Ze zijn anders

Ik vraag me vaak af hoe ze denken, hoe ze werken, wat ze doen, wat gaat er in hen om. Ze zijn, anders dan ik maar hoe anders zijn ze? Vroeger, toen ik een jaar of 6 was merkte ik het verschil niet eens, het was er wel maar je zag ze als gelijken. Ze waren anders en raar maar toch het zelfde als ik. Het enige verschil was dat ik met een emmer op mijn kop dacht dat ik in het leger zat en dat zij met hun kinderwagen de straat onveilig maakte.

Op de vlucht

Willem lag roerloos op de grond. Plotseling zag ik beelden van John en Alex aan de deur. Ze zouden niets vragen. Ze zouden zo naar binnen lopen. Ze zouden mij buiten westen slaan en daarna Connie.
‘Je hebt ’m doodgeslagen!’ riep Connie vol afschuw. Ze was naast Willem in het gras gaan zitten. Ze tastte naar zijn hals.

Onhandig

Als je mij met één woord zou moeten beschrijven, zou ‘onhandig’ het meest treffend zijn. Niet alleen in de figuurlijke zin van het woord, alhoewel mijn PMS-dagen dit vaak wel doen vermoeden. Nee, ook de meest letterlijke uitleg is mij op het lijf geschreven. Ik heb er namelijk maar één. Hand, welteverstaan.

Het (voor)spel

Vroeger was daten nog leuk. Of eigenlijk, zoals bij zoveel activiteiten, het voorspel was leuk. Het uitzetten van de wervingscampagne, het doorspreken van de verschillende marketingstrategieën en de anticipatie op het gewenste resultaat waren onze voornaamste agendapunten bij pyjamavergaderingen.

Oppassen

Vriendin moet werken en haar vaste oppas is verhinderd. Of ik op haar 3 kinderen wil passen tussen 12.16 uur en 16.01 uur. Ik hoef ze niet van school te halen. Of vriendin daar over nagedacht heeft weet ik niet maar ik kan me daar iets bij voorstellen.