijn aanbod zonder tegen te stribbelen.
Sta maar op, zei hij.
Plotseling verslagen keek hij me aan.
“Vandaag is het exact vier jaar geleden dat mijn vrouw is overleden.”
Hij wees naar de klok, het was twaalf uur.

“Vandaag is het exact een jaar geleden dat mijn dochter is geboren.”
Ik huilde. Mijn hele lichaam trilde.
Een omhelsing volgde.

“Het spijt me” zei hij
“Het spijt me echt.”

[i]De wstorm was eindelijk gestaakt met het breken van takken, het afschuiven van dakpannen en met het tegenhouden van de stappen die ik met veel moeite had weten te nemen. Alles was stil. Soms hoorde je zachtjes het geruis van een boom of het geluid van een opvliegende vogel, maar behalve dat leek het alsof de hele wereld gestopt was met ademen, of misschien juist begonnen. Voor me stond mijn dochter. Trots, pronkend in haar nieuwe schoenen. Ze waren de laatste herinnering aan mijn oude leven.[/i]


10 reacties

Trukie · 29 januari 2007 op 17:40

Troy hij is weer mooi.

Chantalle · 29 januari 2007 op 17:52

Kippenvel!

SIMBA · 29 januari 2007 op 18:39

Adembenemend.

DriekOplopers · 29 januari 2007 op 21:19

Luguber. Hartverscheurend somber.

Mooi gedaan, maar dat is het altijd als je wat schrijft. Wat kan ik verder nog zeggen???

Driek

Li · 29 januari 2007 op 22:49

Een echte Troy, maar toch weer anders.
Steeds weer boeiend en aldoor verrassend.

😀

pally · 29 januari 2007 op 22:53

heel apart, mooi geschreven!
Pally

arta · 30 januari 2007 op 10:50

Móóói!
🙂

Linkesoep · 30 januari 2007 op 12:17

Wauw. Het begint zo donker en dan opeens is daar een zonnetje aan de horizon.

Heel gaaf. :wave:

Bitchy · 30 januari 2007 op 16:09

*sught*

Twee donkere zielen die bijna licht geven aan het einde, tenminste zo wil ik het lezen, ben en blijf een romantica.

Dees · 30 januari 2007 op 18:21

Je hebt je schrijven een beetje uitgekleed, misschien door reacties van de vorige keer? Hoe dan ook, het resultaat is mooi.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder